Koeien:

Vroeger leefden koeien in het wild en werden ze ook helemaal niet gemolken, want daar waren ze veel te onrustig voor. Het vlees van de koeien werd ook niet gebruikt want mensen konden die hoeveelheid niet vervoeren. Vroeger werd er enkel op koeien gejaagd voor hun hoorns, daar konden ze geld voor krijgen.

Tegenwoordig houden mensen koeien voor de melk en het vlees.

Van koeien zijn er een heleboel rassen. In Nederland zien we heel veel roodbonte en zwartbonte koeien. Ze grazen meestal in weilanden en anders staan ze in de stal. De boeren kopen koeien op de veemarkt waar ze vaak als kalveren komen. Deze markten zijn er meestal eens per week. De kalveren zijn vaak nog heel erg jong als ze naar de markt gaan.

Als de koeien volwassen zijn, zijn ze gedurende 11 tot 12 jaar productief. Dat wil zeggen dat ze dan melk kunnen leveren. Voor een boer is het dus het beste als hij een zo jong mogelijke koe koopt zodat hij nog veel melk van deze koe kan krijgen. Als de koeien wat ouder zijn worden ze aangeboden voor de slacht en leveren ze dus vlees.

 

 

Koeien moeten een identificatie hebben, dit is een tatoeage, brandmerk, oormerk, halsband of ketting met nummers. Dit is in veel landen verplicht in verband met koeienziektes die besmettelijk kunnen zijn. Wanneer ze besmettelijk zijn kunnen ze worden overgebracht naar de mens als die het vlees eet. En zo kan de mens dus ook ziek worden.

Een koe is gezond als ze werkzaam en actief is, zelfs als ze liggen en bezig zijn met herkauwen kijken ze nog om zich heen om te zien wat er allemaal aan de hand is. Kenmerken van een gezonde koe zijn: heldere glanzende ogen, een vochtige snuit, een vochtige schone roze rand rond de bek, lippen en neusgaten en een zachte soepele huid.

Koeien hebben een eigenaardige manier van grazen. Ze slingeren hun lange tong om een plukje gras, duwen het vervolgens tegen de snijtanden in de onderkaak en rukken het met een korte beweging van de kop af. In weinig tijd kan een koe zo een geweldige hoeveelheid gras naar binnen werken. Per dag wel zo’n 70 kilo. Dat kan, omdat koeien over een heel bijzondere spijsvertering beschikken. Hun maag bestaat uit 4 verschillende afdelingen terwijl wij mensen er maar 1 hebben. Deze afdelingen hebben een naam:
  1. Pens
  2. Netmaag
  3. Boekmaag
  4. Lebmaag

Dit kan je goed onderscheiden op het volgende plaatje:

Het ongekauwde gras komt de pens binnen, die is heel groot. Als de koe genoeg heeft gegeten gaat ze op een rustig plekje liggen kauwen. Let op! Ze begint dan pas met kauwen dus er is nog geen sprake van herkauwen.

Het kauwen gaat als volgt: Beetje bij beetje komt het voedsel weer terug in de bek vanuit de pens. Dan wordt het heel zorgvuldig fijngemalen in de bek tussen de brede kiezen. Het wordt steeds weer doorgeslikt en weer terug gehaald totdat het voldoende fijn is gekauwd. Dan gaat het fijngemalen gras naar de netmaag en meteen door naar de boekmaag. Hier wordt het vocht uit het voedsel geknepen. Alleen het vaste voedsel gaat door naar de lebmaag waar het verteringsproces verder gaat.

 

Nog een weetje:

● Een koe geeft enkel melk als ze ieder jaar kalft. (= een kalf krijgen)

Wil je weten hoe een kalf geboren wordt? Klik dan hier.

Terug naar de dieren van de boerderij? Klik dan op de koe.