Oefentoets Fenotype en Genotype:

 

1. Een zichtbare eigenschap maakt deel uit van het fenotype van een organisme
Ja
Nee

2. Het fenotype van een organisme ligt vast op het moment van bevruchting.
Ja
Nee

3. Het genotype van een organisme ligt vast op het moment van bevruchting.
Ja
Nee

4. Het fenotype kan veranderen door invloeden uit het milieu.
Ja
Nee

5. In de afbeeldingen hieronder zie je een foto van een kikkervisje en een kikker.

 

Hetzelfde dier op twee momenten:

Hebben het kikkervisje en de kikker hetzelfde fenotype?
Ja
Nee

6. In de afbeeldingen hieronder zie je een foto van een kikkervisje en een kikker.

 

Hetzelfde dier op twee momenten:

Hebben het kikkervisje en de kikker hetzelfde genotype?
Ja
Nee

7. Bevatten de chromosomen in de cellen van je ogen de informatie van je oogkleur?
Ja
Nee

8. Bevatten de chromosomen in de cellen van je maag de informatie voor je oogkleur?
Ja
Nee

9. Eva heeft haar haar blond geverfd. Is haar genotype nu veranderd en haar fenotype?


Genotype wel, fenotype niet
Genotype niet, fenotype wel

10. Ivo zijn huid is bruiner geworden door de zon. Is zijn genotype nu veranderd en zijn fenotype?


Genotype wel, fenotype niet
Genotype niet, fenotype wel