Zwavelzwam, Laetiporus sulphureus
Synoniemen:
Polyporus sulpfureus
Kenmerken van de zwam:
Het is een gele, halfronde zwam die meestal dakpansgewijs voorkomt. De randen zijn stomp en golvend. De bovenzijde is zeemleerachtig citroengeel of geeloranje, later zullen de kleuren naar bijna wit verbleken.
Voorkomend op:
Diverse loofbomen, vooral eik en robinia zijn erg in trek, maar ook op de tamme kastanje, wilg, populier, esdoorn en fruitbomen. Hij groeit meestal op de stammen en takken van bovenstaande bomen, meestal zit hij op of in wonden.
Soort aantasting:
Het is een bruinrotter die eenjarig is en op takken en stammen groeit. Hij kan rot veroorzaken aan de wortels, stam en stamvoet, hierdoor is hij erg gevaarlijk. Hij vreet het kernhout op, ook van eiken.
Kenmerken van aantasting:
Vooral bij eiken erg gevaarlijk, het is een van de enige zwammen die een eik zo snel gevaarlijk kan maken. Bomen worden windworp gevoelig, het kernhout wordt aangetast maar het spinthout blijft meestal staan, dat wordt dan weleens door andere paddenstoelen afgebroken omdat de boom dan al erg verzwakt is. In de winter kun je ze aantreffen als witte brosse paddenstoelen.