Diamant, C

De naam diamant is afgeleid van het Griekse woord "adamas", hetgeen "onbedwingbaar" betekent. De diamant is waarschijnlijk de bekendste edelsteen, en de kostbaarste! Diamant is een mineraal dat uit zuivere koolstof, C, bestaat. Het mineraal heeft met andere woorden dezelfde samenstelling als het mineraal grafiet dat ook uit zuivere koolstof bestaat. Deze twee mineralen lijken echter niets op elkaar. Grafiet is een zacht, zwart mineraal. Zo zacht dat het zwarte strepen achterlaat als je met het mineraal over papier gaat. Vandaar dat het in potloden gestopt wordt zodat je er mee kunt schrijven. Diamant daarentegen is een verschrikkelijk hard mineraal (hardheid: 10), het is het hardste mineraal dat we kennen!

geslepen Diamant

Diamant is een uniek mineraal. De vorming is bijzonder. Het is bovendien zeer bijzonder dat we dit mineraal überhaupt op het aardoppervlak kunnen vinden. Voor de vorming is een hoge temperatuur en een zeer hoge druk nodig. Deze druk is zo hoog dat die niet in de buitenste schil van de aarde, in de aardkorst, voorkomt. Diamant wordt op nog grotere diepte, in de aardmantel, gevormd. En alleen door een zeer speciaal vulkanisch proces kan de diamant verplaatst worden naar het aardoppervlak. Dit vulkanische proces zorgt er voor dat brokstukken gesteente uit de mantel, waar de diamanten inzitten, door een lava zeer snel naar het aardoppervlak gebracht worden. Dit proces moet zo snel gaan dat de diamant eigenlijk geen tijd heeft zich aan te passen aan de afnemende druk en temperatuur. Als dat wel zou gebeuren zou de diamant onderweg overgaan in de zwarte grafiet! De brokstukken mantelgesteente met daarin de diamanten komen terecht in een vulkanisch gesteente. Kimberliet is een voorbeeld van een vulkanisch gesteente waar diamanten in gevonden worden. Omdat kimberliet vaak een blauwige kleur heeft wordt kimberliet ook wel "blue ground" genoemd. Na verwering krijgt kimberliet een gelige kleur, vandaar de naam "yellow ground". Het gesteente kimberliet is genoemd naar de streek Kimberley, Zuid Afrika, waar veel diamanten gevonden worden.

Het is het makkelijkst om die diamanten te winnen die in de verweerde kimberliet, de "yellow ground" zitten. Dit verweringsprodukt bestaat vaak uit losse deeltjes waar de diamant uitgewassen kan worden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het feit dat diamanten relatief zwaar zijn (s.g.: 3.52). Door de yellow ground te wassen met een relatief zware vloeistof worden de diamanten gescheiden van de rest omdat de diamanten bezinken in de zware vloeistof terwijl de andere mineralen juist gaan drijven. Veel diamanten zitten er niet in. In Kimberley is de verhouding diamant:moedergesteente gelijk aan 1:8.000.000. Op andere plaatsen kan dit oplopen tot 1:30.000.000.

Diamanten kunnen ook uit het gesteente losgemaakt worden om vervolgens meegevoerd te worden door rivieren. Zo kunnen de diamanten tussen zandkorreltjes in rivierafzettingen terecht komen. Met heel geduldig "pannen" (in een pan waar water en zand- en diamantkorreltjes aanwezig zijn een scheiding aanbrengen tussen zwaardere en lichtere deeltjes door het water met de korrels op en neer te bewegen) is menige grote diamant gevonden!

Naast het bijzondere ontstaan heeft het mineraal ook nog eens zeer bijzondere eigenschappen! Diamant vormt kubische kristallen die vaak de vorm van een octaëder hebben. De kristallen zijn meestal heel erg klein. Als je de diamantkristallen ziet zou je niet zeggen dat zij als edelsteen gebruikt worden. De kristallen zien er dof uit en hebben vaak een vettige glans. Desalniettemin heeft het mineraal eigenschappen waardoor het na bewerking een zeer geliefde edelsteen is. Dit heeft het mineraal te danken aan een zeer hoge brekingsindex, n=2.42, en een zeer sterke dispersie. Deze eigenschappen komen het beste tot uiting als een heldere, transparante, diamant geslepen is in een slijpvorm met veel facetten zoals b.v. de briljantvorm. Gewoon wit licht dat op de briljant valt wordt gebroken en gereflecteerd. Het licht dat gebroken is wordt binnen in de slijpvorm tegen de facetten gereflecteerd om uiteindelijk aan de bovenkant weer naar buiten te komen. De diamant schittert! Tijdens dit proces splitst het witte licht zich in lichtstralen met blauwe, rode, groene en gele kleuren (dispersie). De diamant schittert niet alleen, ook mooie kleuren flitsen tevoorschijn!

De bewerking van diamanten is niet makkelijk. Dit heeft twee redenen. Diamant is een zeer hard mineraal. Het is het hardste mineraal dat wij kennen. Als we het willen slijpen kunnen we dat alleen maar met diamant-poeder doen want andere mineralen zijn hier te zacht voor. Het mineraal is echter niet in alle richtingen even hard. Alleen in de richting loodrecht op de octaëder vlakken is het zeer hard. In de richting evenwijdig aan de octaëdervlakken, dit is de richting waarin de splijtvlakken door het mineraal lopen, is het mineraal zeer bros. Een klein tikje en de diamant splijt. Vroeger werden diamanten niet geslepen maar gekloven. Door gebruik te maken van de zwakke richtingen binnen het kristal werd de diamantoctaëder door klieven in model gebracht. Het klieven was een riskante zaak. Een verkeerde tik en je diamant kon in de prullenmand! Vandaar dat men tegenwoordig de diamanten doorzaagt en slijpend in elk gewenst model brengt. Omdat een diamant in de richting evenwijdig aan de octaëdervlakken zo bros is wordt een diamant, of hij nu in de vorm van een briljant of in een andere vorm geslepen is, in een sieraad altijd omgeven door een zetting die de diamant beschermd.

Het gewicht van diamanten wordt, als het gewicht van vele edelstenen, uitgedrukt in karaten. De naam karaat is afgeleid van de Griekse naam voor de Johannesbroodboom (Ceratonia siliqua). Toen men nog geen nauwkeurige weegschalen had werden de vruchtjes van deze boom gebruikt als gewichtjes. De zaaddoosjes waren zeer constant in gewicht, nl. 200 milligram. Dit is het gewicht van 1 karaat. (in 1 gram gaan dus 5 karaten). In 1907 werd de karaat opgenomen in het metrieke stelsel; een karaat komt overeen met 200 milligram. Een karaat wordt onderverdeeld in 100 puntjes. Een andere gewichtseenheid is grein. Een grein komt overeen met 25 punt ofwel een kwart karaat.

De prijs van een diamant is afhankelijk van vier factoren. Deze factoren zijn de kleur, de zuiverheid, de slijpsel-kwaliteit en het gewicht. De kleurloze diamanten brengen het meeste geld op. Maar diamanten hebben ook vaak een lichtgele, lichtrode, lichtblauwe of lichtgroene kleur. De zuiverheid van een mineraal bestudeert men door met een loep met een vergroting van 10X de diamant te bestuderen. Zijn bij die vergroting geen insluitsels te zien dan heet de diamant loepzuiver. Zodra wel insluitsels te zien zijn daalt de waarde van de diamant aanzienlijk. Is de diamant kleurloos, loepzuiver en goed geslepen dan bepaalt het gewicht de prijs. De prijs wordt per karaat berekend.

Grote diamanten zijn zeldzaam. Vandaar dat de grote diamanten vaak een naam krijgen. Tot de bekendste ruwe diamanten behoren o.a. :

De bekendste ruwe diamanten ter wereld.
Naam Karaat    Vindplaats
Cullinan 3106 Zuid-Afrika
Ster van Sierre Leone    968.9 Sierre Leone
Groot Mogul 793 India
Jonker 726 Zuid-Afrika

Bekende geslepen diamanten zijn onder meer:

De bekendste geslepen diamanten ter wereld.
Naam Karaat    Eigendom
Cullinan I 530.2 nu in de Britse kroonjuwelen
Star of Africa    530.2 nu in de Britse kroonjuwelen
Cullinan II 317.4 nu in de Britse kroonjuwelen
Groot Mogul 280
Jonker 125
Koh-I-Noor 108.9 nu in de Britse kroonjuwelen
Blue Hope 45.52 nu in het Smithsonian Institute,
Washington, USA

Diamanten die geen edelsteen kwaliteit hebben worden in de industrie gebruikt in apparatuur t.b.v. zagen, slijpen en polijsten. Australië heeft, met een productie van 40.8 miljoen karaat diamanten per jaar, de hoogste produktie. Vervolgens komen Zaïre (20 miljoen karaat), Botswana (16.8 miljoen karaat), Rusland (12.5 miljoen karaat) en Zuid Afrika (9.1 miljoen karaat). Deze gegevens zijn van 1995.

[omhoog] [terug]