RAH Schepenbank Lummen nr. 92

1773-1778

Gichten Loons recht buiten vrijheid

 

A.H. Van Muysen secretaris               december 1772

 

Opmerking. De klerk die dit register schreef, was niet vertrouwd met namen en toponiemen. Verscheidene namen zijn dus fout gespeld.

 

1773, 12 januari. Folio 1

Akte van 03.12.1772 van notaris Joannes Antonius Put residerend binnen Beringen. Joufr. Maria Theresia Philippi huisvrouw van de heer Reijnerus Lonneux, verklaart dat ze de som van 400 gulden Brabants Luikse valuatie ontvangen heeft als afbetaling van het kapitaal van een jaarlijkse rente van 20 gulden. De rente stond geaffecteerd op goederen afgekomen van Jan Witters en Gertruijdt Smedts, gelegen in Coorsel (Koersel). Ze ontving het geld uit handen van Peeter Smeedts, Aerdt Convents, Francis Hendericx en Wilbordt Rogiers, allen quotatieve erfgenamen van Jan Witters en zijn huisvrouw voorschreven zaliger. Ze ontving eveneens de verlopen van de rente en de rente volgens tijdsverloop van 22 mei tot datum van vandaag. Daarom kwijt ze, voor haar helft van de rente en voor de helft van haar broer de experten heer doctor Henr. Bonif. Philippi van Dusseldorp, de bovenstaande personen en panden. Opgemaakt in het woonhuis van de heer Lonneux voorschreven in Beringen met getuigen Joannes Beckers en Antonius Rogiers. Op 11 januari 1773 bevestigt de heer Lonneux de ontlasting van de vier personen van deze rente voor notaris Joannes Antonius Put. Peeter Smeedts heeft op 12 januari deze stukken voorgelegd ter realisatie.

 

1773, 12 januari. Folio 2

Notariële akte van 26 januari 1773 (datum kan niet correct zijn; waarschijnlijk 1772), notaris Theodorus Pijp residerend in de stad Hasselt. De heer Henricus Pijp, oud-burgemeester van de stad verklaart dat hij op 1 juli van vorig jaar als rentmeester van de weledele heer Nicolaus Joannes Josephus de Libotton, heer van Kleijn Stevort, Peeter Smeets 'tot purgement geadmitteert' heeft van twee beemden gelegen onder Coursel genaamd "de Meijgoor". Er diende een rente van 10 gulden jaarlijks betaald te worden. Deze werd betaald met 8 gulden voor de heren schepenen van Lummen ten Loons recht in 1770 als Jan Witters geëvinceerd werd. Peeter Smeets heeft toen om tot purgement te komen van de gedesaiseerde goederen de som van 21 gulden twee stuivers en twee oort geteld en ervoor de berekening gekregen. Daarnaast betaalde Smeets nog 8 gulden intrest voor 2 jaar tot 1771. Samen gaat het om negenentwintig gulden twee stuivers en twee oort. De heer Pijp stemt toe in de realisatie van deze verklaring. Opgemaakt in het huis van de rentmeester in Hasselt met als getuigen de E.H. Henricus Pijp en Jaspart Briers van Wellen.

Voor akte en copije betaalde Peeter Smeets vier schellingen aan de notaris.

Op 12 januari 1773 leggen Aerdt Convents en Peeter Smeets de bovenstaande akte voor en verzoeken de realisatie.

 

1773, 16 januari. Folio 8

Peeter Schuermans is gehuwd met Allegondis Vandevoort "moie" van wijlen Anna Hanson, dochter van Catharina Van de Voort, die beiden overleden zijn.

Jan Vandevoort voor zichzelf en voor zijn zuster Cristina Van de voort getrouwd met Caspar Waerniers

Jan Stappaerts gehuwd met Allegond Vandevoort; Mari Vande voort gehuwd met Jan Erkens, Catharina Van de voort gehuwd met Philippus Vanroije, Barbara Van de voort gehuwd met Jacobus Gevers

Joannes de Gelinge voor zichzelf en voor zijn broer Andries Degelinge van wie de moeder Mari Vandevoort was; voor Anna Gelders waarvan de grootmoeder Mari Vandevoort voorschreven was.

Ze releveren de goederen die hen zijn aangekomen volgens akkoord of gift onder levenden of een andere titel van recht tot de onroerende goederen achtergelaten door wijlen Anna Hansen, begijn op het begijnhof binnen Hasselt, en die hier sorteren. Ze releveerden:

·een perceel land gelegen onder Schulen op t' Olinger Veldt, grenzend Henrick Van de vin O, Renier de Cleer Z en W, Peeter Kenis N

·een weide en boomgaard in Schulen gelegen op de Cleijn Herck, grenzend s'heeren straet O en N, de heer Briers Z, de Cleijn Herck W, sorterend in Schelen Hof van het klooster van Colen (correct?)

Er staat telkens "cleijn Kerck"

 

1773, 28 januari. Folio 12v

Peeter Pluymers man en momber van Catharina Genico en Joseph Genico hebben verzocht te releveren na de dood van hun ouders Joannes Genico en Maria Vander Hoeven zaliger: huis en hof in Linckhoudt gelegen, grenzend Peeter Leijnen O, de oude Demer Z, Gertruyd Jacobs W, de straat N; een perceel broek in Linckhoudt palend Peeter Lijnen O en N, de oude Demer Z, de prelaat van Averbode W; een perceel land genaamd "het Heufken" in Linckhoudt, grenzend hun eigen erf O, Jacobus Van Swievelt Z, het "Sleijmerstraetken" W, de Gemeijnte Straet N; een perceel land "de Goor" in Linckhoudt, palend Giardus Oeijen O, de erfgenamen Gerardus Gressens Z, de Goeren Straet W, de kinderen van Jan Boes N; een perceel land genaamd "het Lummens Velt" in Linckhout, grenzend "het Hamel Heijcken" O, de erfgenamen van Giardus Gressens Z, de Velt Straet W, "het Lummens Heijken" N; een perceel genaamd "het Achterste Lummens Velt" met een bosje daaraan in Linckhoudt gelegen, regenoten Christina Jacobs O, de oude Mangelbeek W, "het Hamel Heijcken" N, de kinderen van Joannes Boes Z; een perceel broek genaamd "het Houdt Bemdeken" in Linckhoudt palend Maghiel Van Uytrecht O, Peeter Lijnen W, de oude Mangelbeek Z, de kinderen van Geerdt Gressens N; een perceel broek genaamd "het Half Bonder" gelegen onder Schuelen, palend de prelaat van Averbode O en N, de scholtis Vandermaesen van Zonhoven Z, Hendrick Van Huijtrecht W. Het verzocht relief werd verleend en is in hoeden "gekeert".

 

1773, 28 januari. Folio 13

Relief Willebrordi Van Ubbel kinderen. Jan Van Nubbel, Arnoldus Van Nubbel, Hendrick Van Dueren nomine uxoris Anna Van Nubbel, Matheijs Goossens n.u. Geertruijdt Van Nubbel, Catharina Van Nubbel, verzoeken te releveren na de dood van hun ouders Willebrordus Van Nubbel en Catharina Bervoets zaliger. Het gaat om: huis en hof in Schalbrock, palend de gemeijnte aerdt van Schalbrock Z., Peeter Schoodts en Matheus Vander Maesen O, Jan Biessemans N, Lambertus Dierick en eigen erf W; een perceel land “het Lanck Heuken” in Schalbrock, palend Jan Biessemans N, Lambertus Dierick Z, Jan Meekens W, eigen erf O; een perceel broek “het Laethovens Eersel” in Schalbrock, palend de gemeente aard van Schalbrock O, des Heeren Straet N, de kinderen van Geerdt Gressens W, de oude beek Z; een perceel bampt “den Ossen Bamt” gelegen onder Schuelen, grenzend aan de Laeck Z, de Molenwegh W, de Groususters van Hasselt en Renier Le Claire N, mijnheer de Blisia O.

 

1773, 08 februari. Folio 14v

Scheiding en deling van de achtergelaten goederen van Jan Genico en Anna Maria Van der hoeven, beiden zaliger. Peeter Pluymers man en momber van Catharina Genico, Servaes Thullen en Maghiel Van der Hoeven als mombers van de minderjarige Joseph Genico gaan een deling aan na de dood van hun ouders. Er werden twee kavels gemaakt.

Onder kavel A viel:

·huis, schuur en stallingen met de gehele aanhang gelegen in Linckhoudt, grenzend Peeter Lijnen O, Paulus Aerts, Jacobus Van Swievelt en de letter B west, des heeren straet of heide N, de prelaat van Averbode en "het oudt revier" Z. Het is belast met 8 stuivers jaarlijks aan Catharina Maes van Viversel.

·een beemd daarnaast gelegen ook in Linchoudt, palend Peeter Lijnen O en N, het oudt revier Z, de prelaat van Averbode W. Belast met 1 gulden courant aan het begijnhof van Diest

·een deel in een beemd gelegen omtrent Paulus Aerts in Linckhoudt, grenzend Paulus Aerts O, de erfgenamen Geert Gressens W, "den Gravendeijck" N, Peeter Timmermans Z.

Kavel B omvat:

·het heufke gepaald met een paal O en Z, in Linckhoudt gelegen, grenzend kavel A O, de straat W en N, Jan Jacobus Van Swievelt Z

·een perceel land "de Goer" onder Linckhoudt, palend Gierdus Oeijen O, de Cleijn Goere Straet W, de erfgenamen Jan Boes N, de kinderen van Geert Gressens Z

·het "achterste Lummens Velt" met het bosje eraan onder Lummen, grenzend Misthien Jacobs O, "het Hamel Heijcken" W, de straat N, de oude Mangelbeek Z. Belast met 4 gulden jaarlijks aan de kerk en de armen van Lummen

·het "voorste Lummens Velt" onder Lummen, "het Hamel Heijcken" O, "het Eijckbosstraet" W, "den Eijckbos" Z, des heeren straet N

·het "Auten. Bemeken" gelegen onder Linckhoudt, grenzend de oude Mangelbeek O en N, Peeter Leijnen W, het audt revier Z. Belast met 2 gulden aan de armen van Linckhoudt

Bleven nog onverdeeld: de helft van een perceel Goeren genaamd "de Bierthon" onder Linkhout, grenzend de wederhelft O en Z, de gemeente Goeren van Linckhoudt W en N; een half bonder broek onder Schuelen, palend de prelaat van Averbode O en N, "den Biesenbempt" W, Anna Catharina Kenens Z; anderhalf zil in "Deberbier"; een half zil in "Voorbruggen".

Kavel B viel aan Peeter Pluijmers en zijn echtgenote Anna Catharina Genico en kavel A werd door Servaes Thullen en Maghiel Vander Hoeven in ontvangst genomen voor het minderjarig kind Joseph Genico.

 

1773, 11 februari. Folio 19v

Condities waarop Gerardus Wouters en Joannes Hermans op 31 december 1772, na voorgaand kerkkengebod, publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zullen verkopen een torfbemdt in Coorsel omtrent den Speelbergh gelegen, grenzend de erfgenamen Peeter Hermans O, Brigida Noops W, de erfgenamen Jan Hendrix Z en "de Roede Beeke" N. Vrij van lasten met uitzonding van grondcijns en dorpsschattingen. Aan te slaan half maart 1773.

Gerechtsdienaar Peeter Adriaens zal de beemd oproepen en hem toeslaan aan de meestbiedende met "eenmael, andermael, derdemael", behalve als de koopsom niet hoog genoeg is volgens het inzicht van de verkopers. Nadien zal het geproclameerd worden van 14 dagen tot driemaal 14 dagen en daarna zal op de eerstvolgende genachtendag de kaars ontstoken worden voor de heren schepenen waaronder het goed sorteert. Degene aan wie het bod is bij het uitgaan van de kaars, zal het goed verkrijgen. De originele koper zal zijn voorhogen hebben en daarna mag iedereen hogen tot het uitgaan van de kaars, met telkens hogen van 2 gulden Brabants Luikse valuatie te verdelen tussen hoger en verkoper. Meer condities zijn in het originele register te vinden voor de geinteresseerde. Kosten zijn voor de koper: gichtgeld, pontgeld, kaarsbranding, roepgeld 1 gulden, conditiegeld en kopij 4 gulden, 5 stuivers godsgeld en 7 gulden 10 stuivers voor lijcoop te verbruiken ten huize Gaspar Smeets nadat de palmslag zal gegeven zijn.

De condities werden voorgelezen in het huis van Gaspar Smeets in Coursel in presentie van Henrick Ickmans en Joannes Swerts als getuigen.

Op dezelfde dag bood bood Joannes Weutiens 424 gulden Brabants Luikse valuatie, waarp hem door de verkopers Joannes Hermans en Gerardus Wouters de palmslag is vergund. Weutiens verbeterde dadelijk zijn koop met 6 hogen. Getuigen P. N. Van Postel en Henr. M. Reijnders. Getekend door notaris J. Nulens.

Op 3 februari 1773 had de kaarsbranding plaats waarbij gicht en kwijting werd gegeven. Op 11 februari 1773 werd deze akte voorgelegd om te realiseren.

 

1773, 11 februari. Folio 22

Jan Vrancken verzocht te releveren na de dood van zijn ouders zaliger Arnol. Vrancken en Elisabeth Van Schoonbeeck: een perceel land "het Velthen" in Schuelen gelegen, grenzend de kinderen van Willem Raemaekers O, N en W, de straat Z.

 

1773, 12 februari. Folio 24

Jan Henderix, Peeter Fonteijn man en momber, Jan Aerts in de naam van zijn moeder Anna Catharina Vanderstraeten verzoeken te releveren na de dood van Andries Convents, hun oom zaliger. Ze releveren een perceel broek gelegen in Vurten onder Coorsel omtrent de Vurtensche schans, palend Brigitta Noops O, Jan Vandeberghe W, Jan Nuelens Z, Peeter Wouters N. Onder stond: dobbele cijns f 0-20-2

 

1773, 17 februari. Folio 24

Scheiding en deling van de erfgoederen achtergelaten door Anna Hansen zaliger, begijn in Hasselt.

Peeter Schuermans nomine uxoris Aldegon Vandevoort 1), Jan Vandevoort 2), Catharina Van de voort weduwe Jan Vande Reydt, Jan Stappers nomine uxoris Aldegon Van de Voort, Jan Erckens man en momber Maria Van de Voort, Hubertus Gevers nomine uxoris Barbara Van de Voort, Philippus Van de Roije man en momber Joanna Van de voort 3), Jan de Gelin, Andies Degelin, Willem Gelders als vader en momber van Anna Catharina Van Gelders 4) zijn allen erfgenamen van begijntje Anna Hanson. Ze had een akkoord of donatie inter vivos gemaakt gepasseerd voor notaris G. Goetsbloets. Ze delen de goederen in 4 kavels.

Kavel A:

1.perceel land aan "het Vossekoet" gelegen, grenzend de heer Briers O, de heer Francus de Freteur met "het Vossekoet" Z, Arnold Van Geel W, de voorschreven heer Briers N. Getaxeerd op 600 gulden.

2.het huis met zijn aanhang in het dorp van Berbroeck gelegen, grenzend de kerk van Berberock (Berbroek) in twee zijden, des heeren straet Z, de heer Stellegewerf W. Getaxeerd op 600 gulden.

3.zeven roeden beemd in Zoel onder Berberock gelegen, palend de heer advocaet Frederici O, de edele vrouw de Blisia Z, Arnol Enckels W, de oude Demer N. Geschat op 250.

4.het vierde deel op het Sint-Joris Belich langs kavel B, geschat op 250 gulden.

5.een jaarlijkse rente op panden van Willem Kenen in Donck van 10 gulden jaarlijks, gerekend op 200 gulden.

6.een beemd genaamd "den Haeseren Bampt" gelegen in Schuelen, palend de heer Loddewicus Kips O, dezelfde erfgenamen met de heer Briers Z, de heer de la Croix W, de sheeren straet N. Geschat op 150 gulden.

7.een bos waarvan de wederhelft toebehoort aan de kinderen van Philip Van de Roije en Anna Borghs, onder Schuelen gelegen. Palend de wederhelft O en Z, de edele heer van Couwenhoven W, Margrita Jaers N. Getaxeerd op 50 gulden.

Kavel B:

·een beemd genaamd "den Bruck Bampt" onder Schuelen gelegen, waarvan het vierde deel toebehoort aan de heer L. Hermans van Wuestherck. Hij grenst Corst Lemmens met de heer Briers O, A. Van Geel Z, de Groote Herck W en N. Genomen op 1200 gulden boven de last van 2 gulden 18 stuivers 1 oort aan de H. Geest van Wuestherck.

·een perceel land genaamd "het Maen Landt" onder Schuelen, grenzend de heeren straet O, Peeter Van Swartenbrock Z, de weduwe Jan Weijkens W, de heer Loduwicus Kips N. Getaxeerd op 300 gulden.

·een perceel land aan het Sint-Joris husken onder Schuelen, palend Arrnoldus Baers O, de heeren straet Z, Lenardus Fellici W en N. Gerekend op 200 gulden.

·de vierde part in "Sint-Joris Belick" langs kavel D, gelijk te delen. Geestimeerd op 250 gulden.

·een perceel land met het bosje genaamd "het Schepers Velt" onder Schuelen gelegen, grenzend de weduwe Jan Wijens O, Lenardus Fillici Z, hetzelfde goed W, de H. Geest van Herck N. Getaxeerd op 100 gulden boven de lasten. Deze zijn: 1 gulden 15 stuivers aan de erfgenamen van joufr. Cox van Hasselt en 4 stuivers aan de armen van Herck; 4 stuivers aan de kerk van Schuelen.

·een perceel bos genaamd "het Maenlandt Bosken" onder Schuelen, de weduwe Jan Wijens O, de weduwe Francis Vandereijcken met Frans Van Swartenbrock en consorten Z, de heer Briers W, de edele heer de Heus N. Gerekend op 100 gulden.

·dit gedeelte zal 50 gulden hebben uit hetgeen ze samenderhand zullen verkopen.

Kavel C:

1.een perceel huishof, boomgaard met zijn toebehoren onder Schuelen gelegen in de Hellenstraet, palend Jan Maris O, Peeter Schuermans met de weduwe Jan Cox Z, de weduwe van de heer Hussen van Hasselt W, des heeren straet N. Gerekend boven de lasten op 600 gulden. Belast met 5 gulden 10 stuivers aan de weduwe Joannes Hussen in Hasselt.

2.een perceel land genaamd "het Wolfblock" onder Schuelen, palend de pastorij van Schuelen O en Z, de heeren straet W, hetzelfde erf N. Geschat op 300 gulden.

3.een jaarlijkse rente op panden van Woter Gebors onder Schuelen, palend Lenardus Fillici O, Bertus Vande voort met Jan Lambrickx Z, de erfstege W, Jan van de Put met de weduwe Martinu Berten N. Deze rente bedraagt 450 gulden

4.de vierde part op de Sint-Joris Belick langs kavel A, gelijk te delen. Genomen op 250 gulden.

5.een jaarlijkse rente van 5 gulden op de winning van de heer Heus in Berberock, 150 gulden.

6.een boomgaard onder Schuelen gelegen grenzend de heeren straet O en N, de heer Briers Z, "de Klijn Kerck" W. Genomen op 150 gulden.

7.een perceel land op "het Dondervelt" onder Schuelen, palend Peeter Kenens O, Hend. Vandevin Z, de kinderen van Willem Ramakers W, Renier Le Clee N. Geteld op 200 gulden.

Kavel D:

·een perceel beemd onder Berberock gelegen, grenzend doctoor Claes O, de Demer Z, Peeter Quintens W. Geteld op 650 gulden boven lasten. Last van 250 gulden aan de proveniers

·een perceel land tegen "de Belick" onder Schuelen, palend dezelfde erfgenamen O en N, de heeren straet Z, de pastorij van Schuelen W. Geschat op 300 gulden.

·een perceel bos "den Boden Bos" onder Schuelen, grenzend Egidius Mommen O, Peeter Plugers Z, de heer Briers W, dezelfde erfgenamen N. Geestimeerd op 600 gulden.

·het vierde deel van Sint-Joris Belick te beginnen aan de 8 roeden gelijkelijk te delen, geschat op 250 gulden.

·een perceel beemd gelegen op "het Fracen Brock" onder Schuelen, palend het "Vencke Bonder" O, de Kreckels Laeck Z, sr. Van de Laer en consorten W, de erfgenamen Geert van Uytrecht zaliger N. Gerekend op 100 gulden.

·een jaarlijkse rente van 3 gulden aan de armentafel van Kermpt, gerekend op 100 gulden

·een zil op "den Houbam" onder Schuelen gelegen, palend Jan Mattheijs Joors O, de "Klijn Lack" Z, "den Lack Bampt" W, sr. Roelans van Hasselt W. Geteld op 100 gulden.

Elk stuk wordt verdeeld met zijn grondcijns en gemene dorpslasten aan. De kavels worden door een onpartijdig kind geloot.

Kavel A viel aan 4); kavel B aan 3), kavel C aan 1) Peeter Schuermans en kavel D aan 2) Jan Vande voort, Woter van de Voort, Casper Warnis nomine uxoris Christina Van de voort.

Ze staan hun rechten op elkaars deel af. Het "heert" hout dat 5 à 6 jaren oud is, zullen ze samen profiteren.

 

1773, 25 februari. Folio 28v

Voor de notaris, residerend in Coursel, verschenen Joannes Jansen en Mattheus Huijbens, beiden inwoners van Hechtel. Huijbrens draagt als belening een beemd op van omtrent 3 vierdel gelegen in den Overslagh, grenzend Jan Bosmans O, Jan Huijbens W, Gerardus Vaes N, aan Joannes Jansen. Jansen accepteert voor 150 gulden Brabants Luikse valuatie. Huijbens heeft het geld ontvangen. Hij zal de beemd binnen de tijd van 3 jaren kunnen terugkrijgen mits hij een gelijke som terugbetaalt aan Jansen. Indien hij niet tijdig terugbetaalt, gaat de eigendom definitief over op Jansen. Huijbens mag de beemd nog tijdens de volgende drie jaren verder gebruiken en jaarlijks daarvoor 4 gulden en 10 stuivers betalen aan Joannes Jansen. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris J. Nulens in Vurten onder Coursel in presentie van Henricus Convents en Franciscus Vande voort.

Op 25 februari heeft schepen Woeters deze akte voorgelegd verzoekend realisatie.

 

1773, 25 februari. Folio 29v

Facteur Opdendries, per missive, legt uit kracht van generale constitutie een notariële akte voor gepasseerd voor notaris J. F. Opdendries op 15 februari 1773. Voor deze akte is Peeter Van Oppen q.q. "gemunicieert" met behoorlijke authorisatie en octrooi verleend door de schepenen voor zijn kinderen verwekt met Elisabeth Van Quaethoven (Dit octrooi werd niet geregistreerd). De schepen houden de akte voor gerealiseerd en wijzen het ter register gesteld te worden.

Akte van 15.02.1773. Voor de notaris, residerend in Hasselt, verschenen Wouter Van Quaethoven wonend in Scherpenheuvel, Marie Van Quaethoven meerderjarige jongedochter en Peeter Van Oppen als vader en momber van zijn kinderen verwekt met Elisabeth Van Quaethoven zaliger, die octrooi zal bezorgen. Het zijn allen kinderen en kleinkinderen van Jan Van Quaethoven en Catharina Pleterhands zaliger. Ze dragen samen op aan de weledele heer Adrianus de Heusch heer van Herten, Landwijck enz. als hun rechten van purgement dat ze hebben tot een goed, vroeger weide nu land, gelegen onder Schulen op de Roose Straet. Het grenst dezelfde straat, de edele heer acceptant, de heer Stellingewerff en Peeter Plugers. Het werd in 1739 voor de justitie van Lummen geëvinceerd door de heer J. Vanden Dwije als rentmeester van zijne excellentie de heer graaf van der Marck omdat 2 gulden jaarlijks niet betaald werd. Zie het rolboek Loons recht buiten. Op 23 juni 1739 werd het recht van evictie aan de meestbiedende verkocht door de rentmeester aan Joannes Hansons zaliger en is nu eigendom van Peeter Schuermans en consorten als erfgenamen van begijnthe Hansons zaliger, dochter van Jan. De comparanten hebben reeds tot purgement voor de justitie van Lummen opgeroepen voor 225 gulden Brabants eens, waarin 50 gulden zijn inbegrepen die nodig waren voor het bekomen van het purgement boven de last van 2 gulden en twee oort cijns aan de graaf en schat. De comparanten hebben elk hun deel ontvangen en zijn volledig tevreden. Ze zullen ten aanzien van de heer de Heusch geen kosten meer hebben van handelingen die hij voor hen heeft verricht. De Heusch komt in hun plaats en gerechtigheid van purgement tot dit goed en actie. Opgemaakt in het huis van acceptant de Heusch binnen Hasselt "opde Lombaer Straet" in presentie van Gerardus Vreven en Marie Boelen als getuigen.

 

1773, 11 maart. Folio 32

Conditie proclamatoriael waarop Anna Catharina Vander Straet, Joannes Hendrix en Peeter Fonteijn als man en momber van zijn vrouw Maria Hendrix, die instemt met hetgeen volgt, als erfgenamen van Andreas Convents op heden 18 februari 1773 na voorgaand kerkengebod aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de kaars een beemd zullen verkopen. Deze beemd is gelegen omtrent de schans van Vurten onder Coursel en grenst de weduwe Henric Van Postel O, Jan van de Bergh W, Joannes Nulens Z en Peeter Wouters N. Hij is belast met 100 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan N.N. en met een servitude van weg, met dorpsschattingen en sheeren grondcijns. Aan te slaan op dag van gichten.

Gerechtsdienaar Peeter Adriaens zal het goed oproepen en aan de meestbiedende toewiijzen met eenmaal, andermael, derdemaal, behalve als het niet op zijn waarde komt volgens de verkopers. Het goed zal geproclameerd worden van 8 dagen tot driemaal 8 dagen op de gewone plaats. Op de eerstvolgende genachtendag daarna zal de kaars over de koop ontstoken worden voor de schepenen en nadat ze wettelijk gebannen werd, blijft de koop op wie ze uitgaat. De originele koper zal zijn voorhogen mogen hebben vooraleer iemand anders mag hogen. Ieder hoge geldt 2 gulden Brabants Luikse valuatie, te verdelen tussen hoger en verkopers. Meer voorwaarden zijn te vinden in het register. Betalen onmiddelijk na de kaarsbranding als de gichte zal gebeuren met alle onkosten en lijcoop 15 gulden te verbruiken in het huis van de weduwe Jan Claes nadat de palmslag zal gegeven zijn. De condities werden publiek voorgelezen in het huis van de weduwe Jan Claes genaamd "die Trompette" in Vurten onder Coursel in presentie van Matthias Feijen en Mattheus Claes als getuigen. Attestor J. Nulens notaris.

Op dezelfde dag bood Willem Witters 780 gulden Brabants Luikse valuatie boven de lasten. Hierop werd hem de palmslag vergund. Witters verbeterde zijn koop met 10 hogen. Getuigen: Mattheus Claes en Henricus Ceijsens. Henrick Slegers verbeterde de koop met 2 hogen. Willem Witters verbeterde de koop met 38 hogen op dezelfde datum en plaats.

Op 11 maart 1773 heeft Woters deze akte voorgelegd en verzoekt realisatie.

 

1773, 26 maart. Folio 35

Hubert Gevers, koster van Berbrouck, legt een akte voor van notaris Arn. Droogmans van 16 maart 1773 voor realisatie en approbatie. Ze wordt gerealiseerd en geapprobeerd en is in hoeden gekeert.

Akte. Jan en Andries De geling, broers, hebben opgedragen en getransporteerd volgens publieke condities gehouden door deze notaris op 11 maart tot profijt van Hubert Gevers koster van Berbrouck een beemd of weide genaamd "den Haeseren Bampt" gelegen onder Schuelen. Hij grenst de heer Gerardus Hubertus Briers 1), de heer Ludovicus Kips 2), de heer de la Croix 3) en s'heeren straet 4). Hij komt af van wijlen begijntje Hanson, hun nicht zaliger. Ze hebben hem verkregen na deling met hun zwager Willem Gelders voor dezelfde notaris ingegaan op 6 maart. De beemd behoort voor 2/3 toe aan Jan en voor 1/3 aan Andries. Aan het goed staan enkel grondcijns en dorpsschattingen. Ze verkopen voor 315 gulden. De koopsom werd betaald boven 3 gulden aan de notaris voor het houden van de condities en 2 gulden lijcoop. Opgemaakt in het huis van bouwmeester Goetsbloets op de "Koijemerck" in Hasselt in presentie van de getuigen de heer Goetsbloets en zijn dochter Marie Agnes Goetsbloets.

 

1773, 26 maart. Folio 36v

Philippus Van de Wijher, in de naam van de E.H. Jacobus Vandewijher pastoor van Pouderle, verzoekt te releveren het goed dat op hem verstorven is na de dood van zijn zuster Maria Vande Wijher zaliger: een perceel land in Coorsel gelegen, grenzend heer Smeedts O, Peeter Vonteijn W, Hend. Truijers Z, de Savelstraet N. (Vandewijer)

 

1773, 12 april. Folio 39v

De E.H. Lambertus Labbeije pastoor van Berbrouck legt een akte neer beschreven door notaris A. Droogmans op 26 maart 1773, verzoekend realisatie. De schepenen stemmen toe en laten ze registreren.

Akte. Op 26.03.1773 verscheen Hubert Gevers, koster van Berbrouck, geassisteerd door zijn vrouw Barbara Van de Voort, bij de notaris. Ze verkopen aan de E.H. Lambertus Labbeije pastoor van Berbrouck een weide of beemd genaamd "den Haeseren Bampt" gelegen onder Schuelen, grenzend de heer Gerardus Hubertus Briers van Hasselt 1), de heer Ludovicus Kips 2), de heer de la Croix 3) en sheeren straet 4). Enkel belast met dorpsschattingen en sheeren grondcijns. Gevers kocht het goed van Jan en Andries De Geling, broers via akte gepasseerd voor deze notaris op 16 maart. Verkocht voor 385 gulden Brabants Luikse valuatie. Koopsom werd betaald en opgetrokken in specie van zes en een halve nieuwe Brabansche souvereijnen aan 25 gulden 10 stuivers het stuk, een gouden Hollanschen Rijder aan tweëentwintig gulden en 15 stuivers, vijf ducatons aan 5 gulden vijf stuivers het stuk, 80 gulden in Brabantse guldens en schellingen en verder in zilvergeld tot de vermelde som. De verkopers stellen E.H. de koper in hun plaats en gerechtigheid van het goed. Opgemaakt in de pastorij van Berbroek in tegenwoordigheid van de getuigen Lambert Lijnen en Barbara Van den savel.

 

1773, 18 mei. Folio 43

Anna Maria Roosen releveert na de dood van haar ouders Fransus Roosen en Maria Hoebanx huis en hof gelegen onder Schuelen aan het St.-Joris Hesken. Het goed grenst de heere straet O en N, de heer Briers en de heer Wilsers van Hasselt W, de heer Kips Z.

 

1773, 01 juni. Folio 45

De kinderen van wijlen Guilhelmus Henricus Pelsers en van Maria Catharina Leysens, namelijk Joannes Antonius Pelsers, Petrus Matheus Pelsers, Guilielmus Jacobus Pelsers, Catharina Pelsers, Maria Elisabeth Pelsers en Francisca Pelsers releveren:

·twee daghmael broek gelegen "op de Stugh", grenzend O Valentinus Wauters, W Tist Van de Wijer, N de beek, Z de relevanten zelf en Catharina Bosmans.

·2 bonder land op "den Asbergh", grenzend O de erfgenamen Jan Reijnders de schepen, W Toen van Herck, N Iewis Van Ubbel, Z Joseph Van Hamel (2 oort)

·een driesje aan de Vurtsche schans gelegen (Koersel), O Tijs Menten, N en W de broekstraet, Z Petrus Dries (1 oordt)

·een perceel land gelegen aan Mateus Obbers waar vroeger een huis heeft gestaan, grenzend O de erfgenamen Gilis Wauters, W en N de weduwe Van Postel, Z de straat

·een driesje daarbij gelegen, O de erfgenamen Gilis Wauters, W en N de straat, Z Jan Valentinus Rijnders en consorten. Deze drie (!) posten samen 3 stuivers

·huis en hof op de Savel Straet gelegen, O Henri Gijbels, W en N de weduwe Van Postel, Z de Savel Straet. 1 stuiver.

·de vierde part van een "verhoeve" gelegen op "den Hoogen Bosch", grenzend O weduwe Giel Mijen en consorten, W Peter Convents, N het Hechtels Brock, Z de heijde in het geheel. 1 stuiver 1 oort

·de helft van een turfbroek grenzend O de erfgenamen Jan Rijnders en de weduwe Matijs Lekens, W Henric Rijnders, N de oude beek, Z de heide. De helft 23 - 9/2 oord

·In de "Drij Coningen Ceijns" gaat het om een stuk land "den Heeput", O Jan Rijnders, N de weduwe Jacobus Van Ubbel, Z de straat, W de weduwe Jacobus Van Ubbel. 2 stuivers.

 

1773, 14 juni. Folio 46v

Ambrosius Van der Kercken als vader en momber van Catrina, Aldegondus, Maria en Petrus Van der Kercken releveert na de dood van hun halfzuster Anna Maria Roosen huis en hof onder Schuelen aan het Sint-Joris Hesken, grenzend de heere straet O en N, de heer Biers en de heer Wilsens van Hasselt W, de heer Kips Z. Cijns dobbel 0-2-2

 

1773, 01 juli. Folio 50v

Nicolaes Tits, voor zichzelf en voor de experten heer Petrus Tits, licentiaat in de medicijnen, releveert het versterf dat hen is aangekomen na de dood van hun broer E.H. Joannes Tits zaliger, die pastoor was van Kuringen. De nalatenschap omvat een beemd onder Schuelen genaamd "den Langen Bempt". De hele beemd grenst de Molen Wegh W, de heer graaf N, de Demer O, Wilbord Van Eubbel, Renier Le Clair met consorten Z; een perceel land in Geneijcken gelegen genaamd "het Cruijsblock" palend s'heeren straet N en W, de erfgenamen Matthues Postelmans O, Jan Moens erfgenamen Z. Met alles wat hier nog onder de jurisdictie mocht sorteren. Ze kwamen ter gichte.

 

1773, 12 juli. Folio 50v

Jan Droeghmans, Jan Van Straelen verzoeken te releveren een perceel dat hen is aangekomen na de dood van Jan Van Straelen en Elena Caf, hun ooms (!), beiden zaliger. Ze releveren voor de helft een perceel land gelegen op het Orlinger Velt onder Schuelen, 3 vaten grenzend Hendrick Van de Vinne N, de armen van Berbroek W, joufr. weduwe Stellingwerff W. Het verzocht relief werd verleend met ban en vrede.

 

1773, 19 juli. Folio 52v

Joannes Raedts, Arnoldus Judocus Raedts en Wauter Claes nomine uxoris Anna Raets verzoeken te releveren een perceel land genaamd "het Donder Velt" onder Schuelen uit kracht van testament na de dood van Jan Van Straelen en Elena Caff hun tante beiden zaliger. Ze releveren voor het geheel van dit perceel liggend in 6 vaten saeijens grenzend het armer land van Berberock W, Hendrick Van de Vinne N. Het relief werd verleend.

 

1773, 30 juli. Folio 56

Hubert Gevers van Berbroeck, uit kracht van generale constitutie, legt een notariële akte neer beschreven door notaris God. Goedtsbloets op 16 maart 1773. Andries de Gelinde draagt de helft van een bonder bos op gelegen onder Schuelen tot behoef van Joannes de Gelinde. De andere helft hoort toe aan de erfgenamen van Philip Van Roije. De schepenen houden de akte voor gerealiseerd.

Akte van 16.03.1773. Bij de notaris residerend in Hasselt verscheen Andries Gelinde van Rummen die verklaart te verkopen tot behoef van Joannes de Gelinde de helft van een bonder bos gelegen onder Schuelen. De andere helft hoort toe aan de kinderen van Philip Vanden Roije. Het goed grenst "het Schepens Landt" O. Het komt af van begijntje Hanson zaliger en is aan Andries toegevallen bij deling gepasseerd voor notaris Drooghmans op 6.3.1773. Verkocht voor 80 gulden eens. Opgemaakt in het huis van de notaris in Hasselt op "de Koijemert" in presentie van de getuigen Arnoldus Swennen en Hubertus Gevers.

 

1773, 07 augustus. Folio 57.

Catharina Broeckaerts wed. Jan Coox legt een akte voor beschreven door notaris Arn. Drooghmans op 5 augustus 1773, verzoekend realisatie ervan.

Akte. Jan Van Straelen, Jan Weijns, Jan Drooghmans en Arnold Drooghmans voor zichzelf en voor Anne Cathrien dochter van Jacobus Guilhelmus en Ida Drooghmans zijn zuster zaliger, allemaal samen voor één helft.

Sr. Arnoldus Judocus Raets, Joannes Raets en Wouter Claes met zijn huisvrouw Anna Raets voor de andere helft.

Ze dragen samen en elk in het bijzonder, volgens publieke condities van tekoopstelling voor deze notaris gehouden op 29 juli 1773, op tot behoef van Cathrien Broeckaerts weduwe van Jan Cox van Schuelen als laatste hoger een stuk land van anderhalve bonder groot gelegen op 't Donderveld onder Schuelen. Het grenst Pieter Schots 1), de armen van Berbrouck 2), joufr. relicta van den heer oud-burgemeester Stellingwerf van Hasselt 3) en Henrick Van de venne 4). Het goed komt af van Jan Van Straelen en Helena Ter Caefs, de gewezen oom en tante van de comparanten. Het goed is belast met 6 gulden, die nu met 4 gulden betaald worden, uit een grotere rente van 18 gulden jaarlijks aan de heer Van Hamont; nog met 1 gulden erardi die betaald wordt met 16 stuivers jaarlijks aan de fabriek van de stad Herck; met een oord cijns op den borgh in Lummen en eventuele dorpsschattingen. Verkocht voor 800 gulden Brabants Luikse valuatie. De koopsom werd betaald en ieder heeft zijn deel opgetrokken. Ze werd betaald met 23 gouden carolinen, 20 oude Fransche croonen aan 4 gulden 17 stuivers 2 oorden het stuk en voor de rest in gangbaar zilvergeld. Op de dag van verkoop werden nog extra 5 schellingen betaald voor lijcoop en 5 gulden aan de notaris voor het houden van de conditie. De koopster kan het goed dadelijk aanslaan want het koren is ingeschuurd. Opgemaakt in het huis van Anna Hanson weduwe van Jordaen Van de Brouck in het dorp van Kermpt in aanwezigheid van de getuigen Gerard Renotte en Lowies Raets.

 

1773, 07 augustus. Folio 58v

Op 29 juli 1773 heeft Jan De Geling, inwoner van Wijer, in handen van de notaris Arn. Droogmans in wettige verkoop opgedragen aan Pieter Coox inwoner van Schuelen de helft van een bos gekegen onder Schuelen. Het is in zijn geheel 15 roeden groot en hij bezit het onverdeeld met de kinderen van wijlen Philip Van den Roije en Anna Burghs waaraan de andere helft toebehoort. Het geheel bos grenst "het Schepers Bosken" 1), Marie Vliegen weduwe van Mathijs Schepers 2), de representanten van joufr. begijntje Hanson zaliger 3) en een land genaamd "den Smaek" toebehorend aan de heer de Boorden van Sint-Truijden 4). Het goed komt af van zijn nicht begijntje Hansen voorschreven zaliger dat hij kocht van zijn broer Andries De Geling via akte gepasseerd voor notaris Goetsbloets op 16 maart 1773. Het is nergens mee belast met uitzondering van eventuele dorpsschattingen. Verkocht voor 81 gulden Brabants Luikse valuatie. Betaald in 4 carolienen en 3 gulden zilvergeld. De overdracht gebeurde in " 't schalien huijs" in Berbrouck in presentie van de getuigen Marten Pulinx en Niclaes Gevers.

Peeter Cox heeft op 7 augustus deze akte voorgelegd ter realisatie. Het werd gerealiseerd en is in hoeden gekeerd.

 

1773, 07 augustus. Folio 59v

Peeter Cox van Schuelen legt een akte voor beschreven op 17 oktober 1769 door notaris J. B. Theunis en verzoekt de realisatie en approbatie.

Akte van 17.10.1769. Voor de notaris residerend in Hasselt verschenen Henricus Poncelet van Alken en Christiaen Joris van Cosen geassisteerd door zijn voordochter Anne Marie Joris 26 jaar oud die eveneens partij maakt voor haar absente broers en zuster voor één staak en Gijsbert Geladé en Conrardus Knuts inwoners van Alken, Willem Roebben wonend int Schaekenbrouck onder Wustherck sprekend voor Peeter Van Rijckel van Stevort voor de tweede staak. Ze dragen samen en elk afzonderlijk op tot behoef van Peeter Cox inwoner van Schuelen als koper een half bonder land gelegen onder Schuelen in 't Donderveldt. Het grenst "het Borgh Heijken" O, het goed van de abdij van Averbode W, de erfgenamen van Willem Ramakers N. Het is belast met 2 gulden 5 stuivers jaarlijks aan Lenaert Fillici van Kermpt. Ze verkopen nog 5 roeden land gelegen aan de Stapheijde onder Schuelen, grenzend s'heeren straet W, joufr. de weduwe van de heer Joannes Stellingewerff uit het Wijnvat van Hasselt Z en N. Het is belast met 3 gulden jaarlijks voor een jaargetijde in de kerk van Schuelen. Als derde verkopen ze een halve sille beemd gelegen in de "Osse Bempden" onder Schuelen, grenzend den Moolen Wegh W en de edele heer baron de Blisia van Loije O. Het is wisselend tegen Renier Declée (Le Claire) en belast met 2 gulden 10 stuivers jaarlijks aan een persoon van den Donderslagh, van wie de naam onbekend is aan de verkopers, en 1 gulden 12 stuivers twee oord jaarlijks aan het klooster van Sinte Catharinan Dal binnen Hasselt en mogelijk enige kleine cijns. Verkocht voor 75 gulden 10 stuivers Brabants eens boven 2 gulden lijcop en 1 stuiver godsgeld. De koper heeft de goederen in 1769 al in gebruik genomen en bewerkt en zal de lasten van dat jaar betalen. De goederen komen af van de ouders van de verkopers. Opgemaakt binnen Hasselt in het huis van de notaris in aanwezigheid van de getuigen Ludovicus Matthijs en Helena Croonen. Getekend J. B. Theunis notaris.

 

1773, 04 november. Folio 74

Cornelis Boes, Jan Boes, Peeter Timmermans nomine uxoris Maria Thresia Boes verzoeken te releveren de goederen die op hen verstorven zijn na de dood van hun ouders Jan Boes en Elisabeth Meijckens zaliger. Het gaat om: een perceel land genaamd "den Peeters Hof" gelegen in Linckhoudt, palend de gemeijnte straet Z, "den Eycken Bosch Hof" W, Andries Smedts N, Matheus van Uytrecht O; een perceel broek onder Linckhoudt, "den Eseren Bempt" O, de proveniers van Lummen Z, de oude Demer W en Matheus Kermans N; een stuk genaamd "den Schoetelman" onder Linkhout gelegen, grenzend Anna Vrancken O, de erfgenamen Francis Jacobs N, heer Jan Louens W, de oude Demer Z; een perceel land genaamd "het Berck Bloeck" onder Linkhout, de erfgenamen Jan Timmermans O en N, Hend. Wouters W, de kapelaan Jene van Linkhout en Paulus Aerts Z; een perceel land onder Schuelen, de armen van Berbrouck Z, Peeter Gijsens Heijcken O, de erfgenamen Peeter Goethuijsen N.

 

1773, 02 december. Folio 75

Relief Jan Weijhens kinderen. Joannes Weijhens, Francis Weijhens, Baltesar Weijhens, Peeter Weijhens, Marlisabetha Weijhens, Maria Catharina Weijhens (Weijens) releveren een perceel dat hen na de dood van hun ouders is aangekomen: Jan Weijhens en Elisabetha Van Swartenbrouck zaliger. Het gaat om een bos in Schuelen gelegen, grenzend Menard Van Swartenbrouck O, Jan Matthijs Jaers Z, madame Selijs W en N. (zie lager deze datum)

 

1773, 02 december. Folio 76

Relief Jan Weijhens kinderen. Jan Weijhens, Francis Weijhens, Baltesaer Weijhens, Peeter Weijhens, Marlisabetha Weijhens, Maria Catharina Weijhens (Weijens) releveren die goederen die hen na de dood van hun ouders zijn aangekomen: Jan Weijhens en Elisabetha Van Swartenbrouck zaliger. Het gaat om huis en hof in Schuelen gelegen op de Pleijn, grenzend s'heeren straet O en N, Jan Mattheijs Jaers Z, madame Selijs W; huis en hof in Schuelen in het dorp gelegen waarvan de andere helft toebehoort aan de erfgenamen van Francis Reijnders, grenzend s'heeren straet O, de erfgenamen van Mattheus Schuermans Z, Jaspar Vandereijcken W en N; een perceel land in Schuelen genaamd "het Verbrandt", Lamber Lambrechts O, joufr. de weduwe Hussen Z, mijn heer de Libotton W, s'heeren straet N; een perceel land in Schuelen genaamd "den Kraeijen Bosch", palend mijn heer Van nes O, Jan Hermans Z, de erfgenamen van joufr. Cox van Hasselt W, Francus van Swartenbrouck N; de helft van "den Lijnen Hof" in Schuelen, de weduwe Arnol Stappers O, "het Bloeksken" Z, joufr. de weduwe Hussen W, Herman de Meer N; de helft van het "Blockxken" in Schuelen, de stege O, Jeroen Garuls Z, joufr. de weduwe Hussen W, "den Bijnen Hof" N; een perceel land "den Langen Hof" in Schuelen, Elisabetha Stappers O, s'heeren straet Z, joufr. Cox van Hasselt W, mijn heer de Libotton N; een perceel land genaamd "het Schepers Veldt" in Schuelen, regenoten Marie Lambrechts en consorten O, Lenard Filici Z, de erfgenamen begijn Hanson W, de H. Geest van Wuest Herck N; een perceel land "de Karis Heijde" in Schuelen, Alegon Scrauven O, joufr. Cox van Hasselt Z, Lenard Filici W, mijnheer Briers N; een perceel land "de Heijde" in Schuelen, joufr. de weduwe Hussen O, Elisabeth Stappers Z, mijnheer Van Nes W; het achtste deel van huis en hof in de Neerstraet in Schuelen, de erfgenamen Gilis Vrancken met Marten Ruijters O, Marte Opre Z en W, s'heeren straet N; het achtste deel in " 't Keurken" s' heeren straet O en Z, Lamber Lambrechts W, de weduwe secretaris Roelants N.

 

1774, 13 januari. Folio 79v

Jan Verneijns legt een notariële akte neer beschreven op 28 oktober 1773 door L. M. Hermans en verzoekt realisatie en approbatie. Akte. Bij de notaris residerend in Herck verscheen Jan Maris, een meerderjarige jonkman, zoon van Francois Maris en van Marie Claes, beiden overleden. Via schenking onder levenden draagt hij aan Jan Vernijns en zijn huisvrouw Anna Catharina Coemans, inwoners van Schulen, huis, hof en aanhang en bloek op gelegen onder Schuelen op "het Wagen Eijnde" genaamd "de Schomme". Het goed grenst O sr Hussen,W de straat, Z Peeter Schuermans en N dezelfde Peeter Schuermans; een perceel land daaraan gelegen genaamd "die Sille", O "die Munt" toebehorend aan de heer Briers, W de heer Hussen, Z Baltus Hof en N Elisabeth Lambrechts; een perceel land onder Schuelen genaamd "den Boetens Hof", O Arnold Wasch, W s' heeren straet Z, de heer Stellegeweerts en N de weduwe Jan Cox. Alles samen gaat het om 11 sillen, met de aanstaande lasten en cijnzen. Jan Maris zal gedurende zijn leven zijn gebruik hebben van de kamer van het voorschreven huis met vrije in- en uitgang en waarin de acceptanten een schouw zullen moeten bouwen op hun kost en last tot zijn gerief ofwel moeten ze hem de keuken laten. Elk jaar zullen ze hem de helft van het graan op het perceel land "die Schomme", op "die Sille" en op "den Boetens Hof" moeten leveren en het hout dat op de kanten van deze percelen staat. De helft van het graan kan hij pas bekomen nadat het gedorst is en het zaaigraan ervan is afgenomen. Door deze gift is een lening van de acceptanten aan de gever van 159 gulden Brabants Luikse valuatie dood en teniet en hetgeen ze nog van hem te trekken hebben van kost en drank. Ze moeten hem na zijn dood een eerlijke begrafenis bezorgen in gewijde aarde en met uitvaart van 12 pont licht. Na de dood van de acceptanten gaan de goederen naar de kinderen die dan nog in leven zullen zijn, zowel de voor- als de nakinderen van Anne Catharina Coemans. Jenne Marie Speeckx, een van de voorschreven voorkinderen, zal na de dood van Jan Maris, en zolang als ze ongehuwd blijft, de kamer of de keuken mogen genieten zoals aan Jan Maris wordt toegewezen. Als ze trouwt, is dit gedaan. Als de kinderen gaan delen, zal Willem Verneijns de eerste keuze hebben. Opgemaakt in het huis van de notaris in Herck, genaamd "den Keijser" in presentie van Maria Gertrudis Van Melbeeck en Bernardus Pijpots. Attestor L. M. Hermans, notaris.

 

1774, 31 januari. Folio 81v

Conditie volgens welke Peeter Fonteijn met instemming van zijn echtgenote Maria Hendrix op 21 december 1773 na voorgaand kerkengebod publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zal verkopen een stuk land genaamd "het Blook" in Coorsel in die Savelstraet gelegen. Het grenst begijn Van de Wijer O, de weduwe Arnoldus Beckers W, de erfgenamen Arnold Truijens Z en de Savelstraet N. Het is belast met 250 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan Jan Huijbrechts in Stal, met 5 stuivers jaarijks aan de kerk van Coorsel en verder met schattingen en s'heeren grondcijns. Die laatste is zeker een halster evie en een halve cop evie drijkoningencijns. Gerechtsdienaar Peeter Adriaens zal het goed oproepen en toewijzen aan de meestbiedende met "eenmael, andermael, derdemael". De verkoop zal geproclameerd worden op de gewone plaats van 14 dagen tot driemaal 14 dagen en daarna zal de kaars op de eerstvolgende genachtedag ontstoken worden. Nadat de originele koper zijn voorhogen zal gesteld hebben, kan iedereen hogen tot de uitgang van de brandende kaars. Elke hoge geldt 2 gulden Brabants Luikse valuatie, te verdelen tussen hoger en verkoper naar oude gewoonte. De resterende condities zijn te lezen in het register indien gewenst.

Alle onkosten betreffende de verkoop zijn voor de koper. De lijcoop bedragend 12 gulden 10 stuivers moet geconsumeerd worden ten huize Henrick Tielemans in Coursel. De koper moet aan de huisvrouw van de verkoper voor een kermis 15 gulden geven, zonder dat deze som in mindering komt aan de koopsom.

De condities werden voorgelezen in het huis van Henrick Tielemans in het dorp van Coursel in presentie van de getuigen P. N. Van Postel en Matthias Feijen. J. J. Nulens, notaris. Op dezelfde plaats en datum kreeg Peeter Daniels de palmslag voor 475 gulden Brabants Luikse valuatie van Peeter Fonteijn. De koper Daniels verbeterde zijn koop met 20 hogen. De kaarsbranding gebeurde op 25 januari 1774 en de gichte volgde op 31 januari 1774.

 

1774, 24 februari. Folio 85

Relief na het overlijden van Henrick Peeters en Elisabeth Smeets door Peeter Peeters, Gertrudis Peeters gehuwd met Peter Stalmans: een perceel turfbeemd in den Overslagh onder Coursel (Koersel), grenzend Jaspar Smeets O, erfgenamen Hendrick Bierts W, de gemeen heide Z, de Roede Beke N.

 

1774, 04 maart. Folio 85v

Marie Opheije weduwe van Henrick Van Uytrecht, wonend onder Linckhout, is appelante in een zaak die aanhangig is voor het oppergerecht van het graafschap Loon tegen Anna Vrancken en haar zoon Peeter Smets, geappelleerde. Als waarborg voor de tegenpartij stelt ze de goederen en inkomsten die ze in tocht bezit en die hier sorteren: een perceel broek in Linckhout gelegen, grenzend "de Kercke Zil" Z, "het Floet(?)" N, de gemeijnte straet O, joufr. de weduwe Reijnders en Paulus Aerdts W; een perceel land genaamd "het Crunckkels Velt" of "Sterff Pierinck" in Linckhout, grenzend Hendrick Jacobs en Adriaen Maghiels O, de heer advocaet Van Hees Z, Geerdt Swerts W, joufr. Loeijens van Hasselt N; een perceel broek genaamd "den Vaeren Bergh" onder Schuelen gelegen, palend het Everberen Brock W en N, den Vaerenbergh van Maghiel Van Uytrecht O, de erfgenamen van Francis Kaelen Z. Verder nog de derde part van een perceel land genaamd "den Steenbergh" in Mellaer, alandiael, de erfgenamen Jan Poels W, Peeter Schodts N, de erfgenamen Lambricht Willems O. Een bosje gelegen in Meldelaer is eveneens alandiael (alodiaal) en grenst Catharina Mateijs O, de erfgenamen Joseph Smedts N. Ze doet de eed dat deze percelen als borg kunnen dienen en constitueert opnieuw als haar facteur de heer oud-burgemeester Van Muijsen.

 

1774, 14 maart. Folio 87

Joannes Jansen en Elisabeth Huijbens verschijnen voor de schepenbank. Elisabeth Huijbens komt voor haar dochter Maria Dillen een perceel turfbroek vernaderen dat Joannes Jansen kocht van Mattheus Huijbens. Elisabeth wil tijdens haar leven de tocht van het goed voor zichzelf behouden. Het goed ligt onder Coorsel in den Overslagh en grenst O Jan Bosmans, W Jan Huijbens, Z de vloetgracht, N Gerardus Vaes. Joannes Jansen verklaart dat hij de koopsom van 150 gulden en 3 jaren broekhuur, pontpenningen, gicht, registratie en alle vacatien en kooponkosten kreeg terugbetaald. Joannes draagt het goed op tot behoef van Maria Dillen, voordochter van Elisabeth, "genoemen van de gemeijnte van Solder van het gelt haer toecomende naer de doodt van hare moder Elisabeth Huijbens". Elisabeth Huijbens kwam ter gichte.

 

1774, 28 maart. Folio 88v

Henderick Damians als man en momber van Elisabeth Huijbens verzoekt de naderschap van haar voordochter Maria Dillen van een perceel broek dat ze vernaderd had aan Jan Jansen. Zie folio 87. Maria Dillen heeft haar uitgegeven geld volledig ontvangen en ze draagt het goed op aan haar vader Hendrick Damians als man van Elisabeth Huijbens.

 

1774, 05 april. Folio 89

Akte van notaris L. M. Hermans van 23 maart 1774, residerend binnen Herck. Caspart Waerniers, inwoner van Berbrouck, draagt op volgens condities van 9 maart laatstleden een perceel land gelegen onder Schuelen op Sint Joris Belick, een half bonder groot. Het grenst s'heeren straet Z, Francis Vaes W, de weduwe Peeter Schuermans N, het wedergedeelte O. Draagt het op aan Joannes Lantmeters molder op de Hercker molen, in wiens naam de notaris koopt voor 300 gulden Brabants eens, een half ton goed bier lijcop boven de 6 gulden voor de verkochte bomen. Er staan geen lasten aan het goed buiten dorpslasten en cijns. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris in Herck genaamd "den Keyser" in presentie van de getuigen Petrus Kenens en Petrus Van Opré. Deze akte werd op 4 april voorgelegd ter realisatie en het werd gerealiseerd.

 

1774, 14 april. Folio 90

Facteur Opdendries, in naam van de wel edel geboren heer Adriaen de Heusch heer van Herten, Landtwijck etcetera, legt een notariële akte neer beschreven door notaris J. F. Opdendries op 15 februari 1773 en verzoekt realisatie. De schepenen realiseren het en wijzen het ter registratie.

Akte. Voor de notaris binnen Hasselt residerend verscheen Peeter Schuermans, wonend in Schuelen, die voor zichzelf en voor zijn consorten handelt als erfgenamen van begijntje Hansons, dochter van Joannes Hansons zaliger. Ze dragen onder vorm van purgement op aan de edele heer Adriaen de Heusch als cessionaris in actie en recht van purgement van Wouter Van Quaethoven en consorten kinderen van Joannes Van Quaethoven en Marie Catharien Pleterhoudt zaliger. De heer de Heusch accepteert een perceel vroeger weide nu land gelegen onder Schuelen op de Roose Straet, grenzend deze straat, de edele heer acceptant, de heer Stellingwerf en Peeter Plugers. Dit goed had wijlen Joannes Hansons via koop verkregen op 23 juni 1739 van de heer Vanden Dwije als rentmeester van de heer graaf vander Marck als evincent. Opgedragen voor 50 gulden Brabants eens boven alle genoten baten en profijten, waarvan de heer acceptant de comparanten verkopers ontslaat. Opgemaakt in het huis van de acceptant in Hasselt in presentie van de heer Stephanus Philippus Favar en van Gerardus Vreven.

 

1774, 21 april. Folio 93

Joannes Schroijen van Coorsel, in de naam en als geconstitueerde van de E.H. Winandus Janssens en joufr. Maria Gertrudis Janssens begijntje en tevens voor diens minderjarige zuster Maria Thresia Janssens verzoekt te releveren het goed dat hen is aangekomen na de dood van hun ouders heer Winandus B. Janssen: een perceel land genaamd "de Bughtien" gelegen onder Coorsel, 4 halster land saijens grenzend de erfgenamen Jan Nulens W, N. Beckers van Sint Lambrechts Herck O, Hend. Reynders N, de erfgenamen Brigida Van Postel Z. Het relief werd verleend met ban en vrede.

 

1774, 21 april. folio 93v

Een akte van 12 april 1774, beschreven door notaris J. H. B. Custijns residerend in Hasselt, bevat de verkoop van bovenstaand goed aan Joannes Schroijen van Coursel door de E.H. Winandus Janssens en zijn zuster joufr. Maria Getrudis Janssens begijn. Deze laatsten handelen tevens voor hun minderjarige zuster Maria Thresia Janssens. Het goed is enkel belast met dorpsschattingen, dorpslasten en grondcijns. Verkocht voor 600 gulden in stukken van Carolinen en een zilveren kroon voor het opgeld. Opgemaakt binnen Hasselt op het nieuw begijnhof ten huize van joufr. begijntje Janssens voorschreven in presentie van de E.H. Paulus Guillehelmus Corthauts en begijntje Isabella Boelen als getuigen. Deze akte werd op 21 april voorgelegd ter realisatie.

 

1774, 28 april. Folio 94v

Peeter Serdons inwoner van Schuelen legt een notariële akte neer beschreven door notaris J. F. Opdendries op 12 april 1774 en verzoekt realisatie. De schepenen houden het voor gerealiseerd en laten het registreren.

Akte. Voor de notaris J. F. Opdendries residerend binnen Hasselt verschenen Peeter Serdons, Wauter Serdons, Gerard Serdons inwoners van Schuelen. Met instemming van hun moeder Aldegonde Vandevoort weduwe van Jan Serdons en daarna getrouwd met Peeter Schuermans, aanwezig, verklaren ze 800 gulden Brabants Luikse valuatie eens opgelicht te hebben in croonen aan 4 gulden 17 stuivers en 2 oord het stuk uit handen van sr. Andreas Thiewissen president-schepen van de justitie Diepenbeek en borger van de stad Hasselt. Daarvoor dragen ze een jaarlijkse rente op van 32 gulden Brabants Luikse valuatie aan 4%. Valdag voor het eerst over een jaar vanaf vandaag 12 april. Terugbetaalbaar in dezelfde munten en met intrest naar verloop van tijd. De ontleners zullen de rechtsonkosten en de pontpenningen moeten betalen. Ze stellen de rente op huis en hof, een bonder groot, gelegen in Schuelen tegen de Heer Straet, grenzend Jan Maris, de hof van de weduwe Peeter Schuermans, de weduwe Husson en de straat; nog op een half bonder land in Schuelen, joufr. Hussen voorschreven, Henrick Vandenvenne en Peeter Kenens van Wuestherck grenzend. Verder staan ze garant met al hun goederen evenals met de meubele en immeubele goederen van de weduwe. Peeter Serdons heeft het geld ontvangen en zal ermee de koopsom betalen van een gekocht huis en aanhang gelegen in de Neerstraet onder Schuelen, groot 5 sillen. Het was van Paulus Van Velck als man en momber van Catharina Stessens. Het grenst de straat, Herman de Meer, Marie Lemmens en de notaris Hendrix van Sint-Truiden. Dit goed stelt Peeter tevens garant voor de rente. Opgemaakt in Hasselt in het huis van de acceptant omtrent de Augustijnen in aanwezigheid van Adrianus Sallez schepen van de justitie Stevort en Marie Vanderjeucht als getuigen.

 

1774, 28 april. Folio 95v

Voorwaarden waarop Paulus Van Velck man en momber van Catharina Stessens vandaag 19 maart 1774 publiek aan de meestbiedende zal verkopen huis, hof, moeshof, boomgaard, schuur, stallingen aan elkaar gelegen en een sille land daarnaast gelegen. Tegenwoordig wordt het goed bewoond door Petrus Serdons. Het grenst Jan Lambreghts met Maria Lambreghs weduwe van Francis Vandereijcken O, de Heere Straet Z, Herman de Meer met de Voort W, de heer Henrix van Sint-Truiden N. Het goed wordt verkocht in gulden en het kleinste opbod is 5 gulden. De koopsom moet betaald worden in goede gouden en zilveren munten: enkel croonen, nieuwe guldens, schellingen, blamuesers volgens het land van Luik gangbaar. Het goed is belast met een jaarlijkse rente van 12 gulden of 300 gulden kapitaal aan het vrouwenklooster in Aggel, met 3 gulden jaarlijks aan de kerk van Herck, met 9 stuivers en 3 oorden jaarlijks aan de armentafel van Herck, met 14 stuivers jaarlijks aan de Poterije in Schuelen, met 16 stuivers 2 oorden jaarlijks aan de kerk van Schuelen. Aan de heer van Lummen moet een keur voldaan worden 3 stuivers 2 oorden op de eerste maandag in de vasten en nog eens 3 oorden cijns aan dezelfde. Koopsom voldoen binnen 8 dagen. Alle onkosten betreffende de verkoop zijn voor de koper zoals voor conditiegeld en aanplakken 8 gulden en 1 gulden roepgeld, lijcoop 2 tonnen bier. Alles zonder te korten aan de koopsom. De koper mag het huis dadelijk aanslaan maar hij moet nog tot 1776 tevreden zijn met de huursom te betalen door Peeter Serdons: ieder jaar 62 gulden. De koopsom moet voldaan worden in het woonhuis van schepen C. Vandereijcken in het dorp Schuelen. Voorgelezen in het dorp van Schuelen in het huis van de schepen voorschreven in presentie van Jan Van Straelen en Jan Stappers als getuigen. Melchior Stegmans, s' heeren dienaar, heeft het goed opgeroepen. Het bleef aan Petrus Serdons voor 800 gulden. De koop werd voldaan op 13 april 1774 in 5 ducaeten en voor de rest in Franse croonen. Beschreven door de voorschreven schepen. Op 28 april heeft Petrus Serdons deze conditie voorgelegd ter realisatie en registratie.

 

1774, 28 april. Folio 97

Facteur Opdendries legt in de naam van de weledel geboren heer Adriaen de Heusch heer van Herten, Landtweijck enzovoort voor meier en schepenen een notariële akte neer gepasseerd voor notaris H. Pijp op 15 april. Hij verzoekt de realisatie en registratie.

Akte van 15 april 1774. Elisabet Vesters weduwe van Gerard Vandereijcken verkoopt aan de heer de Heusch 4 gulden uit 8 gulden jaarlijks zoals ze trekt op panden van Peeter Pollaris gelegen onder Schuelen. De andere 4 gulden jaarlijks had heer de Heusch reeds gekocht op 14 juli 1772 van de opdraagster. Nu krijgt heer de Heusch dus de volledige rente van 8 gulden jaarlijks in zijn bezit die gecreëerd werd op 7 september 1771 voor notaris Opdendries en op 3 september 1772 gerealiseerd voor de justitie van Lummen ten Loons recht. Verkocht voor 100 gulden kapitaal. Getuigen Gerardus Vreven en Marie Boelen. Attestor H. Pijp. Solvit de heer acceptant voor akte en copij 35 stuivers.

 

1774, 28 april. Folio 103

Er wordt een akte ingebracht beschreven door notaris L. M. Hermans op 9 april 1774 ter realisatie.

Voor de notaris residerend in Herck verscheen Jan Vandereijcken inwoner van Schuelen. Hij droeg een stuk land op gelegen onder Schuelen aan de Neerstraet, ongeveer 3 vaten saijens groot, palend de kinderen van Geert Maris O, Elisabeth Lambrechts Z, Aldegon Lambrechts W en des heeren straat N, tot behoef van zijn broer Jaspart Vandereijcken medeschepen. Voor 660 gulden Brabants eens. Het goed is belast met 1 gulden (boni?) jaarlijks aan het zusterklooster van Hasselt en met 12 stuivers 2 oort jaarlijks, uit een grotere rente van 2 gulden 10 stuivers, aan Jan Stellinx en des heeren grondcijns en schattingen. Opgemaakt in het huis van Francis Vaes in Schuelen genaamd "het middersten huijsken" in presentie van sr. Baldwinus Boeten van Geet Bets en Francis Vaes voorschreven.

 

1774, 28 april. Folio 103v

Meester Adriaen Vaes draagt met instemming van zijn vrouw Maria Catharina Aerts op tot behoef van medeschepen sr. de la Croix een perceel gemeijn broek gelegen onder Schuelen, genaamd "het Litse Surken", grenzend Aldegon Van de Voort W, de heer secretaris Timmermans Z, de Krieckels Laeck N. Voor 223 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Onbelast met uitzondering van cijns en gemene dorpslasten. Godsgeld 2 stuivers en 2 schillingen lijfcoop.

 

1774, 28 april. Folio 104

Medeschepen Vander Eijcken verzoekt te releveren het goed dat hem is aangekomen na de dood van zijn broer Laurens Vandereijcken zaliger: een perceel land genaamd "den Witsaert" gelegen in Schuelen, grenzend hun eigen erf O, de kerckstege Z, de heeren straet W, Jan Luijten Aerdens zoon N. De schepenen hebben het verzocht relief verleend.

 

1774, 10 juni. Folio 105v

Jan Laenen nomine uxoris Maria Catharina Vaes, Maghiel Vaes, Francis Vaes, Arnoldus Fagnoule nomine uxoris Maria Agnes Vaes, Maria Catharina Reynders, Maria Joseph Reynders, Peeter Joseph Reynders verzoeken te releveren de goederen en renten die op hen verstorven zijn na de dood van hun oom zaliger Francis Reijnders: een perceel land genaamd "het Kusters Velt", grenzend de Moenen Straet N en O, mijnheer Hues Z, Herman Jaers W; het huis in het dorp van Schuelen gelegen, grenzend de straat O, de kinderen van Matheu Schuermans Z, Jaspaert Vander Eijcken W en N; een perceel beemd genaamd "het Litsen Oorken" in Schuelen gelegen, grenzend de kinderen van Geert Oijen en Christina Vanderhoeven O, Arnoldus Schots Z, de heer secretaris Timmermans met nog een zil W, de oude Laeck N; een perceel beemd op de Zeelbampt in Schuelen, palend Matheus Vesters O, de kinderen van Oijen W, mijnheer Kolen Z, de commandeur van Bernissem N; een perceel beemd op de Zeelbempt grenzend de H. Geest van Wuestherck Z, de heer Kolen N; een rente op panden van Willem Morren met de erfgenamen N.N. een vierde part; de helft van een perceel land in Laeren grenzend Maghiel Goossens W, Z en N, Arnoldus Swerts O. Het verzocht relief werd verleend met ban en vrede.

 

1774, 10 juni. Folio 106

Schelenhof. Peeter Schots nomine uxoris Ida Morren draagt op tot behoef van Giliam Beerten een perceel land in Schuelen gelegen genaamd "Oringel Velt", grenzend de heer van Lummen O, de erfgenamen Stelgenwerf Z, de veldsteeg N, de erfgenamen Elisabeth Neven W. Voor 400 gulden Brabants Luikse valuatie, lijfcoop 7 gulden, 5 stuivers godsgeld. Enkel belast met cijns en schattingen. Giliam Beerten werd in het goed gegicht met recht.

 

1774, 23 juni. Folio 107

Schepen Wouters legt een akte neer beschreven door notaris J. Nulens om gerealiseerd te worden. De schepenen realiseren.

Conditie proclamatoriaal waarop Maria Beckers weduwe van Wouter Laenen op heden 26 april 1774, na voorgaand kerkengebod, publiek met hogen en uitgang van de brandende kaars aan de meestbiedende zal verkopen een stuk land genaamd "de Herbergh" in Coursel gelegen, grenzend de weduwe Hendrick Beckers O, Joannes Clemens Convents W en s'heeren straet Z en N. Onbelast op dorpsschattingen en grondcijns na. Gerechtsdienaar Peeter Adriaens zal het goed oproepen en het toewijzen met "eenmaal, andermaal, derdemaal". De proclamatie zal gebeuren op de gewone plaats 3 keer om de 8 dagen. Na deze proclamaties zal op de eerstvolgende genachtedag de kaars ontstoken worden voor de heren schepenen en nadat ze wettelijk gebannen werd, zal het goed worden toegewezen op wie de kaars uitgaat. De originele koper zal zijn voorhogen hebben voor iemand anders mag hogen. Elke hoge geldt 2 gulden te verdelen tussen hoger en verkoper volgens oude gewoonte. Andere condities zijn op deze pagina's te vinden. Kosten zijn voor de koper. O.a. roepgeld 1 gulden, conditiegeld en copij 4 gulden, 5 stuivers godsgeld en 12 gulden lijcoop te verbruiken ten huize Jan Van Ubbel nadat de palmslag zal gegeven zijn. De condities werden voorgelezen in het huis van Joannes Van Ubbel in Coursel in presentie van Thomas Rijmen en Peeter Adriaens. Attestor J. Nulens notaris.

Op dezelfde dag gunde Maria Beckers de palmslag aan Joannes Clemens Convents voor 670 gulden Brabants Luikse valuatie. Convents verbeterde zijn koop met 25 hogen. Getuigen Andreas Vaes en magister P. F. Convents.

 

1774, 02 juli. Folio 109v

Matthijs Joors en zijn consorten releveren na de dood van hun ouders Mathijs Joors en Marie Vliegen: een beemd in Schuelen in de “Haubemde” genaamd “den Graesbempt”, palend de heer Vossius N, Mattijs Joors O, de Laeck Z, de voort tussen "die Milen wijde" W. Geldt 4 denier. Verder een perceel land onder Schuelen genaamd “den Berbosch”, mijnheer de Heusch N en O, joufr. de weduwe van de heer Van Henis Z, joufr. Hussen W. Geldt 6 denier.

 

1774, 21 juli. Folio 111

Paulus Norbertus Van Postel releveert voor zichzelf en voor zijn nicht Marie Theresia Nulens nomine matris Catharina Elisabeth Van Postel de goederen aan hen verstorven na de dood van Henricus Van Postel en Elisabeth Noops, hun ouders: "den aerts man huijs en hof" grenzend O mr. Joannes Francis Convents en Jan Claes, de straat W, Caspar Tielens Z, hun eigen erf N; "den Vlassaert" grenzend de straat O, Joannes Beckers W, Jacobus Houben N, Caspar Tielens en Ariaen Peten Z; "den Schans Bempt" grenzend Jan Ceijsens O, Jan Claes en Dimpna Hommans W, de schansstraat N, mr. Peter Francis Convents Z; hun deel in "den Rochter" grenzend O Joannes Rynders, W Jan Rijmen, N en Z de erfgenamen Wilhelmus Pelsers; hun deel in "d'Aude Hoef" grenzend de erfgenamen Wilhelmus Pelsers O, Petrus Rijnders W, Joseph Windelen N, de straat Z; "het Buchten" grenzend de erfgenamen Van den Eijnde W, de erfgenamen Wilhelmus Pelsers, Tijs Stevens, Jan Dirickx en Wilhelmus Van Geneughden W(!), hun eigen erf Z, de pastoor van Coursel en heer Truijens N; huis en hof in Vurten onder Coursel gelegen, de straat O, Joseph Windelen Z, W Peeter Vaes, Joseph Windelen en hun eigen erf N; hun deel in " 't Lanckhaudt" grenzend de prelaat van Averbode O, heer Truijens W, de weduwe Arnol Truijens Z, N commissaris Wouters; "het Waeter Brouck" grenzend Petrus Smeets, de beek en de erfgenamen Joannes Rijnders O, Joannes Henricus Beckers W, Jan Scroeijen Z, de beek N; het deel in "den Panis Dries", mr. Peeter F. Convents O, de weduwe Henricus Beerts W, Joseph Windelen Z, de straat N; "het Smal Bempdeken", Francis Lekens O, Theris Lemmens en Thoo Van Herck W, de beek N, de gemeijne heide Z; "het Hemelrijck", Jan Wuijtens O, de beek N, Jan Reijnders W; "het Schrick Heij Veldt" grEnzend rondom de gemeijnte; hun deel in " 't Paed Brock", O Jan Scroijen, W de prelaat van Averbode, N Caspar Tielens, Z Jan Beckers; het deel van de boomgaard, grenzend het geheel O Marie Dimpna Rynders, W hun eigen erf, Z de weduwe Jan Claes, N de straat.

 

1774, 21 juli. Folio 111v

Willem Peleners heeft gereleveerd de renten die hem zijn aangekomen na de dood van Jan Kroels: een rente staande op panden van Paulus Van der Massen en Henrick Schepers; een rente van 4 gulden op panden van Jan Roulans op huis en hof gelegen in Schulen omtrent "het gericht"; een rente van 10 gulden op panden van Paulus Vrancken op huis en aangelegen erven in Schulen aan den Abuel.

 

1774, 22 september. Folio 113

Andries Theuwissen, door medeschepen de la Croix, heeft uit kracht van generale constitutie een notariële akte voorgelegd beschreven door notaris J. F. Opdendries residerend in Hasselt op 10 september 1774. Hij verzoekt realisatie en approbatie.

Akte. Joannes Lambrechts wonend in Schuelen geassisteerd door zijn echtgenote Catharina Opre, instemmend, verklaren 200 gulden Brabants Luikse valuatie opgelicht te hebben uit handen van sr. Andries Thiewissen presidentschepen van de justitie Diepenbeek en borger van de stad Hasselt. Daarvoor zullen ze jaarlijks een rente van 8 gulden, of 4%, betalen met valdag op 10 september vanaf 1775. Terugbetaalbaar met gelijke som, rente naar verloop van tijd en alle kosten vooraf betaald. Ze stellen deze rente op huis en hof gelegen omtrent den schutters boom in Schuelen, groot vier vat saijens. Het grenst de comparant, Marten Pulinx als man van Anna Bercx en de comparant; op een plek land daar gelegen in de Maene Straet, groot 9 vat saijens, grenzend Renier Declé met consorten, s'heeren straet, de heer de la Croix en de erfgenamen van joufr. Cox; op een half bonder weide of beemd gelegen in de Neerstraet, grenzend de comparant, den "Alden Bampt", "de Spoijen" en Matthijs Strampers. De goederen zijn reeds belast met 30 gulden jaarlijks erfelijk aan de acceptant. Verder stellen ze al hun toekomstige goederen, roerend en onroerend, garant. Opgemaakt in het huis van de acceptant in Hasselt staande omtrent de Augustijnen ter presentie van joufr. Anna Maria Theunis, Marie Vanderjeucht. De comparant Jan Lambrechts heeft door de acceptant de pontpenningen laten aftrekken op dezelfde datum.

 

1774, 6 oktober. Folio 114

Geerdt Franssens legt een akte "van cautie" neer die gepasseerd is voor notaris God. Goedtsbloets op 4 oktober ll en verzoekt realisatie, approbatie en registratie.

Akte. Joannes Oijen wonend in Schackenbrouck onder Wuestherck, Geert Franssen als man en momber van Elisabeth Oijen eveneens wonend in Schackenbrouck, Gilis Mees als man en momber van Aldegond Oijen wonend in Brusthem zijn medewerkende kinderen en schoonkinderen van Herman Oijen en Agnes Liefsoens en kindskinderen en schoonkindskinderen van sr. Joannes Liefsoens en joufr. Maria Catharina Minten. Zijn genoodzaakt om een proces te voeren voor de heren stadhelder en leenmannen van de edele leenzaal van Lummen tegen Peeter Kenens en consorten. Op 13 mei 1774 werd ter rolle wegens de aanleggers aan deze comparanten verzocht om cautie (borg) te stellen. Met instemming van de echtgenotes stellen ze daarom hun deel garant van "den Schoppen Bampt", 5 sillen groot, gelegen onder Schuelen. Hij grenst de erfgenamen van wijlen de heer capiteijn de Praitre 1), de H. Geest van Haelen 2), het "rioel" 3). Verder hun deel in een half bonder broek onder Schuelen, grenzend sr. Vandelaer secretaris van de justitie van Wuestherck 1), "den Truijer Bempt" 2) en "den Halbeuker Deijck" 3). Aan elk van de bovenstaanden horen deze goederen voor een vijfde toe en ze zijn afgekomen van hun voorouders sr Joannes Liefsoens en joufr. Maria Catharina Menten en daarna op hun ouders en vervolgens na de dood van hun ouders op hen. Volgens deling van 10 juli 1719 zijn deze twee percelen getaxeerd de ene op 40 gulden en de andere op 12 gulden 10 stuivers jaarlijks. De deling passeerde voor notaris P. Wintmolders. De goederen cijnzen jaarlijks aan de hertog van Arenbergh op de borg van Lummen. "Den Schoppenbanmpt" is in zijn geheel belast met 12 gulden jaarlijkse rente aan de erentfesten heer advocaet Dierna in Luik, kapitaal 300 gulden. De aanlegger kan aan deze 3/5 delen eventueel met een conde van 15 dagen tot het saisijn komen zonder discussie. Opgemaakt in het huis van de prelocuteur Arn. Hermanus Van Langenacker gelegen binnen Hasselt op de "Loembaerstraet" in presentie van getuigen joufr. Marie Magdalena La Caillie en joufr. Anna Maria Van Langenacker.

 

1774, 20 oktober. Folio 115v

Nicolaes Gevers legt een akte neer beschreven op 9 maart 1774 door notaris Arn. Droogmans met verzoek van realisatie. Het werd gerealiseerd.

Akte. Jan Stappers en zijn echtgenote Aldegondis Vandevoort verkopen aan Nicolaes Gevers en zijn echtgenote Anne Cathrien Van de Voort, hun zwager en zuster, hun helft van een bosje dat in zijn geheel een half bonder groot is, genaamd "het Maenbosken" gelegen onder Schuelen, dat ze samen onverdeeld bezitten. Het is afgekomen van wijlen begijntje Hanson, hun nicht zaliger. Het geheel bos grenst de heer Gerardus Hubertus Briers van Hasselt 1), de heer de Heusch 2), de kinderen van Jan Weijns zaliger 3), de kinderen van wijlen Francis Vander Eijcken 4). Enkel belast met cijns en eventuele dorpsschattingen. Voor 60 gulden Brabants Luikse valuatie. Opgemaakt "in 't schalien huijs" in Berbrouck in tegenwoordigheid van de getuigen Henrick Roelants en Willem Gelders.

 

1774, 01 december. Folio 123v

Jan Vrancken en Elisabeth Vrancken verzoeken te releveren de goederen die op hen zijn verstorven na de dood van hun ouders Paulus Vrancken en Maria Soemers zaliger. Het gaat om huis en hof in Schuelen gelegen grenzend Hendrick Stessens met Hendrick Aerts O, Herman de Meer Z, de heer borgemeester Gielis van Hasselt W, de heerestraet N.

 

1775, 12 januari. Folio 131

Henricus Mattheus Gijbels mangelt met Joannes Schepers. Later blijkt dat de mangeling niet doorging.

Schepers krijgt: een perceel land onder Coursel (Koersel) genaamd “het Hoofken”, palend O Matthijs Gijbels, W en N s’heerenstraet, Z Joannes Van Ubbel. En 60 gulden Brabants Luikse valuatie.

Schepers geeft: land in Coursel in den Postelmanshoeck, palend O. Petrus Franciscus Convents, W s’heerenstraet, Z en N Joannes Beckers.

 

1775, 12 januari. Folio 136v

Zelfde mangeling als folio 131r tussen Hendrick Matheus Gijbels en Joannes Schepers, maar nu is er melding gemaakt van lasten op de goederen. Op het land dat Schepers beschikbaar stelt voor de mangeling staat: 3 schellingen per jaar aan de kerk van Koersel, 100 gulden aan Joannes Meynen en 100 gulden aan Marie Bleux. Het land dat Schepers krijgt, is onbelast.

 

1775, 26 januari. Folio 137

De mangeling tussen Schepers en Gijbels wordt teniet gedaan voor schepen C. Vandereycken van de Loonse justitie.

 

1775, 26 januari. Folio 137v

Hendrick Mattheus Gijbels draagt op tot behoef van Joannes Mattheijs Gijbels een perceel land gelegen in Coursel omtrent het dorp, grenzend Jan Mattheijs Gijbels O, s'heeren straet W en N, de erfgenamen van Henrick Peeters en Jan Beckers Z. Voor 300 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Het goed is enkel belast met cijns en schattingen.

 

1775, 26 januari. Folio 137v

Peeter Sleegers releveert het goed dat hem is aangekomen na de dood van zijn ouders zaliger Hendrick Slegers en Gertruyd Cromphouts: een uijtfanck gelegen in Stal onder Coorsel omtrent "die capelle", grenzend s' heeren straet O, Z en N, zijn eigen erf W.

 

1775, 09 maart. Folio 138

Jan Huijbrighs van Coorsel kwijt de panden van Peeter Daniels, een perceel land in Coorsel gelegen omtrent het dorp in de Savelstraet grenzend de erfgenamen van begijntje Van de Wijer O, de weduwe Aert Beckers W, de erfgenamen van heer Truijens Z; des heeren straet N,van een kapitale rente van 250 gulden Brabants Luikse valuatie. Huijbrighs ontving kapitaal en rente naar verloop van tijd.

 

1775, 09 maart. Folio 138v

Simon Ceijssens draagt op tot behoef van Jan Huijbreghts een perceel land gelegen in Coorsel onder Stal, genaamd "het Vellen", grenzend Hendrick Beckers O en Z, de vijver van Averbode genaamd "den Peerdts Vijver" N, des heeren aerdt W. Simon draagt nog op tot pand een perceel broek in Coorsel onder Stal genoemd "de Vrinshage" grenzend Matthijs Mentens O, Jan Munters W; Hendrick Beckers Z, de Malbeeck N. Hij draagt deze percelen op als pand en onderpand voor een rente van 8 gulden jaarlijks waarvoor hij in kapitaal uit handen van Jan Huijbrechts 200 gulden Brabants Luikse valuatie ontvangen heeft. Valdag op deze datum vanaf 1776. Te kwijten met gelijke som met geld dat dan in het land van Luik zal gangbaar zijn en met rente naar verloop van tijd. Solvit Simon Ceijssens de pontpenningen en hofrechten. Jan Huijbrechts kwam ter gichte met recht.

 

1775, 23 maart. Folio 140v

Facteur Hermans, uit kracht van constitutie, legt een akte neer beschreven door hem als notaris op 15 maart 1775, verzoekend realisatie en registratie.

Akte. Voor de notaris residerend in de stad Herck verscheen Peeter Vandelaer inwoner van Schuelen met zijn huisvrouw Christina Paulus, die instemt met hetgeen volgt. Ze verklaren uit handen van Willem Pelenders inwoner van Kermpt een som van 250 gulden Brabants Luikse valuatie ontvangen te hebben, in Spaanse pattacons voor een bedrag van 150 gulden en voor 100 gulden in stukken van Hollandse of Zeelandse pattacons met inbegrip van 2 gerande ducaten en voorts in goed gangbaar zilvergeld. Vandelaer zal ervoor een jaarlijkse rente betalen van 10 gulden Brabants. Hij hypothekeert deze op een huis met aanhang en hof gelegen op Sint-Joris schans onder Schuelen. Het grenst Willem Maris' weide W, joufr. de weduwe van de heer schepen Henis O en N, de erfgenamen van de edele heer de Schroets Z. Nog op een perceel land onder Schulen, genaamd "die Woelfs Keele", grenzend Matthijs Strampers O, s'heeren straet Z en W, het zusterklooster van Hasselt N. Verder op een land in Schuelen "Bellemans Heijde", het zusterklooster van Hasselt O, "het Beijl" W, Bellemans Heijde" toebehorend aan Jan Joris Z. Deze goederen zijn enkele belast met cijns en met dorpslasten. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris in presentie van joufr. Maria Gertrudis Van Melbeeck en sr. Petrus Van Opree. Attestor L. M. Hermans notaris.

 

1775, 23 maart. Folio 142

Octrooi voor Arnold Luijten.

Arnold Luijten inwoner van Schuelen heeft 3 of 4 jaar geleden, toen hij in zijn eerste huwelijk getrouwd was met Agnes Abrahams, geld moeten lenen uit handen van zijn zwager Herman De Meer, pachter in Halbeek. Het ging om 35 pattacons. Hij zou graag terugbetalen maar kan het niet. Bovendien heeft zijn woning grote reparaties nodig, maar hij kan ze niet onderhouden. Hij vraagt octrooi om een goed te mogen verkopen om de lening terug te betalen en om van de eventuele overschot de grootste nood van zijn huis een beetje te repareren. Schepenen ordonneren dat het advies moet gevraagd worden van de naaste vrienden. Op 23 maart 1775 hoorden de schepenen Jan Luijten inwoner van Schuelen en broer van Arnold en N. Abrahams wonend in Donck, zijn zwager. De schepenen stemmen toe op 6 april 1775 tot een openbare verkoop van een goed in aanwezigheid van de naaste familie en het geld moet voor het recht betaald worden. Daarna moet er afrekening gebeuren van het gebruik van het geld.

 

1775, 28 maart. Folio 143v

Condities waarop Joannes Boes en Jan Gressens man en momber van Anna Marie Boes op heden 28 maart 1775 publiek aan de meestbiedende zullen verkopen een stuk land gelegen onder Schuelen op het Dondervelt, een half bonder groot. Het grenst de pastorij van Berrbrock met Jan Lijten en consorten O, de armen van Berbroek Z, Catharina Brockaers weduwe van Jan Cox W, joufr. Stellegewerx van Hasselt N. Het goed is enkel belast met cijns en dorpslasten. De condities zijn te lezen in dit boek door geïnteresseerden. Het kleinst mogelijke bod is 5 gulden. Voorgelezen in het woonhuis van de notaris in Schuelen in het dorp in presentie van sr. Joannes FRansus Schroijen en sr. Petrus Plugers, getuigen. Het goed bleef aan Hendrick Berten voor en in naam van zijn vader Guliam Berten voor 210 gulden. Getekend: C. Vandereijcken schepen van de Loonse justitie van Lummen buiten vrijhijt.

 

1775, 27 april. Folio 147

Joannes Stappers, Michiel Stappers en Miecken Stappers verzoeken te releveren de goederen die op hen zijn verstorven na de dood van hun oom en tante Joannes Hoens en Anna Schuermans: een perceel land gelegen in Schuelen, grenzend Liben Maers O en N, joufr. HussenW, de pastorij van Herck of Jacobus Smedts Z; een rente van 8 gulden jaarlijks op panden van joufr. Hussens huis en hof te Schuelen. Het relief werd verleend met ban en vrede.

 

1775, 27 april. Folio 147

Arnoldus Luijten draagt op tot behoef van Herman De Meer een perceel land genaamd "de Bohim" gelegen omtrent het Stenen Cruijs in Schuelen, omtrent 3 vaten saijens, grenzend Herman de Meer Z, Joannes Roelants W, Francis Vaes N, Arnoldus Mommen O. Voor 270 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Op dezelfde dag werd octrooi verleend aan Jan Luijten en Berthus Abrahams als mombers. Het goed is enkel belast met cijns en schattingen. Lijffcoop 9 gulden 2 stuivers. Herman De Meer kwam ter gichte met recht.

 

1775, 29 april. Folio 147v

Lambertus Vrancken releveert de goederen die hem uit kracht van het testament van wijlen Jan Hoens, zijn oom zaliger, zijn gelaten. Het testament werd beschreven door Joannes Lijnen pastoor van Schuelen op 12 juni 1773. (Dit testament is te vinden in schepenbank Lummen losse stukken bij geregistreerde akten Loons recht op deze datum.) Hij erfde huis en hof gelegen op den Abeel onder Schuelen, grenzend de heere straet O en N, de Veldtsteegh W, Joannes Joors Z; een sille broek onder Schuelen gelegen in Roesbroeck, grenzend de Backis Voort O, het zusterklooster van Hasselt N, Lambertus Lambrughs W, mijn heer Heijrmans Z; een perceel "het Boschlant" onder Schuelen, palend Wilhelmus Maris O, de erfgenamen van joncker Schroots N, Jan Van Schonbeeck W, Peeter Motmans Z. Hij kwam ter gichte. Onder stond: Keurcoelinge

 

1775, 23 mei. Folio 156v

Jan Van de Berghe bekent van Willem Witters 200 gulden kapitaal ontvangen te hebben met de vervallen intrest die geaffecteerd stond op panden van Willem Witters gelegen in Stal onder Coorsel. Het goed grenst O Elisabeth Stevens, W Geert Thijsmans, Z Maria Anna Van de Weijer, N zijn eigen erf.

 

1775, 29 mei. Folio 157

Henderick Damiaens en Elisabeth Heijbens dragen een derdedeel op van een broek gelegen in Coursel in den Overslag, dat ze met hun twee vernaderd hebben. Het is afgekomen van Matteus Heijbens en grenst O Jan Bosmans, W Jan Heijbens, Z de vloetgracht, N Geert Vaes. Voorschreven schoonvader en eigen moeder dragen dit perceel broek op aan haar dochter Marie Dillen voor haar trouwe dienst op voorwaarde dat haar moeder Elisabeth Huijbens gedurende haar leven de tocht ervan zal genieten.

 

1775, 23 juni. Folio 159v

Francus Van Swartenbroick legt een akte neer van 8 juni 1775 beschreven door notaris Arn. Drooghmans en verzoekt realisatie en approbatie, die hem worden toegestaan.

Akte. Bij de notaris verschenen Joannes Roelans en zijn huisvrouw Marie Cathrien Becx, inwoners van Schuelen. Ze hebben verkocht aan Franciscus Van Swartenbrouck, eveneens inwoner van Schulen, hun huis met bijgaande bouwsels, warmoeshof, boomgaard en "winhoff" aan elkaar gelegen onder Schuelen, rondom in zijn grachten die erbij horen. Regenoten des Heeren Straet leidend van Berbrouck naar Wuestherck 1) die leidend naar Lummen genaamd "die Stapstraet" 2), de edele heer de Libotton representerend hun oom Henrick Roelans 3) en hun oom Jan Roelants met het wedergedeelte 4). Het goed is afgekomen van hun ouders Herman Roelants en Anna Margareta Guffens zaliger. Het werd toegewezen bij deling beschreven door notaris Kips in Herck residerend op 10 maart 1754 aan vader Herman Roelants onder de kavel A. Het goed is belast met een "koijekeur" aan de edele heer in Lummen, met 3 gulden jaarlijks aan de kerk van Schulen, met 1 gulden 10 stuivers aan de abdij van Herckenrode, met 5 gulden aan de heer G. H. Briers van Hasselt, met 2 gulden 10 stuivers aan N. N. in de Colve in Hasselt, met een vat koren uit 4 vaten aan de kerk van Schuelen, met 3 gulden jaarlijks aan de kinderen van Joannes Hemeleers en Cathrien Roelants waarvan het kapitaal 60 gulden is en die gecreëerd werd bij de voorschreven deling in 1754, met 4 gulden jaarlijks voor kapitaal van 100 gulden aan Willem Pelenders representerend wijlen zijn oom Peeter Croels, met dorpsschattingen en grondcijns. Wordt verkocht boven de lasten voor 413 gulden Brabants Luikse valuatie. Lijcop 10 gulden, godspenninck 1 stuiver. Conditie: de verkopers mogen het goed nog blijven bewonen tot half maart 1776 en de vruchten profiteren die gezaaid zijn. In ruil zullen ze daarvoor de lasten nog betalen van dit jaar 1775 inbegrepen. Indien de rente aan de Colve in Hasselt niet wordt opgevraagd, dan moet de acceptant nog 50 gulden Brabants Luikse valuatie eens opleggen op de koopsom. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris in de Choorstraet in Kermpt in aanwezigheid van de getuigen Marie Bijnens en Gertruijt Ilen.

 

1775, 23 juni. Folio 161

Theodorus Colmont legt een akte neer beschreven op 24 maart 1775 door notaris J. F. Opdendries en verzoekt de realisatie en approbatie. Schepen houden het voor gerealiseerd en laten het registreren.

Akte. Voor de notaris residerend binnen Hasselt verschenen Hendrik Peeters en Jacobus Daniels weduwnaar van Catharina Peeters als vader en momber van Peeter, Jan en Catharina Daniels. Ze dragen onder vorm van mangeling op aan Theodorus Colmont hun recht op een stuk land gelegen onder Schuelen, genaamd "den Boterhoff", grenzend Jan Lambrichts, Matthijs Strampers met het wedergedeelte, s'heeren straet. Het is anderhalf vat zaaiens groot en geëvinceerd door de erentfesten heer advocaat Petrus Antonius Fredeici binnen Hasselt voor 4 gulden 10 stuivers jaarlijkse rente. Conditie: acceptant Colmont moet het goed aan de heer Frederici op zijn kosten purgeren. Verder is het nog belast met 3 gulden aan sr. Arnold Van Nuffel koster van Lummen. Colmant draag als tegenruil twee roeden op uit 4 roeden land gelegen in Rue onder Schuelen, grenzend joufr. de weduwe Hussen, Leonard Swartenbroeck, s' heeren straet. Het goed is onbelast. Colmont telde hen nog 24 gulden. Opgemaakt binnen het huis van Joris Claes binnen Lummen in diens presentie en die van Joanna Serdons als getuigen.

 

1775, 23 juni. Folio 162

Er werd een akte neergelegd ter realisatie gedateerd op 17 juni 1775 en beschreven door notaris H. Van Muijsen. Het wordt gerealiseerd.

Akte. Voor de notaris residerend in Hasselt verschenen de erentfesten heer Petrus Antonius Frederici advocaat 1) en Theodorus Comont 2). Frederici draagt bij manier van purgement op tot profijt van Colmont, die accepteert en purgeert, een stuk land waar voordien een huis op heeft gestaan in Schuelen, omtrent 1,5 vat saijens groot genaamd "den Boterhoff". Het werd in 1759 door de heer Frederici geëvinceerd tegen Hendrick Peeters en Jacobus Daniels omdat een rente van 3 gulden en een van 1 gulden 10 stuivers jaarlijks niet werden betaald. Colmont verkreeg zijn recht op het goed via koop van Peeters en Daniels via akte van notaris Opdendries van 24 maart laatstleden. Het purgement gebeurt voor de som van 70 gulden. Daarmee zijn alle verlopen van beide renten voldaan met kosten van evictie en de intrest ervan, recht van administratie en vacatien van de evincent tot het lopende jaar 1775 inbegrepen. Colmont komt in de gerechtigheid van Frederici. Opgemaakt binnen Hasselt in het huis van de heer Frederici in presentie van getuigen joufr. Anna Maria Bemelmans en Catharina Dresen. Attestor H. Van Muijsen, notaris.

 

1775, 20 juli. Folio 172v

Marie Stappers nicht van Jan Stappers draagt op tot behoef van Jan Stappers omtrent een derde deel van een perceel land in Schuelen gelegen, Lieben Maris O en N, joufr. Hussen W, Jacobus Smedts met het Papen Bosken Z. Verkocht voor 250 gulden Brabants Luikse valuatie boven lasten. Het is belast met 1 gulden jaarlijks aan Jacobus Roberti, cijns en schattingen. Jan Stappers werd gegicht en gegoed in het goed met recht.

 

1775, 21 september. Folio 173

Voor de Loonse buitenschepenen van Lummen mede als laethen van Schelen Hoff onder Schuelen verscheen de E.H. Libens, kapelaan in Schuelen, die uit kracht van generale constitutie en in de naam van de heer Guilielmus Stappers heer van Over- en Nederhespen, Gutsenhoven en Mensile enz een akte heeft voorgelegd ter realisatie. Na voorgaand relief na de dood van de ouders van de edele heer baron Joannes Ludovicus de Heusch vande Zangerije, heere van Gellick en Eijgen Bilsen, Dreumel, Westram, Mierlo enz, kapitein van de cavalerie ten dienst van de Hoogmogende Heren Staten van Holland werd de akte opgemaakt door notaris Carolus Antonius Fock op 21 september 1775. Hij verkoopt aan de heer Stappers een winning bestaande uit huis, schuur en stallingen met aangelegen goederen, gelegen onder Schuelen. Dit is verhuurd aan Willem Putmans voor 110 vaten rogge Diesterse maat en 110 gulden Brabants Maestrighter koers. Er is een stuk land bij genaamd "het Kemphofken", grenzend s'heeren straet, de edele heer de Libotton, de heer advocaat Vossius en de hof achter het huis genaamd "het Venne". Belast met 5 capuijnen jaarlijks op Sint-Stevensdag op het kasteel van Lummen aan onze heer. Een bos gelegen onder Schuelen in de Maane Straet, anderhalf bonder groot, grenzend deze straat O, die Winterbeeck en de heer Kips. Geldt jaarlijks een half vat maut op de eerste maandag van de vasten aan de onze heer. Een weide van 5 sillen groot genaamd "s' Hoijeters Bempd" gelegen in Reu onder Schuelen grenst de Nieuwe Laeck in twee zijden en geldt jaarlijks 5 oorden cijns op woensdag Lummen kermis op het kasteel aan onze heer. Bos en beemd hiervoor zijn samen belast met 1 gulden 10 stuivers aan de kerkfabriek van Schulen en met 5 capuijnen. Een perceel "den Hofacker" in Schuelen gelegen grenst de straat W, de edele heer de Libotton en daarvoor Fredric Hermans erfgenamen O en N op het voorvermeld "Venne" en geldt jaarlijks op het feest van Sint-Joannes Baptista in Lummen op het kasteel 5 oorden aan zijne hoogheid onze heer. Een perceel in Schuelen "die Berrebosch" grenst de erfgenamen Straate, Herman Vanderijken, Joannes Stapparts, joufr. de weduwe Joannes Husso en joufr de weduwe de heer Van Henis. "Den Dries" paalt de heeren straet, Joannes Stapparts, de waterschanse. Het perceel "het Poortien" grenst het gemeijn broeck, "de Schoijeters Weijde", het bempdeke genaamd "die Mick Weijde" en Joannes Hermans. Een weide genaamd "den Winckel", grenzend Hendrick Schepers, de heer Ulens van Sint-Truiden. Al deze goederen zijn onder Schuelen gelegen. De heer de Heusch is geassisteerd door de edele Vrouwe mevrouw de Baronnesse Van Scherpenseel, zijn echtgenote, die instemt. In de akte van de notaris zijn enkel de onderstreepte percelen vermeld. De andere percelen vinden we wel in de aanhef bij de realisatie. Zij horen er dus zeker bij.

Verkocht voor 14000 gulden Brabants in stukken van 650 carolinen en 50 gehele en halve Brabantse nieuwe souvereijnen. Godsgeld 5 stuivers. De koopsom werd voldaan. De huur van het lopendejaar is nog voor verkoper. De deling waarbij de verkoper deze goederen heeft verworven gebeurde op 16 januari 1750 voor notaris H. Van Muijsen in Hasselt tussen de kinderen van wijlen de edele heer Ernestus Guilielmus de Heusch en mevr. Christina Margareta van Quoitbach, echtpaar zaliger. Verder kreeg hij nog goederen via de testamentaire beschikking van de edele vrouwe Isabella Maria Charlotta de Heusch gepasseerd voor notaris Withofs op 6 april 1763 en als laatste uit de nalatenschap van mevr. de douarière Van Wevelinckhoven gepasseerd voor deze notaris Fock op 24 april 1771. Verkocht op het kasteel van de Sangerije in presentie van de E.H. Josephus Balthasar Eijmael priester en beneficier van de collegiale kerk van Munsterbilsen en de heer Mattheus Ernotte, koopmen en bankier in Maastricht.

Relieff voor schepenen                       3 - 15

ban oft opcomelinge               7 - 4 1/2

Relieff Schelen Hoff              3 - 15

ban oft opcomelinge               0 - 17 1/2

Realisatie voor schepenen       1 - 17 1/2

Item realisatie Schelenhoff     1 - 17 1/2

ban oft opcomelinge               7 - 4 1/2

ban in Schelenhoff                  0 - 17 1/2

registratie actus                                   2 - 10

copije                                       1 - 10

Totaal                                      31 - 9

Pontpenningen                                    700

Solutum voor de heer Stappers van Sint-Truiden de som van 731-9- door de E.H. Libens kapelaan van Schulen.

 

1775, 21 september. Folio 176

Facteur Hermans legt uit kracht van generale constitutie een akte neer beschreven door hem als notaris op de laatste dag van augustus 1775, in verband met goederenruil tussen de edele heer Augustinus Ignatius Josephus Norbertus baron de Saint Vaast, heer van Denterghems enz. en mevrouw Theresia Josepha Giselena Van Kannart d' Hamale vrouwe van Massenhove, zijn echtgenote, met joufr. Maria Catharina Van de Laer. Hij verzoekt de realisatie. De schepenen houden het voor gerealiseerd en geapprobeerd en laten de akte registreren.

Akte van laatste augustus 1775, notaris Hermans residerend in Herck. De meerderjarige jongedochter Maria Catharina Vande Laer representeert bij donatie joufr. Maria Catharina Van de Laer, die weduwe was de erentfesten heer de Moreau, daarna weduwe van de heer Petrus Mathias de La Croix, de overleden tante van voorschreven juffrouw. Ze legt de akte van donatie neer gepasseerd voor notaris Put en gerealiseerd voor de schepenen van Lummen op 27 maart 1767. Op 26 juni van hetzelfde jaar volgde de deling voor dezelfde notaris Put in Beringen residerend.

De eerste comparant draagt aan de tweede 15 cortroeden beemd op gelegen onder Herck met "die nieuwe couppuere oft nieuwe snede" door de beemden van de tweede comparante gesneden van de beemden aan de eerste comparant toebehorend genaamd "die Beeckmans Weijden oft Bempden" en nu gewoonlijk "die Keijsers Bempden" genoemd. Deze beemd grenst de nieuwe rivier Z, de beemd van de tweede comparante "die Roten" W, de weduwe Henis N en de edele heer voorschreven met nog 6 roeden O.

De tweede comparante draagt van haar kant aan de edele heer eerste comparant op in wedermangeling 13 corte roeden en een derdendeel gelegen onder Schuelen en nu liggend bij "den nieuwen Snede" in de goederen van de edele heer comparant en zijn echtgenote in de voorschreven "Beekmans Bempden", grenzend de Nieuwen Snede en de edele heer voorschreven rondom en nu gelegen naar de zijde van de Herck. Voorwaarde is dat de edele heer aan zijn geruilde 15 kortroeden na meting een gracht of scheiding moet maken die op zijn 6 roeden zal moeten liggen. De hoogte of de berg moet door de edele heer gelijk gemaakt worden als het geruilde goed zijn erf zal raken. De beide stukken zijn enkel met grondcijns en schattingen belast. Opgemaakt in "den Pelicaen" in de stad Herck in presentie van de getuigen Henricus Briers en de heer J. B. Van de Laer, schepen en secretaris van de stad Herck.

 

1775, 05 oktober. Folio 178v

Jacobus Leyssens man en momber van Ida Stockmans, Christina Stockmans en Gertrudis Stockmans verzoeken te releveren na de dood van hun broer zaliger: een perceel broek gelegen in Coursel in het Oversel, genaamd “het Hemelrijk”, palend O Peeter Francis Convents, W de erfgenamen Jan Henderix, Z de gemeente, N de erfgenamen Peeter Hermans.

 

1775, 05 oktober. Folio 179

Er wordt een akte neergelegd beschreven door notaris J. Nulens en met opgevolgde kaarsbranding van 8 augustus 1775 om gerealiseerd te worden. Het werd gerealiseerd en is in hoede gekeerd.

Voorwaarden waarop Jan Baptist Bertels als man en momber van Gertruijt Palmers, present en instemmend, op heden 7 juni 1775 na voorgaand kerkengebod publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zal verkopen een stuk land in Coursel tegenover "de Langvenne" in de huishof van vroeger Jan Put nu van de erfgenamen Mighiel Claes. Het grenst Anthoen Leijsens O, Gaspar Vaes W, de onmondige kinderen van Mighiel Claes Z en N. Het is belast met 150 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan de erfgenamen van Simon Beckers van Exel uit een grotere rente; met 100 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan de pastoor van Coursel en met schattinge en grondcijns. Gerechtsdienaar Andries Witters zal het goed oproepen en aan de meestbiedende toewijzen met eenmaal, andermaal, derdemaal. De condities kunnen gelezen worden in dit register indien gewenst. De originele koper moet minstens 5 hogen stellen van 2 gulden Brabants Luikse valuatie per hoge, te verdelen tussen hoger en verkoper.Godsgeld 5 stuivers en 6 gulden lijcoop te verbruiken in het huis van Jan Van Ubbel, zonder te korten aan de koopsom. De koopcondities werden voorgelezen in het huis van Jan Van Ubbel in de straat van Coursel in presentie van magister Petrus Franciscus Convents en van Henricus Mattheus Reynders als getuigen. Jan Lemmens bood 300 gulden Brabants Luikse valuatie boven lasten en kreeg ervoor de palmslag. Hij verbeterde zijn koop met 5 hogen.

Op 31 juli 1775 hoogde Paulus Norbertus Beerts met 15 hogen af in het huis van de notaris in Vurten onder Coursel. Getuigen: Peeter Convents en Joanna Gertrudis Convents.

Kaarsbranding gehouden op 5 oktober 1775 voor de schepenen van Loons recht. De koopbleef aan Beerts.

 

1775, 19 oktober. Folio 182v

Latijn. Zeer onder voorbehoud! Titel voor magister Jacobus Van de Wijer. Philippus Van de Wijer en zijn echtgenote Anna Ghijsberghts inwoners van Coorsel (Koersel) onder deze jurisdictie gelegen, hebben een zoon magister Jacobus Van de Weijer die theologie studeert "in magno universitatis Lovaniensis collegio aspirantes ad sacros ordines". Voor zijn titel en zijn onderhoud voorzien ze:

1) land 1 bonder groot in Coorsel, grenzend E.H. Jacobus Van de Weijer pastoor in Poederle 1), Joannes Josephus Reijnders 2), Van Postel 3). Geschatte opbrengst 56 gulden.

2) weide in Coorsel grenzend 1) de erfgenamen van Sebastiaen Jans, 2) de erfgenamen Joannes Beckers, 3) "de Roede Beeck". Brengt jaarlijks 24 gulden op.

Tot verbetering van deze titel stelt E.H. Jacobus Van de Weijer, pastoor van Poederle en oom van magister Jacobus Van de Weijer een stuk land in Coorsel, grenzend s' heeren straat 1), Philippus Van de Weijer 2), Joannes Josephus Reynders 3), 4) P. Van Postel, ongeveer een bunder groot. Brengt jaarlijks 40 gulden op.

Stelt nog een bos in Poederle beschikbaar, grenzend 1) Petrus Smolders cum suis, 2) Petrus Van de Weijtvliet, 3) en 4) de straat. Groot 6 bunder met jaarlijkse opbrengst 100 gulden. Verder heeft de pastoor nog 6900 gulden beschikbaar in Poederlee, die jaarlijks 220 gulden intrest opbrengen.

Er is nog een zuster Maria Anna Van de Weijer, maar het is niet duidelijk of ze een zuster is van vader Philippus of van magister Jacobus Vande Weijer.

Getekend: Eustachius Timmermans.

 

1775, 03 november. Folio 184

Andries Slangen als man en momber van Maria Eijckmans en Jan Eijckmans verzoeken te releveren na de dood van hun ouders Peeter Eijckmans en Magriet Seijssens: een perceel land genaamd "het Heij Velleken" gelegen in Stal onder Coorsel omtrent "den Valentijn" O, Z de erfgenamen Jan Ceijssens, W de erfgenamen Vincent Ceijssens, N s' heeren aerdt. Cijns dobbel 0-0-2

 

1775, 03 november. Folio 184

Petrus Vande Weijer is overleden. Relief door Arnoldus Van de Weijer, Mattheus Van de Weijer en Hendrick Van de Weijer en Matthijs Ceijnssens als man en momber van Maria Anna Van de Weijer na de dood van hun oom Petrus Van de Weijer zaliger. Ze releveren een perceel broek gelegen in Stal onder Coorsel omtrent "de Schebempden", O Henderick Corvers, W de heer prelaat van Averbode, Z Mattheus Van de Weijer en Blasius Knaep, N de erfgenamen Laurens Stiens. Cijns dobbel 0 - 1- 0

 

1775, 03 november. Folio 184v

Petrus Frans Convents, Joannes Michiel Convents, Michiel Herton man en momber van Elisabeth Convents, Egidius Frans Liebens man en momber van Maria Gertrudis Convents en Ida Convents verzoeken te releveren na de dood van hun ouders zaliger Petrus Ludovicus Convents en Anna Mullens: een perceel land gelegen in Coorsel omtrent "den Lesten Stuijver", O Hendericus Rijnders, W Peeter Van Ubbel, Z s heeren straet, N Joannes Ceijssens; een perceel broek onder Coorsel omtrent "de Keue", O Carolus Dries, W Mattheus Lemmens, Z de Winterbeeck, N de oude beek.

 

1775,03 november. Folio 184v

Herman en Arnoldus De Meer dragen op tot behoef van de heer Willem Roijers wonend in Hasselt een perceel land genaamd "den Bodem" onder Schuelen gelegen, groot 6 vaten saijens. Onbelast. Grenzend Matthijs Joors O, de erfgenamen van begijn Hansons W, Jan Roelants Z, Francis Vaes N; de helft van een perceel land genaamd "de Kaije Eijcken", 4 vat saijens groot. Belast aan de armen van Herck met 2 vaten koren uit een grotere rente van 4 vat jaarlijks, onder Schulen, grenzend de erfgenamen van Mattheijs Schepers O, de Kercke Straet N, Peeter Pluggers Z. Ze dragen deze goederen op als pand en onderpand voor een rente van 17 gulden en 10 stuivers jaarlijks. Ze hebben ervoor uit handen van Willem Roijers 500 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal ontvangen. Valdag op deze datum en voor het eerst in 1776. Te kwijten met gelijke som in geld dat in de tijd van de afbetaling zal gangbaar zijn in het land van Luijck en het graafschap Loon. De verlopen intrest moet allemaal afbetaald zijn en alle kosten voordat tot kwijting zal overgegaan worden. Willem Roijers kwam met recht ter gichte. Solvit Herman de Meer de hofrechten en pontpenningen.

 

1775, 03 november. Folio 185v

Joannes Neijs releveert na de dood van zijn oom Huijbrecht Jans: een perceel broek gelegen in Coorsel in de Keijvennen, grenzend O Lenaerdt Haenegrefs, W Jan Ceijssens, Z s' heeren aerdt, N de beek.

 

1775, 03 november. Folio 194v

Schepen Van der Eijcken en Jan Luijten zoon van Jan Luijten en Gertrudis Bruijns hebben als mombers van de onmondige kinderen Marie, Catharina, Wilhelmus, Dimphna en Hendrick Van de put, wonend in Schulen, de eed gedaan.

 

1775, 03 november. Folio 195

Schepen Van der Eijcken en Jan Luijten voorschreven, als mombers van de kinderen van Jan Van de Put, verzoeken te releveren het goed dat op hen is aangekomen na de dood van hun ouders Jan Van de Put en Marie Van der Eijcken zaliger: een perceel land gelegen in Reuer(?) onder Schuelen, regenoten de heer Cox Z, de heeren straet W, hun eigen erf of de erfgenamen van Jan Luijten N, Jan Matthijs Jaers O.

 

1775, 16 november. Folio 195v

Jan Tappers (of Stappers?) komt releveren na de dood van zijn zuster Marie Stappers zaliger: een perceel land gelegen in Schuelen, grenzend Lieben Maris O en N, joufr. Hussen W, de pastorij van Herck of Jacobus Smets Z; een rente van 8 gulden jaarlijks op panden van joufr. Husson, namelijk huis en hof in Schuelen gelegen.

 

1776, 11 januari. Folio 199

Voorwaarden waarop Jan Joseph Reijnders, koopman van Coorsel als afgevaardigde van de eerwaarde nonnen van het klooster van Peer, vandaag op 5 december 1775 na voorgaande affixie en publicatie door sheerendienaar op de gewoonlijke plaats publiek door de notarisG. Munters residerend in Stal onder Coorsel zal verkopen 1) een broek gelegen omtrent "den Loosen Bempt", grenzend O Catharina Witters, N de Oude Beek, W Catharina Van Herck, Z s'heeren aert. Verder 2) nog een perceel land genaamd "Leelen", grenzend O Dries Vaes, N Maria Smets, W Mathijs Gijbels, Z Catharina Witters. 3) een perceel land gelegen aan "den Eijsselschen Bosch", W Joannes Swerts, N Griet Van Herck, Z s' heeren straet. Al deze percelen liggen onder Coorsel en zijn enkel belast met cijns en gemeenteschattingen. De voorwaarden kunnen in het origeneel gelezen worden door geinteresseerden. Drie zitdagen telkens na acht dagen. Proclameren in de vroegmis 's zondags. Zondag na laatste zitdag volgt de proclamatie van de kaarsbranding. De kerk van Koersel krijgt 5 stuivers godsgeld. Het klooster moet 15 gulden krijgen voor een kermis van het land aan den Eijsseleschen Bosch en 6 gulden voor lijcoop; van "het Leelen Landt" 6 gulden lijcop en van het broek 12 gulden, alles zonder korten aan de koopsom. Hogen van twee gulden te verdelen tussen koper en verkopers half en half. De condities werden voorgelezen in het huis van Joannes Van Ubbel in Coorsel in presentie van getuigen Henricus Van de Weijer en Petrus Van Ubbel. De eerste zitdag werd gehouden. Notaris Joannes Nulens bood voor het broek 640 gulden Brabants Luikse valuatie en kreeg ervoor de palmslag. Hij verbeterde zijn bod nog met 15 hogen.

Hendricus Gijbels bood voor "Leelen" 250 gulden Brabants Luikse valuatie en kreeg ervoor de palmslag. Hij bood nog 5 hogen bij.

Op 12 december 1775 werd de tweede zitdag gehouden op dezelfde plaats; getuigen Joannes Lemmens en Hendricus Tielemans.

De derde zitdag werd op 19 december gehouden in presentie van Matthijs Feijen en Gaspar Van Ubbel.
Kaarsbranding op 2 januari 1776. De twee percelen bleven bij het uitgaan van de kaars aan de originele kopers.

Op 11 januari heeft schepen Wauters deze akte voorgelegd met verzoek van realisatie.

 

1776, 11 januari. Folio 202v

Simon Ceijsens bekent verkocht te hebben en draagt op tot behoef van Petrus Ceijssens, zijn halfbroer, een perceel broek gelegen in Coorsel in den Overslag, genaamd "het Keesken" omtrent "den Hooghen Bosch" gelegen. In gebruik nemen half maart 1776. Het grenst O Jan Bosmans, W Peter Koninx, Z "den Hoogen Bosch", N Peeter Nijs. Voor 525 gulden Brabants Luikse valuatie eens en 10 gulden speelgeld voor de vrouw van Simon. Lijckop een half ton bier. Het goed is enkel belast met schattingen en s' heeren grondcijns.

 

1776, 11 januari. Folio 203

Henderick Tielemans, met instemming van zijn echtgenote, verklaart dat hij aan Jaspar Smeets een perceel land verkocht gelegen in Coorsel, grenzend Jaspar Smeets O, de erfgenamen Joris Van Ubbel W, de erfgenamen Wilhelmus Pelsers Z, Gerardus Wouters N. Voor 260 gulden en een half ton lijcop. Enkel belast met schatting en s' heeren grondcijns.

 

1776, 11 januari. Folio 203

De erfgenamen Jan Leeuws, Maria Helena en Catharina Elisabeth Leuws, Renier Leuws en Arnoldus Leuws verzoeken te releveren na de dood van hun ouders Paulus Leuws en Maria Vanderheijden: een perceel dries gelegen in Coorsel onder Vurten, Jan Van de Bergh O, de erfgenamen van mijnheer Heusch W, den vloetgracht N, s' heeren straet Z; een perceel turfbroek gelegen in Coorsel grenzend Peeter Frans Convents O, Hendericus Rijnders W, Geert Wouters Z, de oude beek N. Cijns 0-2-3.

 

1776, 11 januari. Folio 204

De E.H. pastoor Bollen kwijt de panden van Jan Luijten Aerdens zoon: een perceel broek gelegen in Schuelen, grenzend den heer baron Cauwenhoven O, des heerenstraet Z en W, Elisabeth Lambrechts N. Hij kwijt het van een kapitale rente van 27 gulden Brabants Luikse valuatie. Hij is voldaan van kapitaal en intrest. De tweede helft van de gichte is tegenstrijdig aan hetgeen ervoor werd beschreven. E.H. Bollen kwam in de kwijting ter gichte. Dit laatste moet een fout zijn.

 

1776, 11 januari. Folio 205

Andries Van Aerenborch verzoekt te releveren de goederen die hem zijn toegevallen na de dood van zijn ouders N. Van Aerenborch en Anna Smeets zaliger: een perceel land gelegen in Coorsel onder Stal omtrent "den Posthoorn", grenzend Daniel Slangen O, Geert Thuijsman W, huis en hof Z, Jan Leckens N met de erfgenamen Matthijs Witters.

 

1776, 08 februari. Folio 205

Maria, Hendrick, Ida en Jan Cuijpers verzoeken te releveren het goed dat hen is toegevallen na de dood van Jan Cuijpers en Helena Stockmans zaliger: huis en hof omtrent "den Stap" gelegen onder Schuelen, grenzend Francis Van Swartebrock O, de kinderen Nicolaes Ruijters Z, de sheeren straet W, Jan Colomons N.

 

1776, 08 februari. Folio 205v

Schepen Van der Eijcken verzoekt te releveren voor Hendrick Stessens, Catharina en Getruijdt Stessens de goederen aan hen toegevallen door de dood van Lenart Stessens en Catharina Wasch, hun ouders zaliger. Het betreft huis en hof op den Abel gelegen onder Schuelen, grenzend Hendrick Aerts O, Z de kinderen van Paulus Vrancken, Maria Somers W, de heeren straet N; een perceel land genaamd "de Lompt" onder Schuelen, grenzend de heeren straet O en Z, de heer Cox van Hasselt W en Arnold Enckels N; "de Cleijne Lompt" onder Schuelen gelegen, palend Arnold Enckels O, de heer Cox van Hasselt Z.

 

1776, 08 februari. Folio 206r

Relief na het overlijden van Maria Magrita Jaers, van Schulen, door Herman Jaers, Jan Mattheijs Joers, Willem Beijnaers nomine uxoris Maria Catharina Jaers, Mattheijs Jaers, Lambertus Jaers, Anthonius Grouls nomine uxoris Ida Jaers, Mattheijs Jaers voor zichzelf en voor Lambertus Van de Voort, Jan, Catherine, Adegusdus, Margrita Jaers, Gerardus, Jan Libertus, Margo Maris. Ze releveren “den Berghbosch” onder Schuelen omtrent de Potereij grenzend Passenlandt O, de erffstegh Z, "de Blaes" W, joufr. Hussen N; “het Noenbamp” onder Schuelen, de erfgenamen jonker Schroets N, secretaris Timmermans O, de oude Laeck W en Z; een perceel land genaamd "de Bloes" in Schuelen, de heer Briers O, de steegh Z, de erfgenamen Francis Reijnders W, Piro Swartebrock N; een vijfde part van een bos met Maghiel Renders. zaliger omtrent den Vrebosch gelegen in Lummen, de weduwe Adriaen Willems Z, de heer Kips van Herck W, de stegh O, de heer van Lummen N; een beemd “de Poel” onder Schuelen gelegen, de kerk van Lummen met consorten W en N, Jacobs van Diest Z, doctoor Willens van Hasselt O; een rente van 4 gulden uit 5 gulden jaarlijks op panden van Peeter Neven en Renier Le Cleer met consorten onder Schuelen onder het Waeeijnde op de Stap, palend de straat Z en W.

 

1776, 08 februari. Folio 206v

Gerardus Gielen, Jan, Matthijs, Mattheus Vande Weijer nomine uxoris Maria Anna Gielen verzoeken te releveren na de dood van hun ouders zaliger: een perceel land gelegen in Coorsel onder Stal genaamd "het Wouters Velt", grenzend Jan Cannaerts O, Bernardus Ceijssens W, Daniel Convents Z, s' heeren aert N; een perceel land gelegen in Coorsel onder Stal genaamd "het Wouters Velt", grenzend Jan Cannaerts O, Bernardus Ceijssens W, Daniel Convents Z, s' heeren aert N; een perceel land "de Galberchse Hoof" gelegen in Coorsel onder Stal, Brigida Lemmens O, W en Z en N s'heeren aert; een perceel broek genaamd "het Craenvat" in Stal, de Brockstraet O, Henderick Knap Z, de erfgenamen Jan Ceijssens W, de erfgenamen Peeter Raepers N; een perceel turfbroek gelegen in Coorsel, de erfgenamen doctor Pelsers van Hasselt O, de erfgenamen Matthijs Lekens W, Cornelis Caubers Z, de beek N; een perceel land gelegen in Stal genaamd "het Stalbloock", Jan Cannaerts O en Z, Peeter Ceijssens van Beringen W, de erfgenamen Hendericus Geerts N.

 

1776, 17 februari. Folio 207

Hijrman Van der Eijcken en Luebertus Maeris hebben de eed gedaan als mombers voor de kinderen van Peeter Plughgers en Dipna Gobben. Vervolgens hebben ze gereleveerd voor Peeter Joannes Plughers, Magriet Plughgers, Marie Chatrien Plughgers de rente die hen is aangekomen na de dood van hun ouders: een rente van 32 gulden jaarlijks staande op panden van de weduwe Lambijer Van de Brock onder Schuelen gelegen, grenzend de heere straet W, de heer advocaet Bruers O, zijn eigen erf Z, "het Schermers Veldt" N.

 

1776, 22 februari. Folio 207v

Joannes Moons en Maria Helena Moons verzoeken te releveren na de dood van hun ouders zaliger Nicolaes Moons en Allegondis Witters: een perceel broek gelegen in Coorsel onder Vurten, grenzend Jan Van de Berghe en Antoen Put O, Henderick Lekens W, de erfgenamen Paulus Leeuws Z, de Winterbeeck N.

 

1776, 22 februari. Folio 208

Jan Hendricx, Peeter Fonthijn man en momber van Marie Hendrix en Bartel Aerts man en momber van Anna Catharina Van der Straeten verzoeken te releveren na de dood van Brigida Convents de goederen die hen zijn toegevallen: een perceel broek gelegen onder Coorsel genaamd "het Groot Baender", O het H. Geestbroek, W en N Jan Vaes, Z commissaris Wouters; een perceel broek gelegen op "den Melsen Bosch" onder Coorsel, O Hendericus Beckers, W Guhelmus Pelsers, Z commissaris Wouters, N de Rode Beeck; een perceel land genaamd "het Block" onder Coorsel, O joufr. begijn (bobijnken!) Van de Weijer, W de erfgenamen Aert Beckers, Z Hendericus Truijens, N s' heeren straet genaamd "de Savel Straet".

 

1776, 22 februari. Folio 208

Henderick Leuws verzoekt te releveren na de dood van zijn moeijtien (tante) Adriana Beckers een perceel broek genaamd "den Ruijters Dries" gelegen in Stal onder Coorsel, O en N s'heeren straet, Z Joannes Nulens, W Cornilis Slangen.

 

1776, 01 april. Folio 211

Jaspar Tielens heeft verkocht en draagt op tot behoef van Franciscus Van de Bergh een perceel broek gelegen in Stal onder Coorsel in den Overslag, genaamd "het Quinten", grenzend Joris Eelen O, Peeter Koninckx de boer W, Jan Ceijssens van Exel Z, de Maelbeeck N. Voor 250 gulden Brabants Luikse valuatie eens en een half ton bier lijcop. Het goed is onbelast op schatiingen en grondcijns na. Franciscus Van den Bergh kwam met recht ter gichte.

 

1776, 08 april. Folio 211v

Michiel Martens, met instemming van zijn vrouw, draagt op tot behoef van Jan Van de Bergh een perceel land en broek gelegen in Stal onder Coorsel, grenzend Jan Eijckmans O, Matthijs Mentens W, de schansstraet van Stal Z, de Neerstraet N, als pand voor een rente van 4 gulden jaarlijks. Maghiel Mertens heeft daarvoor uit handen van Van den Berghe 100 gulden Brabants Luikse valuatie ontvangen. De valdag zal op deze datum zijn vanaf 1777. Te kwijten met gelijke som in geld dat dan in het land van Luik en graafschap Loon zal gangbaar zijn en alle verlopen naar verloop van tijd vooraf betaald. Jan Van de Bergh kwam in de rente ter gichte. Solvit Maghiel Mertens jura.

 

1776, 19 april. Folio 212

Maria Baltus weduwe van Jacobus Van Ubbel doet afstand van haar tocht, vruchtgebruik, tot behoef van haar kinderen Jacobus Van Ubbel en Catharina Van Ubbel getrouwd met Peeter Leijnen van huis en hof gelegen in Coorsel in de Savelstraet, Loons en Brabants, grenzend Matthijs Huveneers O, de erfgenamen Wilhelmus Pelsers W, de Savelstraet Z, Hendrick Matthus Gijbels N. Bovendien nog van een perceel broek gelegen in Coorsel omtrent de Koerselse schans, genaamd "de Donck", grenzend Jan Rijnders O, de H. Geest van Coorsel W, de erfgenamen Joris Van Ubbel Z, Joannes Convents N. Het broek is belast met 50 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan de erfgenamen Henderick Huijbreghs. Nog van een perceel land en dries gelegen in Vurten onder Coorsel genaamd "den Exterman", grenzend de erfgenamen Wilhelmus Pelsers O, s heeren straet W, Z en N. De kinderen mogen deze goederen belasten en verkopen, zoals hen het best lijkt. Jacobus en Catharina Van Ubbel kwamen ter gichte.

 

1776, 02 mei. Folio 215v

Conditie proclamatoriaal waarop Joannes Moons en Maria Helena Moons en Cornelius Beerts, erfgenamen, op heden 9 maart 1776 na voorgaand kerkengebot publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars 2 percelen land zullen verkopen gelegen in Coorsel in "de Kackel Hoefve", grenzend Anna Henderix O, de weduwe Willem Claes Z en N. Het tweede perceel grenst de erfgenamen Jan Henderix O, Jacob Vaes W, s'heeren aert Z, de weduwe Joris Geerts N. Verder 3) een perceel broek gelegen in Vurten onder Coorsel, regenoten Jan Van de Bergh en Anthoon Put O, Hend. Lekens W, de erfgenamen Paulus Seuws Z, de Winterbeeck N. Het broek is belast met 200 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan de heer secretaris Swolfs van Meldert wonend in Senderloo en maakt deel uit van een grotere rente. Verder zijn deze percelen enkel nog belast met grondcijns en schattingen. Gerechtsdienaar Andries Witters zal de goederen oproepen en ze aan de meestbiedende toewijzen met eenmaal, andermaal, derdemaal tenzij het bod niet hoog genoeg zou zijn volgens het oordeel van de verkopers. De proclamatie zal gebeuren op de gewone plaats van 8 dagen tot driemaal 8 dagen en daarna zal op de eerstvolgende genachtedag de kaars over deze verkoop ontstoken worden voor de schepenen waaronder de goederen sorteren. De originele kopers krijgen hun voorhogen en zullen tenminste 5 hogen moeten stellen, daarna mag iedereen hogen. Elke hoge geldt 2 gulden Brabants Luikse valuatie te verdelen tussen hoger en verkoper volgens oud gebruik. Andere voorwaarden zijn te lezen op folio 216v. De lijcoop moet verbruikt worden in het huis van schepen Wauters in Vurten onder Coorsel, waar ook de conities vandaag werden voorgelezen ter presentie van Joannes Swerts en Petrus Claes als getuigen. Attestor schepen J. Wouters van de Loonse justitie.

P. Norbertus Beerts bood voor de twee percelen land 166 gulden Brabants Luikse valuatie en kreeg ervoor de palmslag. Hij verbeterde zijn koop met 16 hogen.

Voor het perceel broek bood Francis Van de Bergh 890 gulden Brabants Luikse valuatie boven de lasten. Hij kreeg de palmslag en zette 40 hogen.

Op 19 maart 1776 hoogde Peeter Claes Francis Van de Bergh af met 15 hogen. Getuigen: Peeter Lijssens en Joannes Lemmens.

Op 26 maart 1776 werd de kaars ontstoken en van s' heeren wegen gebannen. De twee percelen bleven aan Petrus Norbertus Beerts als laatste hoger.

Voor het perceel broek hoogde Francus Van de Bergh Petrus Claes nog met 5 hogen af en vervolgens bood Petrus Claes nog 5 hogen. De kaars ging uit en de koop bleef aan Claes als laatste hoger.

Op 2 mei 1776 werd de bovenstaande akte voorgelegd door schepen Wouters om gerealiseerd te worden.

 

1776, 16 mei. Folio 218

Hendericus Mattheus Rijnders verzoekt te releveren na de dood van zijn ouders Jan Rijnders en Maria Dimphana Rijnders: een perceel broek gelegen in Coorsel in de Lack, grenzend s' heeren straet O, Ludovicus Lekens Z, Philiphus Van de Weijer W, Caspar Knap N; een perceel broek gelegen in Coorsel in de Butsaerden, palend de erfgenamen Mattheus Lemmens O, Petrus Franciscus Convents W en Z, de erfgenamen Matthijs Lekens N; een perceel broek in Coorsel in het Oversel, Francis Goors O, de erfgenamen Aert Beckers W, de erfgenamen Jan Rijnders "den dooven" Z, de alde beek N; een perceel land in Stal onder Coorsel gelegen in den huijshoff van den Valentijn, O en N s' heeren straet, W en N hun eigen erf; een perceel land in Stal onder Coorsel gelegen in den huijshoff van den Valentijn palend zijn eigen erf O, W en N, s' heeren straet Z; een perceel land in Stal onder Coorsel in den huijshoff van den Valentijn grenzend s' heeren straet O, zijn eigen erf W, Z en N; een perceel land in Stal onder Coorsel in den huijshoff van den Valentijn grenzend s' heeren straet O, Peeter Thijs van Beverloo W, de erfgenamen Paulus Lemmens Z, de erfgenamen Jan Cijsens N; een perceel land gelegen onder Coorsel palend de erfgenamen Jan Henderix O, Henderick Tielemans W, Aert Schroijen Z, zijn eigen erf N.

 

1776, 17 mei. Folio 219

10 april 1776. Peeter Geerts en Andreas Wouters als man en momber van Helena Geerts, instemmend, willen na voorgaand kerkengebot publiek aan de meestbiedende te koop stellen met hogen en uitgang van de brandende kaars hun vervallen en onbewoonbare huisinge staande op den eerdewegh tot Vurten onder Coorsel, grenzend Jan Baptist Van de Wijer O, s' heeren straet Z en Jan Hermans W en N. Daarnaast verkopen ze de aanhang zoals moeshof, land, dries en oude timmer. Conditie is dat de koper eventueel van degene die het vernadert al zijn uitgaven terugkrijgt. Het goed is belast met 2 gulden jaarlijks aan de armen van Coorsel en met schattingen, s' heeren grondcijns en servituut van weg. De gerechtsdienaar zal het goed oproepen en aan de meestbiedende toewijzen met eenmaal, andermaal, derdemaal. Proclamatie op de gewone plaats van 14 dagen tot driemaal 14 dagen, waarna op de eerstvolgende genachtedag de kaars zal ontstoken worden. Na uitbrengen van zijn bod zal de originele koper zijn voorhogen mogen stellen waarna iedereen mag hogen totdat de kaars uitgaat. Iedere hoge geldt 2 gulden Brabants Luikse valuatie te verdelen tussen hoger en verkoper. Verdere condities zijn te lezen folio 219v. Lijcoop 8 gulden te verbruiken in het huis van Jan Claes nadat de palmslag zal gegeven zijn, godsgeld 5 stuivers. De condities werden voorgelezen in het huis van Jan Claes in het dorp van Coorsel in presentie van Matthias Feijen en Peeter Vaes. Attestor J. Nulens notaris. Op dezelfde dag bood Peeter Truijens 395 gulden Brabants Luikse valuatie boven de last. Hij kreeg ervoor de palmslag en verbeterde zijn koop met 15 hogen.

Kaarsbranding gehouden op 13 mei 1776 voor schepenen van Lummen ten Loons recht buiten vrijhijd. Medeschepen Wouters heeft de voorgaande akte voorgelegd op 17 mei 1776 ter realisatie.

 

1776, 17 mei. Folio 220v

Condities waarop Mighiel Aerts en Anna Bielen, uit kracht van dispositie (beslissing) van hun respectievelijke moeder Helena Belien zaliger beschreven door notaris P. Nicolaij, in zijn leven secretaris van de justitie Hauweijcken in Heusden, op heden 16 april 1776 na voorgaand kerkengebod publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zullen verkopen een turfbeemd grenzend de erfgenamen Mattijs Lekens O, Peeter Brauwers W, Margareta Van Herck Z en de oude beek N. Hij is belast met 12 of 13 oorden in de beneficiebrief en met dorpsschattingen en s' heeren grondcijns. Aan te slaan half maart 1777. Koper mag de huur van dit jaar van huurder Mattheus Reijnders optrekken kerstmis 1776: 10 gulden. Verdere condities op folio 221r en 221v te lezen. Godsgeld 5 stuivers en lijcoop 2gulden te consumeren in het huis van Joannes Van Ubbel in de straat in Coursel nadat de palmslag zal gegeven zijn. De condities werden beschreven door notaris J. Nulens en in het huis van Van Ubbel voorgelezen in presentie van de getuigen M. Reijnders en P. F. Convents. Gaspar Lekens namens zijn moeder Catharina Van Herck bood 390 gulden, waarop hem door verkoper Mighiel Aerts namens zijn zwagerin Anna Bielen de palmslag werd vergund. Lekens verbeterde zijn koop met 10 hogen. Getuigen Petrus Van Ubbel en H. M. Reijnders. Op 6 maart werd de kaars wettelijk ontstoken en van s heeren wegen gebannen. Als ze uitging bleef de koop aan Lekens voorschreven namens zijn moeder als laatste hoger.

De akte werd door schepen Wouters voorgelegd door schepen Wouters ter realisatie op 17 mei 1776.

 

1776, 27 juni. Folio 225

Jan Laenen draagt op tot behoef van Peeter Moetmans het achtste deel van een perceel broek, grenzend Lambertus Lambrechts Z, mijnheer Roelans W, de heeren straet O en N. Verder nog1/8 van een perceel huis en hof in Schuelen palend de erfgenamen Merten Ruijters O, de erfgenamen Geert Maris W, de heeren straet N. Voor 100 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Het huis is belast met 3 gulden jaarlijkse rente aan de heer Van Poestel van Coorsel als rentmeester, met 30 stuivers aan de kerk van Lummen, met cijns en schattingen. Peeter Moetmans kwam ter gichte.

 

1776, 27 juni. Folio 225v

N. Pulinx legt een akte neer om gerealiseerd en geapprobeerd te worden. De akte werd beschreven door notaris H. Pijp op 29 mei 1776. Voor de notaris residerend in Hasselt verscheen Francis Voes jonkman wonend in Lummen die opdraagt voor verkoop tot behoef van de erentfesten heer Gerardus Hubertus Briers een stuk land van 2 vaten saijens genaamd "die Bloes" gelegen onder Schuelen. Het is onbelast en vrij van cijns, grenst O Magriet Joors, Z Berrebosch Straet, de gracht hierbij, W de schanssteeg ook de gracht hierbij, N Peeter Swartebroucks. Voor 400 gulden in specie van carolinen, 2 gulden lijcop. Getuigen: Peeter Swartebrocks van Schuelen en Marie Elisabeth Morrij.

 

1776, 27 juni. Folio 226v

Maria Dillen van Hechtel verzoekt te releveren na de dood van haar ouders Henderick Dillen en Elisabeth Huijbens: een perceel broek gelegen in Coorsel in den Overslag genaamd "het Nieuw Broix", de weduwe Jan Bosmans O, Jan Witters W, de waterloop Z, Gerardus Vaes N; een perceel land in Coorsel omtrent "den Pelt Bempt", Peeter Nijs O en N, Gerardus Ceijssens W, de E.H. Ceijssens kapelaan in Neerpelt Z; een perceel bos gelegen in Coorsel in den Overslag, Lenaerdt Hanegreefs O, Gerardus Vaes W, de E.H. Van Herck Z, de beek N.

 

1776, 27 juni. Folio 226v

Christiaen Maris van Schuelen legt een akte neer beschreven op 17 juni laatstleden door notaris H. Pijp, verzoekend realisatie tot behoef van Marie Ruloffs. Akte. Voor de notaris residerend binnen Hasselt verscheen Christiaen Maris van Schuelen geassisteerd door zijn vrouw Marie Gertruijt Wasch, instemmend met hetgeen volgt. Ze hebben 300 gulden ontvangen uit handen van Marie Rulofs en dragen ervoor een rente van 10 gulden 10 stuivers jaarlijks op die ze affecteren op een half bonder weide, nu land, gelegen onder Schuelen genaamd “Begeyne Weyken”. Het pand grenst O de Waterstraet, Z Jacobus Smets, W Liben Maris, N de edele heer de Libotton representerend Guilliam Maris. Het is onbelast en toegevallen aan Geertrui bij deling gepasseerd voor Petrus Plugers gemeenteschrijver van Schuelen op 3 februari 1757 onder de letter C. Al hun andere goederen staan garant. Valdag voor het eerst op datum van vandaag over een jaar. Te kwijten met gelijke som nadat alle intresten en kosten vooraf betaald zijn. Opgemaakt binnen Hasselt in het huis van G. H. Briers met als getuigen de erentfesten heer Gerardus Briers in beide rechten licentiaat en advocaat en Marie Elisabeth Morreij.

 

1776, 11 juli. Folio 227v

Facteur Van Langenaker legt namens de erentfesten heer Joannes Van Henis licentiaat in de rechten en advocaat een notariële akte neer beschreven door Theod. Pijp op 27 juni 1776 met gevolgde ratificatie, approbatie en laudatie en realisatie voor de laten van S'Hoijeter Hoff op 7 juli laatstleden. Hij verzoekt hier tevens realisatie en approbatie.

Extract uit “den gightregister van S'hoeijeters Hoff”. Voor scholtus en schepenen van Reckhoven als laten van s'Hoijeters Hof verscheen de heer Henricus Joannes Van Henis die een akte heeft neergelegd beschreven door notaris Theod. Pijp verzoekend approbatie en realisatie. Akte. 27 juni 1776 verschenen bij de notaris residerend binnen Hasselt joufr. Marie Agnes Van Eertrijck weduwe van de heer Henrius Egidius Van Henis, in zijn leven schepen van de stad Hasselt, voor het vruchtgebruik en de erentfesten heer Henricus Joannes Van Henis advocaat en joufr. Marie Jacobine Van Henis, beiden eveneens handelend voor hun afwezige broer Robertus Arnoldus Van Henis, voor de eigendom. De heer Arnoldus Stiers oud-burgemeester en schepen van de stad Bilzen is tevens aanwezig en belooft zijn huisvrouw Joanna Jacobina Elisabeth Van Henis deze akte te doen ratificeren. Tevens zullen ze de E.H. Robertus Henricus Joris pastoor van de vrijheid Neer en landdeken van het concilie van Maaseik laten ratificeren om te voldoen aan het verzoek van joufr. de weduwe Husson in de zaak die zij voor de schepenen van Lummen ten Loons recht tegen deze juffrouw voeren. Ze vercautioneren (stellen borg): 1) een half bonder beemd gelegen onder Schuelen aan de Pasterije Brugge, enkel belast met 5 gulden 10 stuivers Brabants jaarlijks aan het beneficie van Sinte Marie Magdalena in de kerk van Donck, gekocht door wijlen begijn Marie Elisabeth Joris op 2 mei 1742, via notaris Vrancken en gerealiseerd voor de schepenen van Lummen Loons recht op 11 mei 1742 van wijlen sr. Petrus Matthias de la Croix. 2) een jaarlijkse rente van 8 gulden Brabants, kapitaal 200 gulden, gecreëerd door Gerard Maris ten behoef van wijlen de heer schepen van Henis voor notaris de Winge, gerealiseerd voor de schepenen van Loons recht Lummen op 9 juni 1747. 3) een rente van 135 gulden, kapitaal 2700 gulden, gecreëerd op 12 november 1715 door Hendrick en Helena Van de Vos tot behoef van wijlen de heer Henricus Van Henis, schepen van de stad Hasselt. De rente is geassigneerd op huis en hof met bijgaande goederen gelegen onder Schuelen genaamd "s'Hoijeters Goed", tegenwoordig bij evictie bezeten door de comparanten en door joufr. de weduwe Hussen gepurgeerd "oft dan tot purgement daer toe ingelaten".

De comparante voor de tocht en haar twee kinderen voor de eigendom, die tevens handelen voor hun afwezige broer heer Robertus Arnoldus Van Henis, stellen nog als borg een land van 6 vaten saijens gelegen onder Schuelen op de Swertbeeck, grenzend Peeter Cox, de straat, Jaspar Vandereijcken en de comparanten met het volgende perceel. Dit wordt tegenwoordig gehuurd door Lambert Vrancken van Schuelen. Nog twee en een half vat saijens gedeeltelijk vijver en gedeeltelijk weide, ook daar gelegen, grenzend het bos van de edele heer baron de Selijs, de comparanten met het voorschreven perceel, de edele heer baron de Cauwenhoven. Dit is gedeeltelijk verhuurd aan Jacob Smeets en gedeeltelijk aan Jan Vaes. Daarnaast stellen ze nog twee landen aan elkaar gelegen onder Schuelen. Het grootste heet "de Voorste Schomme", groot 8 vat koren saijens, en het kleinste heet "Achterste Schomme", 2 vaten saijens groot. Wijlen de heer schepen Van Henis heeft ze via koop verkregen van mevr. de douarière van den heer Loets de Trische op 29 maart 1765 door akte van notaris Lambert Plateus. Als laatste stellen ze garant een rente van 20 gulden jaarlijks op panden van sr. P. de la Croix, kapitaal 500 gulden, gecreëerd op 5 september 1742 voor notaris Vermijlen en gerealiseerd voor de schepenen van Lummen Loons recht op 4 april 1743. Nu wordt de rente betaald door joufr. Van de Laer. De weduwe Hussen kan aan elk van de panden haar regres nemen en ertoe komen met een conde van 15 dagen tot het saisijn. Opgemaakt in Hasselt in het huis van de comparante in presentie van Marie Helene Haubrechts en Marie Anna Van den Borne.

Op 29 juni 1776 voor de notaris residerend binnen Bilsen verscheen joufr. Joanna Jacobina Elisabeth Van Henis huisvrouw van de erentfesten heer Arnoldus Stiels oud-burgemeester, schepen en secretaris van de hoge justitie van de stad Bilsen. Ze heeft de voorgaande akte gelezen en stemt ermee in. Getuigen: E.H. Sebastiaen Stiels beneficier in Bilzen en Marie Nijssens. Attestor C. Hechtermans notaris.

Op 6 juli 1776 verscheen voor notaris C. J. Wagemans binnen Neer graafschap Horne residerend de E.H. Robertus Henricus Joris pastoor van Neer en landdeken van het concilie van Maaseik. Na lectuur stemde hij eveneens in met de voorgaande borgstelling. Opgemaakt in Neer in het pastoreel huis in presentie van de getuigen Joannes Tummermans en Herman Heeskens.

 

1776, 01 augustus. Folio 231v

De erentfesten heer advocaat Gaspar Joannes Vossius schepen van het oppergerecht van het graafschap Loon legt een akte neer per missive, beschreven door notaris God. Goetsbloets op 27 juli 1776. Het gaat om de verkoop door Guilliam Dermony inwoner van Donck met zijn huisvrouw tot behoef van de advocaat en zijn broers. Hij verzoekt realisatie van de akte. Het gaat om een wisselbeemd geheten "die Voorste Spoijen", grenzend de weduwe van Philip Van Roije W, zoals de opdrager die verkregen had volgens akte hier gerealiseerd op 4 juli 1771.

Akte van 27 juli 1776. Voor de notaris residerend binnen Hasselt verscheen Guilliam Der Mondt met zijn huisvrouw Anna Geerdens wonend in Donck. Ze verklaren op te dragen tot behoef van de zeer eerwaarde heer Balthasar Vossius kapelaan in de parochiekerk van Hasselt, aan de erentfesten heer advocaat Gaspar Joannes Vossius schepen van het oppergerecht van het graafschap Loon en de heer Arnoldus Vossius regerende burgemeester van de stad Hasselt een weide, een wisselbampt tegen de heren acceptanten, gelegen onder Schuelen groot 4 vat saijens, grenzend Jan Lambrechts Z, de Becken Voorts O, N de oude Laeck(?) of Haubempden en W de heer Briers van Hasselt. Onbelast met uitzondering van grondcijns. Voor 525 gulden. Aanvaarden Sint-Andries aanstaande. Opgemaakt binnen Hasselt in het huis van de acceptanten gelegen op de Hautmerct ter presentie van Joannes Thijs en Thresia Van de Velde.

 

1776, 01 augustus. Folio 232v

Jacobus Van Ubbel van Coorsel verklaart op te dragen zijn kindsgedeelte, namelijk de helft van volgende percelen, tot behoef van de heer Jacobus Augustinus Thielens scholtus van Viversel: huis en hof gelegen in Coorsel in de Savelstraet, Loons en Brabants, grenzend Mattheijs Huveneers O, de erfgenamen Wilhelmus Pelsers W, de Savelstraet Z, Hendrick Mattheus Gijbels N; een perceel broek in Coorsel omtrent de Coorselsche schans gelegen genaamd "de Donck", grenzend Jan Reijnders O, de H. Geest van Coorsel W, de erfgenamen Joris Van Ubbel Z, Joannes Convents N. Dit broek is belast met 50 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal aan de erfgenamen van Hendrick Huijbreghs. Verder een perceel land "den Exterman", grenzend de erfgenamen Wilhelmus Pelsers O, s' heeren straet W, Z en N. Hij draagt dit op tot pand en onderpand van een rente van 12 gulden jaarlijks. Hij heeft er 300 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal voor ontvangen uit handen van Thielens. Valdag op datum van gichten. Te kwijten met gelijke som in gouden en zilveren stukken zoals tijdens de afkwijting gangbaar zullen zijn in het land van Luik en het graafschap Loon nadat alle verlopen intresten naar verloop van tijd afbetaald zijn. Jacobus Augustinus Thielens kwam in de rente ter gichte. Solvit Jacobus Van Ubbel de pontpenningen en hofrechten.

 

1776, 08 augustus. Folio 233r

Jan Luyten en consorten tegen de kinderen van Sacharias Claes.

Akte van 2 juli 1776 beschreven door notaris P. Borghs Jan Luyten, inwoner van Schuelen, en Sebastiaen Van Schoenbeeck man van Anna Catharina Luyten, dochter van Jan Luyten voorschreven en wijlen Catharina Wellens, handelend in eigen naam en voor Sebastiaen Luyten wonend in Parijs, voor Marie Christien en Elisabeth Luyten, de comparanten respectievelijke zoon, dochters, zwager en zwagerinnen, dragen op, bij manier van kwijting, en cederen (staan af) mits deze tot behoef van Pieter en Marie Christine Claes, kinderen van wijlen Sacharias Claes en Elisabeth Liefsoens.

Peter Claes accepteert de rente van 5 gulden 10 stuivers Brabants jaarlijks zoals wijlen Jan Van Cleef voor de justitie van Kermpt had gecreëerd, kapitale som van 100 gulden eens Lovens geld, ten behoef van Aert Wijns op 21.01.1673. Deze rente is betaald over verscheidene jaren met 3 gulden 6 stuivers 2 oord/jaar en kwam aan Jan Luijten aan na de dood van zijn schoonvader Jan Wellens. Wordt gekweten voor de som van 106 gulden Brabants Luikse valuatie. Jan Luyten trekt de rente op van het laatste jaar gevallen op Sint-Andries 3 gulden 7 stuivers, Sebastiaen Van Schoenbeeck q.q. 102 gulden 13 stuivers. Hiervoor kwijten Luyten en Van Schoenbeeck q.q. de panden van Peter Claes en van zijn zuster. Opgemaakt in het heeren huis in Kermpt met als getuigen Jan Baerts van Geneken en Lenaert Fillici van Kermpt.

De akte werd ter realisatie voorgelegd door Peter Claes op 8 augustus.

 

1776, 26 september. Folio 236v

Geert Vrancken releveert voor zijn halfzuster Anna Magrita Ruijters na de dood van Merten Ruijters en Aldegon Vrancken een perceel land onder Schuelen gelegen, grenzend Anthon Groels O, "het Boschlandt", nu Geert Maris bij evictie, Z, Peeter Motmans met consorten W, Geert Vrancken met zijn consorten N. Het verzocht relief werd verleend met ban en vrede.

 

1776, 26 september. Folio 237

Sebastiaen Luijten zoon van Jan Luijten, tegenwoordig wonend in Brabant, bekent uit handen van Bastiaen Van Schoenbeeck wonend in Schuelen en tegenwoordig gehuwd met Anna Catt. Luijten dochter van Jan Luijten voorschreven de som van 100 gulden Brabants Luikse valuatie ontvangen te hebben. Bastiaen Van Schoenbeeck had dit geld ontvangen met instemming van zijn schoonvader Jan Luijten bij afkwijting door Peeter Claes zoon van Saecker Claes in Kermpt. Jan Luijten trok dit kapitaal op panden van Peeter Claes voorschreven. Sebastiaen Luijten neemt dit geld aan in afkorting van zijn kindsgedeelte.

 

1776, 23 oktober. Folio 240

Jordaen Grauls en Piro Van Swaertenbroecx, beiden inwoners van Schuelen, hebben beiden gewoond in het huis waarin nu medeschepen Vander Eijcken woont, in het dorp van Schuelen. Op verzoek van de schepene hebben ze verklaard dat ze zelf het huis hebben gevisiteerd met appenditie van schuur, stallingen om te zien of het nu in slechtere staat is dan toen ze er zelf woonden en het huurden. Ze hebben bevonden dat het tienmaal door de requirant is gerepareerd en dat het nu in veel betere staat is bevonden dan dat het was toen zij het huurden van Laurens Van der Eycken zaliger, de broer van requirant schepen Vander Eycken. Schepen Van der Eijcken had het geruild met zijn broer, maar nadien is het veel meer waard geworden door de aangebrachte reparaties.

 

1776, 24 oktober. Folio 240v

Akte van notaris L. M. Hermans residerend binnen Herck van 9 april 1776. Libertus Maris inwoner van Schuelen verklaart via wettige verkoop in handen van de notaris tot behoef van Gerard Reijnot, inwoner van Schuelen, op te dragen en te cederen een stuk land gelegen onder Schuelen, groot een half bonder genaamd "den Hagendoren", grenzend de heer Roelans O en N, "den Wetser" van Jaspar Vandereijcken Z en s' heeren straet W. Hij had het zelf gekocht van Jan Luyten die Peeter Plugers representeerde. Peeter Plugers kocht het van Francis Stessens op 19 juli 1753 voor deze schepenen. Maris verkoopt het nu aan Reijnot voor 200 gulden Brabants eens boven "twintigh eijcke strunck boomen" staand op een goed genaamd "het Schuermels Velt" en een ton bier lijcop, 1 gulden godsgeld. Het goed is belast met 12 gulden Brabants jaarlijks aan sr. Plugers van Schuelen, met twee potten wijn aan de kerk van Schuelen en met drie capuijnen cijns aan zijne hoogheid de hertog van Arenbergh in Lummen, met dorpslasten of schattingen. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris genaamd "den Keijser" in presentie van de getuigen Petrus Van Opree en Hendrick Jeughmans. Op 24 oktober werd deze akte voorgelegd ter realisatie.

 

1776, 24 oktober. Folio 241v

Akte van 2 april 1775 beschreven door notaris A. Kips residerend binnen Herck. Joannes Luijtten draagt bij manier van retroretract of "arrier vernaedering" op tot behoef van Libertus Maris als naaste bloedverwant en representerend Peeter Plugers het perceel land beschreven in de vorige gichte. Luijten vernaderde het van de originele koper Peeter Plughers die het goed kocht van Francis Stessens op 19 juni 1753 voor de schepenen van Lummen. Getuigen: E.H. M. Kips priester beneficiant en de heer A. T. Kips. Liben Maris kan niet schrijven. Liben Maris betaalde 1 gulden voor de copije.

De akte werd gerealiseerd op bovenstaande datum.

 

1776, 24 oktober. Folio 242v

Akte van 23 juni 1755, notaris A. Kips residerend binnen Herck. Vernadering van het voorschreven perceel land door Joannes Luijten die Peeter Stessens broer van Leonardus Stessens representeert. Hij vernadert van Peeter Plugers die het goed kocht van Francis Stessens op 19 juli 1753. Opgemaakt in Schuelen in het huis van Leonardus Swartebroux in presentie van Joannes Van den Putte en Baltus Lambrechts als getuigen. Deze akte werd tevens op 24 oktober 1776 binnen gebracht om te realiseren.

 

1777, 01 mei. Folio 243

Jan Luijten Aerdens zoon, uit kracht van permissie hiervoor verworven voor deze schepenen op 23 maart 1777, draagt op aan de edele heer Joannes Josephus de Libotton heer van Cleijn Stevort, present Gerard Oijen in diens naam kopend, een perceel land "den Hagendoren" genaamd gelegen onder Schuelen. Jan Luijten heeft het verkregen via purgement tegen de E.H. Blanckar als rentmeester van de hertog van Arenbergh op 24 oktober 1776. Het grenst de heer de Libotton voorschreven O en N, sr. Jaspar Vander Eijcken "Wetsaert" Z, s' heeren straet W. Verkocht voor 340 gulden Brabants Luikse valuatie zoals te zien is in de onderstaande verkoopscondities. Oijen kwam in naam van de heer Libotton met recht ter gichte.

 

1777, 01 mei. Folio 243v

Jan Luijten Aerdens zoon, uit kracht van permissie en octrooi hiervoor verworven voor deze schepenen, draagt op tot behoef van Anthoen Grauwels een beemd genaamd "den Spelkeren Bempt" onder Schuelen, omtrent de Grote Korenmolen gelegen, groot een sille, grenzend de Nieuwe Laeck N, dezelfde Laeck of molenwegh O, de heer meier Vaes Z, de heer secretaris Timmermans en sr. Wicken W. Beschreven in de conditie proclamatoriael hierna geregistreerd. De koper betaalde de koopsom van 250 gulden Brabants Luikse valuatie. Anthoen Grauls kwam met recht ter gichte.

 

Volgt de conditie voor verkoop geschreven door notaris L. M. Hermans op 20 maart 1777, na voorgaand octrooi voor verkoop. Jan Luijten Aerdenszoon zal verkopen 1) een perceel land onder Schuelen van een half bonder groot genaamd "den Haegendoren", grenzend O en N de heer Libitton, Z "den Wetsert" van Jaspar Van der Eijcken en W s' heeren straet; 2) beemd "den Spelkeren Bempt" gelegen op den Lummenschen Molenwegh onder Schuelen, een sille groot, grenzend de Laeck O en N, de heer secretaris Timmermans W, sr. Vaes Z. 1) is belast met een rente van 5 gulden jaarlijks en een van 7 gulden jaarlijks aan de kinderen en representanten van sr. Peeter ¨Plugers zaliger en met twee potten wijn aan de kerk van Schuelen, met des heeren grondcheijns van drie capuijnen en schattingen. "Den Spelbempt" is onbelast op grondcijns van ongeveer 2 gulden en de dorpslasten of schattingen na. Condities te raadplegen in register indien gewenst. De condities werden voorgelezen in het huis van schepen Van der Eijcken in het dorp van Schuelen ter presentie van sr. Laur. Hermans en Marten Pulinx.

"Den Haegendoren" verbleef aan Gerard Oijen namens de edele heer de Libotton voor 340 gulden en de beemd bleef voor 250 gulden aan Anthoon Grauls. Het stukje beemd dat noordwaarts over de nieuw Loo ligt en afgesneden ligt aan de andere zijde van de Nieuwe Laeck bleef voor 12 gulden aan sr. Aerts namens de heer hertog van Arenbergh, heer van het land Lummen.

 

1778, 13 februari. Folio 245v

De edele heer Nicolaus Josephus de Libotton bekent de naderschap van de voorschreven beemd aan Adriaen Luijten Aerdenszoon. Hij kreeg zijn uitgegeven geld terug en heeft erover gestipuleerd in handen van medeschepenen Aerts en Frederix.

 

1777, 01 mei. Folio 245v

Jan Luijten Aerdenszoon, inwoner van Schuelen, heeft opgedragen tot behoef van de E.H. Blancker rentmeester van het land Lummen in naam van de hertog kopend. Deze gichte gaat niet verder.

 

1777, 30 januari. Folio 254

Gerardus Oeijen wonend binnen Schuelen legt uit kracht van generale constitutie een akte neer beschreven door notaris L. M. Hermans residerend binnen Herck van 17 januari 1777 voor ter realisatie. Schepenen approberen en realiseren en laten de akte registreren.

Akte. Guiliam Dermong inwoner van Donck met zijn echtgenote Anna Gierders, instemmend, dragen via wetteige verkoop volgens condities door deze notaris opgesteld op 23 december laatstleden een stuk land op gelegen onder Schuelen achter "die thiende schuere van sieur Jaspart Van der Eijcken", groot omtrent 7 vaten saijens, grenzend joufr. de weduwe Hussen N en Z, O Jan Hermans, W sr. Jaspart Van der Eijcken voorschreven. Tot behoef van de edele heer Nicolaus Joannes Josephus de Libotton heer van Cleijn Stevoort enz. In de naam van de heer de Libotton is zijn pachter Gerard Oeijen present, die het hoogste bod uitbracht in naam van deze heer, en het land koopt voor 1015 gulden. Volgens de conditie kort de heer de Libotton hieraan 118 gulden van verlopen van een aanstaande rente die betaald werd door Jan Weijens, de voorzaat van de opdrager. Het gaat om een rente van 4 gulden jaarlijks ten tijde van Jan Weijens en nu door de opdrager betaald met 5 gulden jaarlijks. De opdrager heeft aan de acceptant een "bilet" overgegeven ondertekend door de E.H. Wilsens voor de betaling van de verlopen, en waarin de opdrager bekent de resterende som tot 1015 gulden ontvangen te hebben uit handen van de acceptant. De betaling gebeurde in stukken van 33 en een halve carolienen en voor de rest in gangbaar zilvergeld. Het goed is enkel belast met de voorschreven rente aan begijntje Wilsens of haar representanten, mogelijk met grondcijns en dorpslasten of schattingen. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris genaamd "den Keijser" binnen Herck in presentie van Laur. Walt. Hermans en joufr. Marie Gertrudis a Melbeeck, getuigen.

Solvit Gerard Oeijen namens de Libotton voor de conditie 50 - 15 - 0; voor akt en deze copije      2 - 10- 0; Totaal 53 - 5 - 0.

 

1777, 13 maart. Folio 257

Hendericus Mattheus Rijnders zoon van Maria Dimphna Rijnders weduwe van Jan Rijnders bekent ontvangen te hebben van Michiel Aerts van Meldert 400 gulden kapitaal met de vervallen intrest, dat geaffecteerd stond op een perceel land genaamd "den Croenhoff" met het huis daarop gelegen in Stal onder Coorsel. Dit grenst het goed van "den Valentijn" O, de erfgenamen van Peeter Eijgen W, de heerbaen N, Jan Van de Bergh Z.

Michiel Aerts kwam in de kwijting ter gichte.

 

1777, 13 maart. Folio 257v

Voorwaarden waarop Nicolaes Strauwen als man en momber van Anna Mommen en met haar instemming, Stas Esselen als erfgenamen van Jeneveva Wolfs, na de tocht van Herman Vrancken, op heden 19 februari 1777 publiek aan de meestbiedende zullen verkopen een stuk land met het bosje, ongeveer een bonder groot, genaamd "den Boedem" gelegen onder Schuelen omtrent "het Steenen Cruijs", grenzend Catharina Brockaers, de weduwe Jan Cox met de edele heer du Heusch O, Eguedius Mommen met het wedergedeelte Z, Matijs Jaers, de kinderen Herman de Meer en Maria Luijten met Francis Vaes W en s' heeren straet N. De voorwaarden zijn te lezen door iemand die interesse heeft. Het goed is nog verhuurd voor 1778 aan Petrus Cox voor 12 gulden. Conditiegeld 8 gulden, roepgeld 1 gulden, godsgeld 5 stuivers, lijcoop 6 gulden. Zowel opgaande als strinckbomen op het goed blijven voor de verkopers. Opgemaakt door en in het huis van de schepen Jaspar Van der Eijcken in Schuelen in presentie van Gerardus Oeijen en Joannes Stappers.

Het goed werd opgeroepen door Melchior Steghmans s' heeren dienaar en de koop ging tot 450 gulden aan Hendrick Berten in de naam van zijn vader Giliam Berten.

 

1777, 10 april. Folio 265v

Anthoon Grauls legt een akte neer beschreven door notaris L. M. Hermans op 22 maart 1777 en verzoekt realisatie en approbatie. De schepenen realiseren en approberen en laten het registreren.

Akte van 22 maart. Voor de notaris residerend binnen Herck verscheen Anthoon Grauls inwoner van Schuelen geassisteerd door zijn vrouw Ida Joors, instemmend met hetgeen volgt, als eerste partij. Hermannus de Meer handelend in eigen naam en namens zijn broer Arnoldus de Meer, die deze akte vandaag nog zal komen tekenen, vormen de tweede partij.

1) ruilt met 2) en draagt op aan 2) een stuk land gelegen in Donck voor Haelen, ongeveer een half bonder groot, grenzend de heer prelaat van Sint-Truiden O, Marten Vliegen Z, des heerestraet aan de andere twee zijden. Het is hem bij deling met zijn consorten toegevallen, gedaan voor deze notaris.

Herman de Meer en zijn broer Arnoldus accepteren en dragen op als wedermangelinge aan Anthoon Grauls een perceel land gelegen in Schuelen in de Neerstraet genaamd "den Croelshof", grenzend die stege O, de Neerstraet Z, Baltus Lambrechts W, "die Spoeije" van Jan Luyten en Baltus Lambrechts N, boven 500 gulden Brabants eens. Dit geld heeft Grauls ontvangen van Hermannus de Meer en zijn broer. Het eerste geruilde goed is onbelast met uitzondering van grondcijns en schattingen. Het land in Schuelen daarentegen is belast met een rente van 18 gulden jaarlijks Brabants Luikse valuatie aan de erfgenamen en representanten van Petrus Plugers en Dimpena Gobben zaliger en met 19 stuivers jaarlijks aan het beneficie van het O.-L.-Vrouwaltaar in de kerk van Lummen en met 2 oort sheeren cijns en gemene dorpslasten. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris genaamd "den Keijser" in Herck in presentie van Laur. Walteris Hermans en joufr. Marie Gertrudis a Melbeeck als getuigen.

 

1777, 10 april. Folio 267

Willem Weijns en Mattheijs Deijckx, als mombers van de kinderen van Mattheijs Strampers en Anna Maria Weijns zaliger namelijk Joanna Maria, Petrus, Aldegon, Hendrick, Elisabetha, Arnold, Joannes en Mateus Strampers, verzoeken te releveren de goederen die hen zijn aangekomen na de dood van hun ouders zaliger: huis en hof in de Neerstraet in Schuelen gelegen, grenzend Lambert Lambrechts O, de heer Vossius van Hasselt Z, de weduwe Joannes Hussen van Hasselt en Lambrecht Lambrechts W, die heeren straet N; een perceel land genaamd "den Loeterhoff" in Schuelen, grenzend Dierick Colemons O, de heeren straet Z, Lambert Lambrechts W, Jan Lambrechts N; een perceel land genaamd "de Wolffheele" in Schuelen, de weduwe Peeter Pluggers O, de heeren straet Z, Peeter Van de Laer W, de erfgenamen Jan Fillici en Helena Van Swartenbrouck N; een perceel land "den Flijter", Lambrecht Lambrechts O, Herman de Meer en de erfgenamen Petrus Mues en Anna Hueveneers Z, de heeren straet W en N. Het verzocht relief werd verleend met ban en vrede.

 

1777, 03 mei. Folio 268

Mijnheer Ludovicus de Blanck en mijnheer Hubertus Malchier man en momber van joufr. Maria Labbeije wonend in Maestricht verzoeken te releveren het goed dat hen is aangekomen na de dood van hun zwager en oom zaliger de E.H. Lambertus Labbeije pastoor van Berbroeck: een weide of beemd onder Schuelen genaamd "den Haeseren Bampt", de heer Gerardus Hubertus Briers van Hasselt 1), de heer Ludovicus Kips 2), de heer de la Croix 3) en s' heeren straet 4); een rente op panden van Merten Serdonx voor zover ze in deze bank sorteren. Het relief werd verleend met ban en vrede.

 

1777, 06 juni. Folio 270

Schepen Wouters legt akten voor van 28 februari 1777 en van 25 (?) 1777 beschreven en ondertekend door notaris G. Munters, verzoekend realisatie.

Condities proclamatoriaal volgens welke Joannes Vaes publiek aan de meestbiedende zal verkopen op 28 februari 1777 door de notaris residerend in Stal onder Coorsel 1) een huis, hof en annex gelegen in Coorsel. 2) Verder nog een perceel land genaamd "de Kakelhouve", grenzend O en W Henricus Van de Weijer, Z s' heeren straet, N Gaspar Vaes en Joannes Louwes vulgo Jan Toussaint. Bovendien 3) een vierdendeel van het turfbroek genaamd "het Hemelreijck", oostwaarts, ook in Coorsel, grenzend W hetzelfde goed, N de beek, Z s' heeren straet. De goederen kwamen toe aan de verkopers via legaat van Anna Janssen zaliger volgens testament beschreven door notaris Joannes Ant. Put op 20 februari 1775. De goederen zijn belast met gemeenteschattingen en s' heeren cijns. De proclamaties zullen gebeuren 's zondags tiijdens de vroegmis: 3 proclamaties van 8 dagen tot 8 dagen. Op de laatste proclamatie wordt de kaarsbranding aangekondigd. Lijcop 5 schellingen %, kopij voor ieder perceel 3 gulden Brabants Luikse valuatie, voor roepen en afroepen door dienaar 1 gulden van elk perceel en alle andere kosten zijn voor de koper(s). Hogen van 2 gulden Brabants Luikse valuatie te verdelen tussen verkoper en hoger. Andere voorwaarden zijn te lezen in dit register door iemand met interesse.

De condities werden voorgelezen door de notaris in het huis van de weduwe Joannes Lemmens in Koersel in presentie van Henricus Matheus Reijnders en Henricus Smets van Cooorsel. Attestor G. Munters notaris.

Joannes Louwes vulgo Jan Toussaint gaf de palmslag voor perceel 2) aan koper Mathijs Feijen voor 236 gulden Brabants Luikse valuatie. Feijen verbeterde zijn koop met 5 hogen. Getuigen Henricus Van de Weijer en Smets

Christiaen Peeten hoogde Feijen op 25 ? 1777 af met 5 hogen in het huis van magister Convents in Coorsel in presentie van Joannes Swerts en Maghiel Jans van Coorsel. Getekend G. Munters.

 

1777, 17 juni. Folio 272v

Nicolaes Extens legt een akte voor beschreven door notaris L. M. Hermans op 18 mei 1777, verzoekend realisatie.

Akte. Peeter Ilsen geassisteerd door Marie Theresia Exteens, zijn vrouw die instemt, voor één helft en Nicolaus Exteens voor de andere helft verkopen volgens condities beschreven door dezelfde notaris op 14 mei laatstleden een perceel beemd of broek gelegen onder Schuelen achter Halbeeck tegen "den Halbecker Dijck", groot een sille. Het grenst de heer Roeijers van Hasselt met de Halbeeker Deijck 1), de heer Briers van Hasselt aan twee zijden en Joannes Maris 4). Tot behoef van de heer Willem Roeijers borger en koopman van Hasselt in wiens naam hier Herman de Meer present is, die de beemd aanneemt in naam van de heer voor 200 gulden Brabants eens boven het onderhouden van deze condities. Ontvangen in munten van croonen ieder aan 4 gulden 17 stuivers twee oort het stuk. Het goed is enkel belast met dorpslasten en grondcijns en met de last van het droogmaken van het broek. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris binnen Herck genaamd "den Keijser" in presentie van sr. Laurentius Hermans en de heer Joannes Morren meier van Donck, getuigen.

 

1777, 17 juni. Folio 273v

De edele heer Guill. Stappers heer van Over- en Nederhespen en Meensel enz., uit kracht van generale constitutie, legt een akte neer beschreven op 14 juni 1777 door notaris J. De Cock betreffende de verkoop van o.a. een beemd genaamd "den Erpels Bempt" verkocht voor 3000 gulden, van een beemd genaamd "de Langh Doncken" verkocht voor 2140 gulden, van een bos genaamd "den Sackbosch" verkocht voor 200 gulden. Samen gaat het over een som van 5340 gulden. Verkocht door de edele welgeboren heer Van Cauwenhoven heer van Winxele, Volthem enz. aan de edele heer Stappers voorschreven. Stappers verzoekt realisatie en approbatie. De schepenen wijzen het ter registratie.

Akte van 14.06.1777, notaris residerend binnen "de hooftstadt" Loven. De edele en welgeboren heer Josephus Nicolaus Van Cauwenhoven heer van Winxel, Velthem, gewezen eerste burgemeester uit de adelijke geslachten der hoofstad Loven enz. en de edele en welgeboren vrouwe Emelia de Villers, zijn "compagne", verkopen samen en elk apart tot behoef van de heer Stappers heer van Opper en Neder Hespen enz. inwoner van Sint-Truiden, present de E.H. Vincentius Sebastianus Snoeckx regent van de pedagogie "het Castrum" binnen deze universiteit Loven enz die accepteert in de naam van de heer Stappers:

1.10 sillen land onder Schuelen genoemd "de Cuijlen", grenzend de straat 1), de beek 2), Willem Bijnens 3) en het volgende perceel 4);

2.drie sillen land in Schuelen genaamd "den Drij Beck", Willem Bijnens 1), de straat aan twee zijden en het voorgaande perceel 4);

3.vijf sillen land in Schuelen genaamd "het Mindervelt" grenzend mijnheer Schroots 1), mijnheer Liberton 2), de straat 3), den karrewegh 4);

4.vier sillen land gelegen "ut ante" (zoals voor) genaamd "den Kerckhof" grenzend de Kleijn Herck 1), mijnheer Liberton 2), de beek 3), den karrewegh 4);

5.vier sillen weide onder Schuelen palend mijnheer Liberton 1), mijnheer Schroots 2), de Clijn Herck 3), de Grote Herck 4);

6.10 sillen weide in Schuelen genaamd "de Elvers Bempden"(?), palend de straat 1), de straat genoemd de Voort 2), mijnheer Liberton 3) de heer pastoor Van Bollen 4).

De bovenstaande percelen zijn allemaal verhuurd aan Lambertus Vrancken voor 70 pattacons jaarlijks tot Sint-Andries 1778.

1.10 sillen weide gelegen onder Schuelen genaamd "de Lange Doncken" grenzend Jaspar en Hermanus Van der Eijcken 1), de straat 2), de erfgenamen Peeter Plugers 3), Libertus Maris 4) en 5). Verhuurd aan Jaspar Van der Eijcken en Joannes Stappers voor 20 pattacons jaarlijks, eindigend Sint-Andries 1777.

2.Drie sillen bos gelegen onder Schuelen met al de bomen en houtgewas erop genaamd "Smackbosch", palend de heer baron Celis 1), mijnheer van Staede 2), Matthijs Jaers 3) Philip Van Roij 4).

Alles zonder garantie van maat. Verkocht voor 9250 gulden Brabants courant geld: de schellinck aan 7 stuivers en de andere munten naar advenant gerekend. De koper zal binnen 3 weken betalen in het woonhuis van de verkopers binnen Leuven. De verkopers zullen de huur van Sint-Andries 1777 nog optrekken. Alle kosten van verhef en verkoop zijn voor de koper. Het gaat om goederen die niet belast zijn met renten.

Opgemaakt binnen Loven ter presentie van de getuigen sr. Josephus Brigode en Joannes Leemans. De originele akte werd bekleed met een zegel van 12 gulden en ondertekend door Couwenhoven de Winxelle, de Cauwenhoven néé de Villers, V. J. Snoeckx regent van 't castrum q.q., J. Brigode, Joannes Leemans en notaris J. N. De Cock.

Op 4 juli 1777 verklaren de verkopers dat ze uit handen van de heer Joannes Nicolaus Mattheus Notarius secretaris van beide de Hespen, Gutsenhoven enz, betalend in naam van de edele heer Stappers, de som van 9250 gulden Brabants courant ontvangen hebben, waaraan gekort werd 54 gulden 1 stuiver van openstaande verheffen, bekentenissen van de nieuwe Heer, boeten en verzoeken van octrooi over de goederen. De andere kosten zijn voor de koper. Attestor J. N. De Cock notaris.

 

1777, 03 juli. Folio 277

Hendrik Reijnders legt akten neer van 12 december 1775 en van 3 januari 1776 beschreven door notaris J. Nulens en met gevolgde kaarsbranding, verzoekend realisatie. Deze gebeurde en de akten worden hier geregistreerd.

“Conditie proclamatoriael” door Joannes Reijmen als man en momber van zijn echtgenote Elisabeth Reijnders, present en lauderend, op 12.12.1775 die na voorgaand “kerckengebodt" publiek en met hogen en uitgang van de brandende kaars zullen verkopen 1) een perceel land genaamd “”den Rochter” in Coursel gelegen, palend sr. P. Norbertus Van Postel O, sr. Pelsers Z en N, E.H. Windelen W. Niet belast tenzij met dorpsschattingen en cijns. Verkopen nog 2) een torfbemdt genaamd “het Smael Bemeken” in Coursel gelegen, palend Jan Beckers O, Jan Schepers Z, Arnold Knaep W, de oude beek N. Belast met 300 gulden kapitaal aan de kerk van Koersel. Dit kapitaal moet op de dag van de gichte afgelegd worden. Verder enkel belast met cijns en schattingen.

Gerechtsdienaar Andreas Witters zal de goederen apart oproepen en aan de meestbiedende toewijzen met eenmaal, andermaal, derdemaal. De goederen zullen op de gewoonlijke plaats worden geproclameerd van 8 dagen tot driemaal 8 dagen. Daarna zal op de eerstvolgende genachtedag de kaars ontstoken worden en op wie ze na wettelijk bannen uitgaat, zal de koop blijven. De originele koper zal zijn voorhogen hebben en daarna mag iedereen hogen tot de uitgang van de kaars. Elke hoge geldt 2 gulden Brabants Luikse valuatie te verdelen tussen hoger en verkoper volgens oud gebruik. Onmiddellijk na de kaarsbranding zal de gichte gebeuren en dan moet de volledige koopsom met alle hogen voldaan worden in gangbare gouden en zilveren munten. Alle rechtskosten zijn voor de koper: pontgeld, gichtgeld, kaarsbranding, roepgeld van ieder perceel 1 gulden. Conditiegeld en de kopie ervan 4 gulden. De koper van "den Rochter" moet 5 gulden lijcop bijdragen en die van de turfbeemd 7 gulden en moet verbruikt worden ten huize Henrick Tielens in Vurten nadat de palmslag zal gegeven zijn. Godsgeld van ieder perceel 5 stuivers. Al deze kosten komen bovenop de koopsom. De koper van het land zal het kunnen aanslaan half augustus 1777 en voor 2 jaren elk jaar 3 halster koren trekken. De turfbeemd kan de koper aanslaan half maart 1777 en voor de twee jaren telkens elk jaar 11 gulden en 10 stuivers trekken.

De condities werden publiek voorgelezen in het huis van Henrick Tielens in Vurten onder Coursel ter presentie van getuigen Thomas Reijmen en Andreas Witters, gerechtsdienaars.

Op dezelfde dag bood P. Norbertus Van Postel voor het perceel land "den Rochter" 1) 175 gulden Brabants Luikse valuatie. Hiervoor kreeg hij de palmslag. Van Postel verbeterde zijn koop met 15 hogen. Getuigen: P. Francis Ceijsens en Petrus Peeters. J. Josephus Reijnders hoogde met twee hogen af.

Voor 2) de turfbeemd bood Hendrick Reijnders 116 gulden Brabants Luikse valuatie boven de last. Hij kreeg de palmslag en stelde 25 hogen. Getuigen: Petrus Van Ubbel en sr. P. Norbertus Van Postel.

Op 3 januari 1776 hoogde P. Norbertus Van Postel Hendrick Reijnders voor 1) af met 1 hoge in het huis van Tielens in Vurten met getuigen schepen Wouters en Adriaen Peeten.

Kaarsbranding op 03.01.1776: de stukken bleven aan de laatste hogers. Op dezelfde dag vernaderde Hendrick Reijnders het land van Van Postel.

 

1777, 31 juli. Folio 284

Joannes Briers man en momber van Agnes Elens draagt op tot behoef van Peeter Videls twee percelen land, de helft toebehorend aan Jan Videls. Het eerste genaamd "het Muerken" gelegen in Schuelen, grenst Francis Van Swartebroeck O, de Kercke Stege Z, Nicolaes Spex W, joufr. Hussen weduwe N. Het andere half perceel genaamd "het Bertens Hoff" in Schuelen grenst Nicolaes Spex O, de schanssteeg Z, Jan Lambrechts W, Willem Maris N. Voor 7 gulden en 10 stuivers Brabants Luikse valuatie eens. Deze goederen zijn belast met 200 gulden kapitaal aan advocaat Vossius van Hasselt, met 6 stuivers en 1 oort jaarlijks aan Piro Swartebroeckx, met cijns en schattingen. Peeter Videls werd in het goed gegicht met recht.

 

1777, 14 augustus. Folio 286v

Lambertus Lambreghs verzoekt te releveren de goederen die hen zijn toegevallen na de dood van Joanna Henrickx zaliger weduwe van Jan Jans, zijn overneef. Het gaat om huis en hof gelegen onder Schuelen op den Abeel, grenzend de Stegh O, "het Lanckvelt" Z, Herman de Meer en Hendrick Stessens W, de heeren straet N; een perceel land in Schuelen genaamd "het Lanckvelt", grenzend de steghe O, de kinderen Jan Weijens Z, Arnoldus Enckels W, Herman de Meer en Paulus Vrancken met het voorschreven huis en hof N.

 

1777, 18 augustus. Folio 287

Akte van 22 juli 1777 van notaris P. Eyben residerend binnen Hasselt. Joannes Van der Eijcken inwoner van Schuelen 1) en joufr. de weduwe van de heer Joannes Hussen geboren Van de Putt, burgerin en koopvrouw binnen Hasselt 2) verschenen bij de notaris. 1) verkoopt een derde deel in "Bruckmans Bosch" gelegen in Schuelen, ongeveer 3 sillen groot in zijn geheel. Marie Catherine Simons en Marie Lambrichts weduwe van Franciscus Van der Eijcken bezitten de overige 2 derde delen. Het grenst O de edele heer de Libotton, W Jan Vernijns, Z Hendrick Schepers en N de heer Briers. Het derdedeel kwam hem toe van wijlen zijn nicht Catharina Coenens weduwe van sr. Francis Stillekens, zoals blijkt uit haar handgeschreven testament en eigenhandig ondertekend en gewaarmerkt door notaris N. Kips. Verkocht voor 200 gulden Brabants eens. Enkel belast met 7 oort cijns in zijn geheel en dorpsschattingen. Lijckop naer landtcoop, godsgeld 5 stuiver. Aan de koopsom werden achterstallige landhuur en huishuur afgetrokken. Opgemaakt in het huis van 2) in de Demerstraet ter presentie van getuigen Adamus Semsteen en Lucia Theunis, getuigen. Op 18 augustus werd deze akte voorgelegd ter realisatie.

 

1777, 11 september. Folio 289v

Arnoldus Enckels als vader en momber van zijn kinderen Maria en Catharina Enckels verwekt uit de schoot van Catharina Stoels, zijn eerste huisvrouw zaliger, verzoekt te releveren de goederen die hen zijn aangekomen na de dood van Jan Jans zaliger en daarna Joanna Henrickx als tochtster onlangs uitgestorven: huis en hof onder Schuelen op den Abeel, de stegh O, het Lanckvelt Z, Herman de Meer en Hendrick Stessens W, de heeren straet N; een perceel land daar genaamd "het Lanckvelt", de stegh O, de kinderen van Jan Weijens Z, Arnoldus Enckels W, Herman de Meer en Paulus Vrancken met het voorschreven huis en hof N.

 

1777, 25 september. Folio 290

Condities voor publieke verkoop op 7 juli door Maria Claes, opgemaakt door J. Nulens notaris. Verkoopt een torfbrouck “het Streepken” in Coursel gelegen, palend Jacobus Leijsen O, Henrick Corvers W, Jan Wentiens N en de heide Z. Condities lezen in de originele registratie indien gewenst. Godsgeld 5 stuivers, lijcop 5 schellingen van ieder honderd te verbruiken ten huize Jan Lemmens nadat de palmslag zal gegeven zijn. Het goed is enkel belast met cijns en dorpsschattingen. De condities werden voorgelezen in het huis van Jan Lemmens "gestaen op die Witterswinninge" in Coursel in presentie van Joannes Van Ubbel en Jacobus Van Ubbel, getuigen. Jacobus Leijsen bood 165 gulden Brabants Luikse valuatie, waarop hem de palmslag werd vergund. Getuigen: Henricus Mattheus Reynders en Andreas Vaes.

Op 25 september 1777 heeft schepen Wouters deze akte voorgelegd ter realisatie.

Joannes Put van Coorsel, die woont omtrent de Witterswinninge, heeft het goed vernaderd als naaste bloedverwant op 5 september 1778.

 

1777, 09 oktober. Folio 292

Gaspar Waroux met zijn huisvrouw Christina Van de Voort wonend in Berbrouck leggen een akte neer gepasseerd voor notaris Dionisius De Winghe op 8 juli 1775, verzoekend realisatie. Christina Van de Voort stemt met de akte in.

Extract uit het protocol van de notaris Dionisius de Winghe zaliger berustende ter greffe van de hoge justitie van de stad Hasselt. Op 8 juli 1775 verscheen bij de notaris residerend in Hasselt Gaspar Warous geassisteerd door zijn huisvrouw Christina Van de Voort, instemmend, inwoners van Berbrouc. Ze verkopen tot behoef van de heer Jacobus Roelants inwoner van Hasselt een sille broek gelegen op de "Haudt Bempt" onder Schuelen, onbelast. Hij grenst de heer Cox met consorten 1), de Alde Laeck 2), Matthijs Jors 3) en de acceptant 4). Verkocht voor 100 gulden Brabants. Getuigen: Joanna Maria Vaes en Marie Joanna Bertholeijns.

 

1773, 04 november. Folio 301

Martinus Pulinx, namens de erentfesten heer Gaspar Cox oud-presidentschepen en burgemeester van de stad Hasselt, legt een akte neer beschreven door notaris O. Pijp op 20 oktober laatstleden. Het gaat om de koop van 10 sillen broek onder Schuelen omtrent de Poterije brugge gelegen, genaamd "die Langh Roten", door Cox van de erentfesten heer advocaat Lamb. Dierna wonend in Luik. Het goed grenst de heer secretaris Roelants en secretaris Van de Laer "Ronde Roten" O, de oude Herck en "die Keijsers Weijde" Z, Henricus Kerckhoffs en de stichting van de heer Eijben W, de heer Erckenteel N. Pulinx verzoekt realisatie. De schepenen houden de akte van de notaris voor gerealiseerd en geapprobeerd en de heer Gaspar Cox wordt als koper in het goed gegicht en gegoed met recht.

Akte van 20 oktober 1773. Present is de heer Gerardus Briers schoonzoon van de erentfesten heer Gaspar Cox die in diens naam koopt voor 2600 gulden boven 8 gulden conditiegeld en 9 gulden voor een ton bier lijcoop. De verkoper reserveert voor zich de schadevergoeding voor het maken van de Nieuwe Snede van de rivier "die Nieuwe Herck". Opgemaakt binnen Hasselt ten huize G. H. Briers in presentie van getuigen de E.H. Van Brabant en Peeter Willems.

 

1777, 08 november. Folio 303

N. N. Van Postel in de naam van de heer Verelst pastoor van Coorsel verzoekt te releveren de goederen die de pastorij van Coorsel aangaan na de dood van de heer Gentis zaliger, ook pastoor van Coorsel.

 

1777, 09 november. Folio 303

Relief na het overlijden van Daniel Moens en Maria Van Melbeeck, ouders, door Jan Moens, Francis Moens, Daniel Moens, Hubertus Tielens man en momber van Agnes Moens, Arnold Pollers man en momber Mileen Moens, Maghiel Rogiers nomine uxoris Elisabeth Moens, Vincent Helghen man en momber Maria Moens en Catharina Moens. Het betreft 1) een beemd aan die Kieselvoort gelegen, grenzend die Kieselvoort O, joufr. Catharina Van Ubbel N, Hendrick Maghiels Z, hun eigen erf W. 2) een perceel land omtrent die Kieselvoort, grenzend hun eigen erf O en Z, joufr. Catharina Van Ubbel W, de erfgenamen Geert Lauors N. 3) een perceel beemd omtrent die Kieselvoort, palend hun eigen erf N, de Winterbeeck Z, Hendrick Maghiels W.

 

1777, 09 oktober. Folio 303v

Voorwaarden waarop Jacobus Theunis op 23 oktober 1776 publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zal verkopen een stuk land met annex schaarbos in Castel onder Stal gelegen, grenzend Willem Witters O en Z, Gerardus Tijsmans W en Jan Lekens N. Belast met 2 halsters jaarlijks aan de armen van Coorsel, met s' heeren grondcijns en dorpsschattingen. Aan te slaan half augustus eerstkomend 1777. Voor dit jaar zal de koper 5 halsters koren en een vat genieten. De condities kunnen door de geïnteresseerden in het register gelezen worden. Iedere hoge geldt 2 gulden Brabants Luikse valuatie. Godsgeld 5 stuivers, lijcop een half ton bier te verbruiken in "den Valentijn" in Stal nadat de palmslag zal gegeven zijn en een ducaat of 17 schellingen als kermis voor de huisvrouw van de verkoper. De condities werden voorgelezen in den Valentijn in Stal onder Coursel in presentie van Joannes Swerdts en sr. S. M. Convents secretaris van de justitie Oostham, getuigen. Notaris J. Nulens.

Agnes Van de Bergh kreeg de palmslag voor 355 gulden Brabants Luikse valuatie en zette 5 hogen.

Op 9 oktober 1777 werd deze akte voorgelegd door schepen Wauters aan de schepenen ter registratie.

 

1777, 20 november. Folio 306

Arnoldus Deijckx en Hendrick Deijckx, wonend in Donck, dragen op tot behoef van de mombers van de kinderen van Mattheijs Strampers en Anna Catharina Weijns zaliger een perceel land van omtrent 5 coppen genaamd "die Woelfcuel" in Reuw gelegen, palend de kinderen van Mattheijs Strampers O, de heeren straet Z, de erfgenamen Peeter Van de Laer Z, de erfgenamen Jan Fillici N. Voor 139 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Het goed is belast met cijns en gemene dorpsschattingen maar verder niet. De kinderen van Mattheijs Strampers kwamen ter gichte.

 

1777, 20 november. Folio 306v

Peeter Claes en Maria Claes verkopen aan Maria Aerts een perceel land en broek gelegen in Coorsel aan de Coorselsche schans, genaamd "het Gemeijn Goer". Het goed grenst Jan Beckers Van Sint-Lambrechts-Herck O, de schansveste W, s' heeren straet Z, Jan Reijnders N. Voor 780 gulden Brabants Luikse valuatie eens verkocht. Niet belast boven grondcijns en dorpslasten. Het broek kan aangeslagen worden half maart eerstkomend en het land half augustus.

 

1777, 04 december. Folio 307v

Voorwaarden waarop Hubertus Willems in aanwezigheid en met instemming van zijn echtgenote Ida Convents op heden 23 oktober 1777, na voorgaand kerkengebod, publiek aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zal verkopen een torfbempt vulgo genaamd "d'Eghde" in Coorsel gelegen. De beemd grenst Carolus Dries O, Mattheus Lemmens W, de Winterbeek Z en de oude beek N. Vrij van lasten met uitzondering van grondcijns en dorpslasten. Condities zijn te lezen in het register indien interesse. Ieder hoge geldt 2 gulden, te verdelen tussen hoger en verkoper naar oud gebruik. Koopsom met alle hogen voldoen op dag van gichten, die doorgaat onmiddellijk na de kaarsbranding. Koopkosten betalen door koper bovenop de koopsom zoals conditiegeld en kopij ervan 4 gulden, roepgeld 1 gulden en daarnaast 15 gulden als kermis voor de huisvrouw van de verkoper, 5 stuivers godsgeld en 15 gulden lijcop te verbruiken in het huis van magister P. F. Convents nadat de palmslag zal gegeven zijn. Het goed is onbelast op grondcijns en schattingen na.

De condities werden voorgelezen in het huis van de magister hiervoor staand in het dorp van Coorsel in presentie van P. F. Convents en Joannes Clemens Covents als getuigen. Attestor J. Nulens notaris.

Peeter Leijsen kreeg de palmslag voor een bod van 755 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Leijsen verbeterde zijn koop met 30 hogen.

Op 4 december 1777 werd deze verkoopsakte voorgelegd door schepen Wauters, verzoekend realisatie.

 

1777, 04 december. Folio 309v

Hendrick Van der Heijden man en momber Anna Pieters, Jan Andries Pieters, Willem Houben nomine uxoris Catharina Fredrix verzoeken te releveren het goed dat hen is aangekomen na de dood van Geert Geijsen en Maria Fredrix "van suster en susters kinderen zaliger": huis en hof gelegen in Schuelen "van vier parceelen den heer advocaet Hilst, jouffr. Hussen en Merten Oppre, Agita Van Kosen, Renier Lecleer oosten, die heeren straet noorden, den heer Briers westen, den heer advocaet Hilst suijden"; een perceel land genaamd "het Groet Velt" in Schuelen, grenzend de heer advocaat Hilst W, jouffr. Hussen Z, s' heeren straet O, Lambertus Lambrechts N; een perceel land genaamd "den Sterff Pierinck" in Schuelen, palend Jan Stappers O, Barbera Belmans N, mijnheer Libeton W, s' heeren straet Z.

 

1777, 04 december. Folio 309v

Relief der erfgenamen van Petrus Van de Laer. Verwarrende opsomming erfgenamen. Peeter Van de Laer en Christina Polis zijn overleden. Geert en Andries Vandelaer, Hendrick Van der Lijden man en momber van Magrita Van de Laer, Marten Vrancken man en momber van Ide Vandelaer releveren: 1) huis en moeshof op de Sint-Jorisschans gelegen, grenzend de erfgenamen van de heer secretaris Scrots O, Z en W, de graeve N. 2) de helft van de voorschans, Andries Tijs met de erfgenamen van de heer Scrots Z, de voorschreven schans met joufr. Van Henis N. 3) een stuk land grenzend de voorschreven schans O, de voorschans Z, Willem Maris W en N. 4) een stuk land genaamd "de Wolfkeele", grenzend de kinderen Matijs Strampers O, de heerestraet Z en W, de kinderen Jan Fillici N (cijns 1 oort). 5) een stuk land "Laermannekens Landt" regenoten Willem Van de Vinne O en N, de stege Z, Gerrardus Wierox W. 6) een stuk land "Bellemans Hijde", de kinderen Jan Fillici O, Jan Jaers Z, de weduwe Jan Stappers W, "den Schapperen Bosch" N (1 stuiver cijns). 7) een half sille broek in "den Cuijpers Bamt" uit een bonder, waarvan de andere percelen toebehoren aan de heer Van Dormael. Grenzend de heer prelaat van Averbode O en W, de voorschreven heer Van Dormael Z, schepen P. Aers N (een oort cijns).

 

1777, 09 december. Folio 310

Deling tussen de kinderen van Peeter Van de laer en Christina Pols zaliger: Geert Van de Laer, Andries Van de laer, Hendrick Van der Leijden nomine uxoris Margrita Van de laer, Marten Vrancken nomine uxoris Ida Vandelaer. Goederen werden verdeeld in 4 kavels. Kavel A: 1) huis en moeshof op de Sint-Jorisschans in Schuelen gelegen, grenzend de erfgenamen van de heer secretaris Scroets O, Z en W, de grave N. 2) de helft van de Voorts schans in Schuelen, de erfgenamen van de heer Scroets Z, de Voers schans N. 3) een stuk land grenzend de voorschreven schans O, de voorschans Z, Willem Maris W en N. Belast met 5 schillingen aan Willem Maris. (Is het Voerts schans of voorschreven schans??)

Kavel B: 4) een stuk land genaamd "de Woelfsheel" in Schuelen, grenzend de kinderen Mattheijs Stappers O, de heeren straet Z en W, de kinderen Jan Fillici N. Is belast met 10 gulden jaarlijks aan Peeter Peellenders van Kermpt.

Kavel C: een stuk land "Bellemans Heijde" in Schuelen, grenzend de kinderen Jan Fillici O, Jan Jaers Z, de weduwe Jan Stappers W, "den Schaeperen Bosch" N.

Kavel D: een stuk land "Laermannekens Landt" in Schuelen, regenoten Willem Van de Venne O en N, de stege Z, Geert Wierox W. Het is belast met 2 gulden en 7 stuivers en 2 oorden. Verder een half sille broek in "den Cuijpers Bampt" uit een bonder, waarvan de andere percelen toebehoren aan de heer Van Dormael van Diest. Grenzend de heer prelaat van Averbode O en W, de voorschreven heer Van Dormael Z, schepen Paulus Aerts N

Kavel A viel aan Geert Vanderlaer; kavel B aan Andries Vanderlaer, kavel C aan Hendrick Vanderleijden man en momber Magrieta Vandelaer, kavel D aan Martinus Vrancken en zijn vrouw Ida Van de Laer.

Geert Van de Laer moet aan zijn broer en twee zwagers 16-10 eens geven voor "sinker houter" enz. Martinus Vrancken moet aan Geert Vanderlaer voor een termijn van 2 jaren geven 4 gulden. Martinus Vrancken moet onderhouden "van plecken".

 

1777, 18 december. Folio 311v

Jan Vrancken legt een akte neer beschreven door notaris Pet. Adr. Ridderbeecks van Hasselt op 9 december 1777 en verzoekt de realisatie van deze vernadering. Het goed betreft een perceel land gelegen in Schuelen omtrent den Abeel, grenzend de kinderen van Paulus Vrancken O, het Lanckvelt van Lambertus Vrancken en consorten Z, de erfgenamen Herman de Meer W, de Neerstraet N.

Akte. Voor de notaris verschenen de heer Joannes Ren. Jac. de Borman regerende burgemeester van de stad Hasselt en zijn huisvrouw joufr. Cat. Marg. Gillis. Ze dragen omwille van vernadering tot behoef van Jan Vrancken als bloedverwant van Christina Vrancken een goed op van 2 vat saijens gelegen onder Schuelen dat toebehoord heeft aan Christina Vrancken voorschreven. Het werd door de heer burgemeester L. Gillis zaliger, hun schoonvader en vader zaliger, op 11 februari 1766 gekocht volgens condities door dezelfde Gillis als notaris opgesteld. Die kocht voor 210 gulden boven 8 gulden 15 stuivers kosten. De totaalsom van 218 gulden 15 stuivers hebben ze nu uit handen van Vrancken ontvangen en ze verklaren op het goed geen recht meer te hebben. Getuigen: Gertruijd Stes en Arn. Gielkens.

 

1777, 18 december. Folio 321

Goris Van Hees, Jan Clonen man en momber Elisabeth Van Hees, Anna Maria Sipers weduwe Hendrick Van Hees namens haar zoon Guielhelmus Schapmans man en momber van Magdalena Van Hees (partij zeer onduidelijk beschreven) verzoeken te releveren na de dood van Jan Van Hees zaliger: huis en hof gelegen in Linckhout, grenzend de heer Pitteurs van Sint-Truijden O, Jan Cleijens W, Anna Vrancken en Cornelis Boes N, de gemeijn straet Z; een sil broek in Schuelen in "den Berbier", palend de Capeldeijck O en N, de erfgenamen joffr. de Cleroe W, de commoderije van Bencem Z.

 

1777, 23 december. Folio 316v

Jacob Weijnants, Lambrecht Wijnants, Anna Wijnants, Jacob Vaes, Elisabeth Vaes, Michiel Claes, Jacob Claes, Marie Claes verzoeken te releveren na de dood van hun oom zaliger Jan Hendericx: een perceel broek onder Coorsel genaamd "het Hemelrijck" (voor 3 delen), grenzend Jan Rijnders, Catharina Smeets O, Jan Schroijen en de erfgenamen voorschreven W, s'heeren aert Z, de oude beek N; een perceel broek onder Coorsel genaamd "het Stripken", Jacobus Lijsen O, Catharina Smeets W, s' heeren aert Z, Jan Wuijtens N; een perceel land onder Coorsel genaamd "de Kaelradt", Jan Lemmens O, Jacobus Lijssen W, s' heeren aert Z en N; een perceel land in Coorsel genaamd "de Groote Hoofve", Jan Van Ubbel O en Z, Anna Hendericx W, Ludovicus Lekens N; een perceel land in Coorsel "de Kackelhooffve", Paulus Beerts O en W, de erfgenamen Michiel Claes Z, Jasper Vaes N. In de marge: Jan Vaes en Jacob Claes.

 

1778, 15 januari. Folio 317

N. N. Boelen, president-schepen van de hoge justitie van Hasselt, kwijt de panden van Hendrick Reijnders van Coorsel: huis en hof gelegen in Coorsel, grenzend Jan Matthijs Gijbels O, de heeren straet W en Z, de erfgenamen Jan Reijnders N. Kwijt het van een rente van 400 gulden Brabants Luikse valuatie kapitaal. Alle kosten, renten en kapitaal werden terugbetaald. Hendrick Reijnders kwam in de kwijting ter gichte. 1-17-2.

 

1778, 12 februari. Folio 321

Jaspaert, Piro, Brigita Commans (correct?) verzoeken te releveren na de dood van hun ouders Jan Commans en Brigita Lekens zaliger een perceel in Koorsel gelegen, grenzend Francus Schoeff O, Jan Reijnders W, Lowies Lekens Z, de Winterbeeck N; een beemd genaamd "den Gielis Bempt" in Coorsel gelegen, grenzend de erfgenamen van schepen Reynders N, Carons Dries W, de erfgenamen van Jan Coemans Z, Adriaen Peten O.

 

1778, 12 februari. Folio 321v

Anthoon Timmis(?) nomine uxoris Ida Commans, Jan Commans, Geert Put man en momber Maria Commans, Jan Willems man en momber Aldegon Commans, Hubert Jans man en momber Catharina Commans zaliger haar kinderen Jan, Catharina, Jasper Jans, Paulus Cruys nomine uxoris Christina Commans zaliger, Anna Catharina Cruys verzoeken te releveren het goed dat op hen is verstorven na de dood van ouders Jan Commans en Catharina Witters zaliger. Het gaat om een perceel broek genaamd "den Vaeren Bempt" in Coorsel, palend de erfgenamen Servaes Vaes O, Anthoon Van Herck W, des heere straet W, Piro Van Ubbel N; een perceel broek gelegen onder Coorsel genaamd "den Gielis Bempt" palend Mattheus Lemmens O, Carolis Dries W, Adriaen Peten Z, hun eigen erf N.

 

1778, 13 maart. Folio 322v

De heer meier Vaes staat af en draagt op een perceel broek gelegen onder Schuelen omtrent de grote molen, groot 2 sillen, grenzend O de nieuwe Laeck, O-Z de oude Laeck, de oude Laeck Z, het gemeijn broeck W, de koper N. Draagt het op tot behoef van Anthoon Pauwels voor 550 gulden Brabants Luikse valuatie boven twee schellingen jaarlijks aan de kerk van Herck, dorpslasten en grondcijns. Lijcoop 4 schellingen, godsgeld 2 stuivers. De 500 gulden Brabants Luikse valuatie blijven aan het perceel gehypothekeerd staan aan 4%, dus jaarlijks 22 gulden Brabants Luikse valuatie. Eerste valdag in 1779 op deze datum. Terugbetalen kan in twee keer: de eerste keer met 300 gulden. De koper stelt als onderpand een perceel broek naast het voorschreven broek gelegen, groot een sille, grenzend O en N de nieuwe Laeck, Z de verkoper, W het gemijn broek. Als de koper de eerste afbetaling van 300 gulden doet, zal het onderpand ontslagen worden. De koper zal zijn weg hebben over de dijk langs de nieuwe Laeck en alle lasten voor het droogmaken zijn tot last van de koper. Meier Vaes werd in de rente van 22 gulden Brabants Luikse valuatie jaarlijks gegicht en Anthoon Grauwels werd in het voorschreven perceel broek gegicht en gegoed met recht.

 

1778, 22 juni. Folio 326v

Joannes Slangen heeft verkocht en draagt op aan Andries Slangen een perceel land gelegen in Stal onder Coorsel, genaamd "de Haeve", grenzend O Aert Convents, W notaris Van der Aa, Z de Heere straet, N Daniel Convents. Voor 1390 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Het goed is enkel belast met cijns en schattingen. Andries kwam ter gichte.

 

1778, 26 juni. Folio 326v

Conditie proclamatoriael volgens welke Jacobus Claes met zijn consorten, allen erfgenamen van hun oom Joannes Hendrix, op heden 20 mei 1778 na voorgaande kerkengebodt aan de meestbiedende met hogen en uitgang van de brandende kaars zullen verkopen een turfbeemd genaamd "het Hemelrijck" in 't Oversel in Coursel gelegen. Hij grenst de E.H. Gaspar Smeets O, Jan Schroijen W, de gemene heide Z, de oude beek N. Los en vrij van lasten met uitzondering van grondcijns en dorpsschattingen. Eerst zullen twee derdedelen van de beemd aan de westzijde worden opgeroepen door gerechtsdienaar Andries Witters en daarna het 1/3 deel oostwaarts grenzend aan de voorschreven E.H. Smeets. Hogen van 2 gulden Brabants Luikse valuatie te verdelen tussen hoger en verkoper. Andere condities kan men desgewenst lezen in dit register. Lijcoop van iedere 100 gulden 5 schellingen te verbruiken ten huize Jan Lemmens nadat de palmslag zal gegeven zijn. Enkel grondcijns en dorpsschattingen staan als last aan de goederen. De condities werden voorgelegd ten huize van Jan Lemmens op de Witterswinninge in Coursel ter presentie van magister P. F. Convents en Gaspar Smeets als getuigen.

De verkopers zijn Jacobus Claes, Mighiel Claes, Jacobus Vaes, Jan Vaes, Jan Lemmens, Jacobus Wijnants, Lambertus Wijnants en Anna Wijnants die tekenen. Ondertekend door notaris J. Nulens.

Op dezelfde dag kreeg Elisabeth Vaes de palmslag voor de beemd westwaarts voor 422 gulden Brabants Luikse valuatie eens en ze verbeterde de koop met 10 hogen. Zelfde plaats, zelfde getuigen.

Lambertus Wijnants bood voor de derdedeel van het Hemelrijck oostwaarts de som van 225 gulden Brabants Luikse valuatie en kreeg de palmslag. Hij verbeterde zijn koop met 10 hogen.

Henricus Vandewijer hoogde Lambertus Wijnants af met 5 hogen en vervolgens Elisabeth Vaes op de 2/3 delen met 10 hogen.

Op 26 juni 1778 heeft Henricus Vandewijer deze akte voorgelegd aan de schepenen ter realisatie en approbatie.

 

1778, 16 juli. Folio 330v

Willem Houben met zijn consorten dragen op tot behoef van Peeter Cox een "vinnie" gelegen in Schuelen op die Stap, volgens onderstaande condities.

Conditie. Verkoop door Willem Houben, Hendrick Vanderheijden en Jan Andries Pieters van 1) huis en hof in Schuelen gelegen op die Stap met 4 percelen. Het grenst de heer advocaat Hilst, jouffr. Hussen, de weduwe Merten Oppre, Agata Van Cosen en Renier Lecleer O, de heeren straet N, de heer Briers W, advocaat Hilst Z. 2) Een perceel land genaamd "het Groot Velt" in Schuelen grenst advocaat Hilst W, joufr. Hussen weduwe Z, s'heeren straet O, Lambertus Lambrechts N. 3) Een perceel land genaamd "den Sterffpierinck" in Schuelen grenst Jan Stappers weduwe O, Lambertus Belmans N, mijnheer Libeton W, Willem Vande Vinne Z. Huis en hof zijn belast met 5 schillingen jaarlijks aan mijnheer Briers van Hasselt en met 7 stuivers aan de kerk van Berberoeck. De hof achter de schuur geldt 7 stuiver 2 oort aan de anniversarie in Herck. 4) Een perceel "de Wolffskuijl" in Schuelen grenst Lambertus Lambrichts W, de weduwe Peeter Pluggers N, Gielis Mertens en Peeter Motmans O, s'heeren straet Z. De helft van de oogst is voor de koper en de andere helft voor de pachter in 1779.

 

1778, 02 augustus. Folio 331v

Akte van notaris L. M. Hermans residerend binnen Herck van 23 maart 1774. Caspart Waerniers inwoner van Berbrouck heeft volgens condities van 9 maart opgesteld door deze notaris opgedragen een bloek gelegen onder Schuelen, groot 8 roeden "vree wesende". Het grenst s'heeren straet Z, "het Thiende Bloek" W, sr. Joris Belick O en N de weduwe Peeter Schuermans. Verkocht aan Francis Vaes voor 400 gulden Brabants eens, lijcop een half ton goed bier. Het bloek is enkel belast met grondcijns en schattingen. Opgemaakt in het woonhuis van de notaris binnen Herck genaamd "den Keyser" in presentie van sr. Petrus Van Oppre en joufr. Marie Gertrudis Van Melbeeck als getuigen.

De akte werd op 2 augustus 1778 binnen gebracht om te realiseren.

 

1778, 22 oktober. Folio 338

Anthoon Grauls en Lambertus Jaers verzoeken te releveren de goederen die op hen zijn aangekomen na de dood van Matthijs Jaers zaliger: een zille land gelegen op "de Bertbosch" onder Schuelen, grenzend de edele heer Stappers van Sint-Truiden O en N, joufr. Kenis weduwe W, joufr. Hussen weduwe Z; het derde deel van "de Graes Bempt" gelegen in Schuelen, palend Matthijs Jaers O en N, de broekstraat W en Z.

 

1778, 22 oktober. Folio 338v

Relief na het overlijden van hun broer Jan Van Ubbel door Aert Van Ubbel, Catharina Van Ubbel wed. Jan Jeuris, Henrick Van Dueren manmomber Anna Van Ubbel, Jan Pelsers nomine uxoris Gertruijdt Van Ubbel. Ze releveren: het wedergedeelte van de hof in Schalbroeck, grenzend het wedergedeelte O, de straat Z, Lambertus Dierix W, Jan Biessemans N; een perceel broek “het Laeters Eersel” in Schalbroeck, palend de gemeijnten aert O, de heeren straet N, Maghiel Van Uijtrecht W, de aftrek van de vijver van de hertog van Arenberg of de oude beek Z; een perceel broek in Schuelen, palend den Molenwegh W, Jan Hulssaegen Z, de heer baron de Blisia van Louw O, Renier Le Clair en Jan Drijvers N.

 

1778, 03 december. Folio 341

Conditie en voorwaarden waarop Francis Van Swartebroux als man en momber van zijn vrouw Anna Maria Fillici en met haar instemming, Nicolaes Vandepoel als man en momber van zijn vrouw Maria Gertrudis Fillici en met haar instemming, Joannes Fillici, Hendrick Cleren als man en momber van Anna Fillici en met haar instemming, Joannes en Peeter Seijrdon zonen van Peeter Seijrdon en Maria Catharina Filiici, kinderen en erfgenamen van wijlen Joannes Fillici en Helena Vanswartebroux en Aldegonde Drooghmans dochter van Joannes Drooghmans en Helena Van Swartebroux op heden 25 juli 1778 publiek aan de meestbiedende, na behoorlijke aankondigingen in Hasselt, Sint-Truiden, Schuelen, Lummen, Herck enz. zullen verkopen 1) een "seer comaet en wel gelegen huijs", schuur, stallingen, paenhuijs met brouwerij, warmoeshof, boomgaard met aanhang gelegen in het dorp Schuelen, jurisdictie van de vrijheerlijkheid Lummen. Het is ongeveer 2,5 vaten zaaiens groot en gelegen omtrent de kerk van Schuelen. Het is afgekomen van wijlen Leonard Van Swartebrouckx, hun oom zaliger. Het goed grenst des heeren straet Z, schepen Van der Eijcken met "de Wetsaert" N, de steeg O en het kerkhof W. Ze stellen verder nog te koop: 2) een perceel land "die Heuf", 3 vaten zaaiens groot, grenzend Jan Stappers en Matthijs Joors; 3) een perceel land genaamd "de Meer", 2 vaten zaaiens groot, grenzend de weduwe Jan Stappers O, Jan Viedelo W, Peeter Schurmans of de veldsteeg Z en joufr. de weduwe Hussen N; 4) een perceel land gelegen in Rue onder Schuelen, 3 coppen groot, grenzend joufr. de weduwe Hussen W en O, s'heeren straet N, Aldegond Strauven weduwe Jan Stappers. 5) een weide gelegen in Schuelen in 't Daelbrouck, een half bonder groot, palend des heeren straat W, de heer Roelants Z, de erentfesten heer advocaat van Hilst O, de Laeck N. Ze verkopen alles zoals het zich daar bevindt, met brouwerij, paanhuisgerief, ketels, kuipen enz. en bijgaande hof. Het goed is belast met 15 gulden Brabants jaarlijks aan het klooster van Mariendael in Diest, met 10 gulden Brabants jaarlijks aan Sint-Sebastiaensgulde van Schuelen, met 10 gulen Brabants jaarlijks aan de O.-L.-Vrouwkerk binnen de stad Hasselt, 3 gulden Brabants jaarlijks aan zijne doorluchtige hoogheid de heer hertog van Arenbergh "voor den roeck van het paenhuijs te betaelen op het casteel tot Lummen", 3 stuivers 2 oort herberghs cooren aan de hertog voorschreven en een keur aan dezelfde, des heeren grondcijns, de dorpslasten en schattingen. Geen van deze lasten komen in mindering op de koopsom.

Het perceel land "die Heuf" 2) is belast met 4 vaten koren jaarlijks aan de armen van Schuelen in gebakken brood te leveren, 2 gulden 10 stuivers jaarlijks aan het jaargetijde in Schuelen en met cijns en schattingen.

Perceel land 3) "de Meer" is enkel belast met grondcijns en schattingen, evenals perceel 4) en de weide 5).

Bij de verkopers zijn er minderjarigen. Daarom zal hun gedeelte van de koopsom aan de goederen blijven staan aan 3,5% todat ze meerderjarig zullen zijn en ze indien nodig het geld kunnen krijgen van de kopers. Lijcop ten huize van Francis Van Swartebroux voorschreven van het huis en aanhang een half ton betalen en van ieder perceel een vierdel. Het huis is momenteel verhuurd aan Francis Van Swartebrouck en hij is pas zijn vierde jaar van de conditie ingetreden zodat de eventuele koper pas half maart over twee jaar het goed kan in gebruik nemen. De huur die nu half maart valt, is voor de verkopers. De weide kan in gebruik genomen worden op Sint-Andries toekomend, de landen nadat de "veddie daer sal uijtwesen". Al het hout is voor de verkopers. "Reserverende die vercoopers die confirmatie des vercoop voor tweemael 24 uren". De huurder mag eventueel bij het afvaren (weggaan uit het huurhuis) de jonge "eustboomken" van perelaren, appellaren, pruimelaren en andere jonge boompjes in de hof staande en door hem zelf geplant uitdoen en meenemen. Toen de huurder zijn huur inging, vond hij de hof half met koren bezaaid. Als hij weggaat, zal hij dat ook zo mogen doen en bij de oogt de helft van de opbrengst profiteren, namelijk op het veld mantelsgewijs delen. De huurder heeft nog geen hout gebruikt tijdens zijn termijn, daarom wordt voor hem het "aert ende strunckhaudt" op de voorschreven hof staande voorbehouden voor zijn laatste jaar. Verdere voorwaarden te lezen pagina 344 en volgende. Indien er iemand zou hogen die weet dat hij de koop niet kan voldoen, en de koop zou aan hem blijven, dan krijgt hij een boete van 3 gouden souverainen: een voor de kerk van Schuelen, een voor de officier en de derde voor de verkopers. Bovendien moet hij een eventueel verschil in koopsom bijbetalen met de extra gemaakte kosten. De kleinst mogelijke hoge bedraagt 5 gulden. Kopers moeten uiterlijk over 3 weken betalen in het huis van Francis Van swartebroux. Voorgelezen aan de omstaanders in Schuelen in het huis vrooschreven in aanwezigheid van de getuigen sr. Joannes Robertus Hermans en Herman Vandereijcken. Attestor L. M. Hermans, notaris.

Huis en aanhang en al wat erbij staat, bleef aan Francis Cleren voor 2420 gulden Brabants Luikse valuatie. Francis Van Swartebrouxs heeft echter dadelijk vernaderd voor zichzelf en voor zijn kinderen voor dezelfde som, waarin hem 1/6 toekomt.

Op 3 december 1778 heeft Francis Van Swartebroux de voorstaande conditie voorgelegd ter realisatie en approbatie.

 

1779, 14 januari. Folio 349

De edele heer Guilielmus Stappers, heer van Neder en Overhespen legt per missieve van 6 januari 1779 een akte neer van 10 december 1778 gepasseerd voor notaris J. A. De Cock residerend binnen Loven. Bovendien legt hij een extract neer gepasseerd voor de schepenen van de hoofdstad Loven op 2 december 1778, ondertekend door H. G. Marchant, secretaris. Hij verzoekt realisatie en approbatie.

Notariële akte 10.12.1778. Verschenen: de edele heer Josephus Nicolaus van Couwenhoven, heer in Winxele, Velthem, gewezen eerste burgemeester uit de adelijke geslachten van de hoofdstad Loven enz. naast zijn 38-jarige dochter de edele welgeboren jonkvrouw Maria Anna Van Couwenhoven, door hem verwekt in zijn eerste huwelijk met Maria Theresia baronnesse de Lardenoij de Ville 1) en 2) E.H. Vincentius Sebastianus Snoeckx regent van de pedagogie het Castrum binnen de universiteit Loven als speciale afgevaardigde van de edele heer Guilielmus Stappers heer van Over en Nederhespen, Gutsenhoven, Meersele, Brusthem enz. via schriftelijke commissie van 12 september laatstleden. 1) en zijn "compagne" de welgeboren vrouwe Emilia de Villers hebben aan de edele heer Stappers verkocht verscheidene percelen leen en andere goederen gelegen in Schuelen, via akte gepasseerd voor deze notaris op 14 juni 1777. De dochter had aan haar vader de goederen gegeven en zo toestemming gegeven om de goederen afgekomen van haar moeder te verkopen, maar dat is toch niet correct gebeurd volgens het Loons landrecht. De vader voor het vruchtgebruik en de dochter voor de eigendom dragen deze goederen nu samen op tot behoef van de edele heer Stappers via de E.H. Snoeckx, present. De goederen zijn beschreven in de eerdere akte en de gehele koopsom bedroeg 9250 gulden Brabants courant geld. De koopsom werd ontvangen boven 88 gulden 10 stuivers aan notaris de Cock voor rechten van verkoop. Getuigen: Josephus Brigode en Joannes Baptista Paulus. Attestor notaris J. A. De Cock.

Emancipatie. Extract uit het register van schepenakten van de heren van de hoofdstad Loven "primae camerae". Joncker Nicolaus Joephus van Couwenhoven oud-opperburgemeester van deze stad heeft geëmancipeerd en "uijt den broede gestelt" zijn dochter jonkvrouw Marie Anna Van Couwenhoven die hij in zijn eerste huwelijk met vrouwe Maria Theresia baronesse Lardonoij de Ville had verwekt. De officiaal Moermans stemt toe in aanwezigheid van joncker Ludovicus Joannes Baptista de Quaethovius heer van Holsbeek enz. en sr. Dionisius Vanderdoodt schepen. Actum 2 december 1778. Was getekend: H. G. Marchant secretaris.

 

1779, 11 februari. Folio 354

Akte van 19 september 1778, notaris L. M. Hermans residerend binnen Herck. Nicolaes Van de Poel en zijn echtgenote Maria Gertrudis Fillici, instemmend, zijn inwoners van Spalbeeck, Franciscus Van Swartenbroeck met zijn instemmende echtgenote Anna Marie Fillici, Joannes Fillici meerderjarige jonkman, Hendrick Cleeren met zijn instemmende vrouw Joanna Fillici en Aldegonde Drooghmans, meerderjarige jongedochter en dochter van Joannes Drooghmans en Helena Van Swartebroux zijn inwoners van Schuelen. Ze zijn kinderen en erfgenamen van wijlen Joannes Fillici en Helena Van Swartebroux. De notaris had condities opgesteld op 25 juli 1779 voor verkoop. Ze dragen elk hun 1/5 deel op in een weide gelegen in 't Daelbrouck onder Schuelen, een half bonder groot. Ze grenst des heeren straet W, de heer Roelants Z, advocaat Van Hilst O en de Laeck N. Tot behoef van Giraerd Oeijen, maar nu aan Joannes Fillici die vernadert als naaste bloedverwant. Voor 300 gulden Brabants Luikse valuatie, dus ieders deel is 60 gulden Brabants Luikse valuatie. De weide is enkel belast met cijns en schattingen. Opgemaakt in het huis van Franciscus Van Swartebroux in het dorp van Schuelen in presentie van getuigen sr. Laurentius Walt. Hermans en Hendrick Schepers.

Deze akte werd voorgelegd door Jan Fillici op 11 februari, verzoekend realisatie en approbatie.

 

1779, 25 februari. Folio 361

Jacobus Put legt een akte neer beschreven door notaris Joannes Nulens op 11 maart 1760, verzoekend realisatie. De schepenen realiseren en wijzen het ten register.

Akte. Bij de notaris residerend in Coursel verscheen Joannes Reijnders die verklaarde dat hij van Jacobus Put de som van 200 gulden Brabants Luikse valuatie ontvangen heeft. Joannes zal ervoor aan Jacobus jaarlijks 8 gulden Brabants geven met valdag op 11 maart. Te kwijten met gelijke som en eventueel met 100 gulden per keer. Pand: een beemd "het Lanckvonderken" onder Coursel, grenzend Jesper Reijnders O, Cobus van Ubbel W, d r fgenamen Henrick Reijnders N en Peeter Dries Z. Onbelast op cijns en schattingen na. Opgemaakt in het huis van de weduwe Henrick Van Postel in Coursel in presentie van getuigen Henrick Van Bilsen en Paulus Van Postel. Attestor Joannes Nulens notaris.

 

1779, 11 maart. Folio 365v

Egidius Tits, inwoner van Wuestherck, legt een testament voor van 12 januari(?) 1779 gepasseerd voor A. T. Kips commissaris van Herck. In dit testament wordt aan de broederschap van het Alder Hooghweerdighste in de kerk van Herck de derde part gelaten van een bos genaamd "den Brughmans Bosch" onder Schuelen gelegen. Het grenst "het Vagevier" van Matthijs Schepers en Anna Catharina Vanheel erfgenamen Jan en Sebastiaen Spex Z, de edele heer de Libotton W en N. Hij releveert het goed voor de broederschap op basis van het testament dat hierna geregistreerd wordt.

Testament van Marie Catharina Simons weduwe van Gerard Maes. Ze ligt ziek in bed. Ze wil begraven worden in gewijde aarde. Ze maakt aan het fabriek van Sint-Lambrecht van Luik 5 stuivers Brabants eens voor haar blind en onrechtvaardig goed. Ze maakt aan de broederschap van het Alder Heiligste in de kerk van Herck de derde part van een bos genaamd "den Brughmans Bosch" onder Schuelen gelegen, onbelast. Jaarlijks moeten ze daar 2 missen van requiem laten lezen tot lafenis van haar ziel. Attestor A. F. Kips.

 

1779, 29 maart. Folio 366v

Joufr. Maria Margarita Wauters begijn op het klein begijnhof binnen de stad Brusselt is geconstitueerd door de heer Joannes Andreas Coenen secretaris van Zoutleeuw. Hij draagt voor haar op tot behoef van Geert Wierix een perceel land gelegen in Schuelen genaamd "die Raetheijde", grenzend de abdij van Averbode en joufr. Hussen W, de edele heer baron de Blisia N, Willem Vandevinne en Jan Stappers O, de weduwe Stappers Z. Voor 960 gulden Brabants Luikse valuatie eens. Het goed is enkel belast met cijns en schattingen. Geerardt Wierix werd in het goed gegicht.